Angst voor een doorbraak

De moedige John Githongo, ooit ‘anti-corruptietsaar’ in Kenia, zei het zo: ‘Waarom zou je een advocaat inhuren, als je de rechter kunt kopen?’ Veel treffender kon het door en door verrotte juridische systeem in het Oost-Afrikaanse land niet worden omschreven. Maar zie, er gloort hoop.
De afgelopen weken konden Kenianen live via de televisie getuige zijn van een unieke gebeurtenis. De leden van de zogeheten Judicial Service Commission interviewden de kandidaten voor de post van Opperrechter en diens plaatsvervanger. De fluwelen handschoenen waren daarbij thuisgelaten.
Vooral Ahmednasir Abdullahi, de vroegere voorzitter van de Law Society of Kenya en een notoir onafhankelijk denker, gaf velen ervan langs. En zeker, de meningen over het optreden van de commissie waren zeer verdeeld. Maar iedereen voelde aan dat hier geschiedenis kon worden geschreven.
Dat gebeurde ook. De commissie droeg Willy Mutunga als opperrechter voor bij president Mwai Kibaki en premier Raila Odinga. Hij is een jurist die niet eerder in het gerechtelijk systeem heeft gediend en dus niet van binnenuit is besmet. Eerdere pogingen van hem om het corrupte systeem te veranderen, leverden hem zelfs gevangenisstraf op. Mutunga is waarlijk een hervormer.
En hij draagt een sierknopje in zijn oor.
Kibaki en Odinga hebben hun goedkeuring aan de nominatie gegeven. Het woord is nu aan het Keniaanse parlement. En dus aan die plek in de Keniaanse samenleving waar talrijke corrupte en soms ook anderszins criminele ‘volksvertegenwoordigers’ het tot nu toe zo uitstekend naar de zin hebben, juist door hun innige banden met corrupte rechters.
De benoeming van Mutunga, die dappere poging om ook juridisch de doorbraak naar het moderne Kenia mogelijk te maken, is voor veel politici dan ook een bedreiging. Sommige parlementsleden roepen daarom nu zelfs dat een man met een sierknopje natuurlijk nooit opperrechter mag worden.
Wat zij bedoelen is dit: ‘Als er een Mutunga over de dam is, volgen er meer. Daar worden alle Kenianen beter van – behalve wijzelf.’ De messen worden geslepen.
