Wie mag er naar Brussel?
Het zou zo maar kunnen dat de Poolse delegatie morgen met twee vliegtuigen naar de Europese top in Brussel komt aangevlogen. Niet omdat één vliegtuig te klein is. Wel omdat premier Tusk weigert om president Lech Kaczynski mee te nemen naar Brussel. Kaczynski wil wel naar de top en heeft al een eigen vliegtuig gecharterd. Zodat hij niet op de genade van Tusk – lees een plaatsje in het regeringsvliegtuig – is aangewezen.
Lech Kaczynski is van de conservatieve partij Recht en Rechtvaardigheid. Donald Tusk van het liberale Burgerplatform. Voordat Tusk aantrad als premier, bezette de tweelingbroer van Lech die stoel, Jaroslaw Kaczinsky. Toen was ‘t allemaal een stuk makkelijker voor de president. Die overigens in de kwestie van de top hardnekkig voet bij stuk houdt. Minister van Buitenlandse Zaken Sikorski heeft ‘m letterlijk gesmeekt af te zien van de trip naar Brussel. Kaczynski trekt zich er niets van aan. En aangezien ook premier Tusk niet van wijken weet, wordt het nog interessant morgen.
Tusk wil liever een vakminister meenemen naar de top. Het gaat om belangrijke zaken als de financiële crisisis en het milieu, dan heb ik meer aan bijvoorbeeld de minister van Financiën dan aan Kaczynski, zegt Tusk. ‘t Is niet het eerste conflict tussen Lech Kaczynski en Donald Tusk en vast ook niet het laatste. In de Poolse grondwet is niet duidelijk vastgelegd wie het voor het zeggen heeft in de buitenlandse politiek, president of premier. Bij de EU-top in september over Georgië gaf Tusk voorrang aan Kaczynski. Deze keer lijkt hij dat niet van plan. Dat zou hem degraderen tot de loopjongen van Kaczynski, schreef een Poolse krant.
Twee stoelen staan er in Brussel klaar voor de Poolse afvaardiging. Wie er op plaats nemen?
