Binnenland

  • Goed Bestuur op de eilanden kan wél worden afgedwongen

    Artikel van Bosman en Van Raak in de Volkskrant

    ‘Nederland kan goed bestuur niet afdwingen als bestuurders op de eilanden dat niet willen’, schreven VVD-Kamerlid André Bosman en zijn SP-collega Ronald van Raak maandag in de Volkskrant. De constatering van beide politici leidt tot de conclusie dat de eilanden maar beter voor een gemenebest-constructie kunnen kiezen. Vriendjes blijven, maar niet meer bij elkaar komen slapen, wordt hier op Curaçao gezegd.

    Goed bestuur is echter wel degelijk af te dwingen en er wordt dan ook druk mee geëxperimenteerd. Niet alleen op de voormalige Antilliaanse eilanden zelf, maar ook op de Caribische eilanden van het Verenigd Koninkrijk. In beide koninkrijken is daarvoor een speciale rol weggelegd voor de Gouverneur. De experimenten met een opgepoetste of nieuwe rol van deze vertegenwoordiger van de Kroon geven een andere invulling aan de oude koloniale banden. En het heeft succes!

    De gouverneur van Curaçao, Lucille George-Wout

    Statuut
    Het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden regelt de onderlinge relaties en wederzijdse verantwoordelijkheden van de landen in het Koninkrijk. Uit de officiële toelichting op het Statuut blijkt dat de waarborgfunctie van de Koninkrijksregering voor goed bestuur slechts dan aan de orde is wanneer in een van de Caribische Landen geen ‘redres van een ontoelaatbare toestand mogelijk is’. Vanaf 1954 -bij de ondertekening van het Statuut – tot aan 2012, toen de Curaçaose regering van Gerrit Schotte een aanwijzing kreeg, wist de Nederlandse regering zich eigenlijk geen raad met deze bepaling. Gevangen in de angst voor koloniaal te worden uitgemaakt, mat Nederland zich een laissez faire houding aan.

    Pas na de aanwijzing op Curaçao in 2012 en het rapport van de Commissie Rosenmöller en Transparency International op dat eiland en een rapport van de Commissie Wit en PricewaterhouseCoopers op Sint Maarten, kwam het besef in Den Haag dat de landen niet in staat zijn dergelijke toestanden zelf op te lossen. Dat de eilanden wellicht toch niet beschikken over alle noodzakelijke democratische voorzieningen om alle burgers bescherming te bieden is ook in Den Haag inmiddels duidelijk geworden. De ingrepen hadden hoogstwaarschijnlijk voorkomen kunnen worden wanneer de Koninkrijksregering in de voorafgaande periode actief invulling had gegeven aan de waarborgfunctie.

    Het is in deze context dat onder leiding van Bosman’s eigen VVD een nieuwe weg is ingeslagen in de relatie met de eilanden. Eerst kwam er in 2012 de ingreep op Curaçao, die een succesvol einde maakte aan het smijten met geld door de regering Schotte. Toen volgde de ingreep op Aruba – waarbij ondanks een hongerstakende premier – Nederland met succes het eiland weer bij de les kreeg om z’n begroting in orde te maken. Tenslotte greep Nederland in op Sint Maarten om te voorkomen dat een corrupte regering zou worden geïnstalleerd. Dat deze ingrepen weerstand oproepen is niet zo verwonderlijk. Tot 2012 pamperde Nederland de Antilliaanse eilanden en betaalde aan het eind van de problemen altijd weer de rekening. Het is dus even wennen, die nieuwe aanpak.

    Dr. Oberon Nauta (foto: Duco de Vries)

    Alternatief
    In het Nederlands Juristenblad van oktober dit jaar, doet dr. Oberon Nauta een belangwekkend pleidooi voor de alternatieve rol van de gouverneur in de relatie tussen moederland en autonoom overzees gebiedsdeel. Nauta is bestuurskundige en promoveerde aan de Universiteit van Utrecht op het onderwerp goed bestuur in de Caribische rijksdelen. Hij kijkt daarbij naar het alternatief waarvan de Britten hebben aangetoond hoe op een relatief eenvoudige manier effectief invulling gegeven kan worden aan de waarborgfunctie.

    De Gouverneur in de British Overseas Territories (BOT’s) vertegenwoordigt net als op de Nederlandse eilanden, de Kroon en is hoofd van de regering. Het cruciale verschil is dat de Gouverneur in het Britse model daadwerkelijk die rol uitoefent en iedere vergadering van de besloten ministerraad aanwezig is. En dat is doorslaggevend volgens de Britten voor een relatief soepele relatie met de overzeese eilanden en het hoge niveau van goed bestuur aldaar.

    Zijn aanwezigheid creëert, volgens Nauta, een situatie waarin op een laagdrempelige manier en onder de radar van de media op het hoogste bestuurlijke niveau kan worden afgestemd. In lokale aangelegenheden houdt hij zich afzijdig, maar wordt er naar het oordeel van de kroonvertegenwoordiger gesjoemeld met goed bestuur, dan mengt hij zich in de discussie. Nauta stelt dat de Britten hierdoor praktisch nooit gebruik maken van hun formele bevoegdheden en kunnen volstaan met de informele invulling van de waarborgfunctie.

    Juridisch kan het, want de formele rol van de Gouverneur zoals vastgelegd in het Statuut, de afzonderlijke Staatregelingen en de Reglementen voor de Gouverneur staat hem al toe bij de vergaderingen aanwezig te zijn en ‘toezicht te houden op de naleving van de rijkswetten en algemene maatregelen van rijksbestuur en van de verdragen en besluiten van volkenrechtelijke organisaties’, aldus Nauta.

    De uitdaging is niet om, zoals Bosman en Van Raak bepleiten, weer een nieuw staatkundig verband te verzinnen. Zeker niet als die alleen maar uitgaat van het schoonvegen van het Nederlandse straatje. De uitdaging is om af te rekenen met de politieke traditie van 60 jaar Statuut. Een periode waarin Nederland koste wat kost wilde voorkomen neokoloniaal gedrag te worden verweten. Een periode  waarin Nederland zich 60 jaar lang afzijdig hield van echte opbouwende bemoeienis met een democratie in wording.

    -0-0-0-

    1. Doe het zelf – Commissie Rosenmöller (september 2011)
    2. National Integrity System Assessment Curaçao – Transparency International (juni 2013)
    3. Eindrapport Commissie Integer Openbaar Bestuur – Commissie Wit  (juli 2014)
    4. Integrity Inquiry into the Functioning of the Government - PWC (oktober 2014)
    5. Waarborging van goed bestuur in de West – O. Nauta (oktober 2014)

     

    Geen reacties Lees verder →

  • Amstel Curaçao Race: Dertien jaar geen gaten in de weg gezien

    Joop Zoetemelk doet nog steeds graag mee met de race

    Vandaag was de laatste Amstel Curaçao Race. Leo van Vliet, de organisator van de jaarlijkse officieuze afsluiting van het internationale wielerseizoen, houdt het niet droog. En wellicht een paar honderd Nederlandse wielerliefhebbers ook niet.

    De race over het tropische eiland in de Caribische Zee is een traditie geworden, een unieke traditie. Waar ter wereld kun je als gewone man of vrouw tussen Bernard Hinault, Joop Zoetemelk, Jan Jansen, Niki Terpstra, de gebroeders Schleck, Michael Boogerd  en andere grootheden van heden en verleden starten in een wielercriterium?

    Ik bewaar goede herinneringen aan de jaarlijkse eerste zaterdag in november.

    Gaten in de weg
    Het is 2010. Aan de vooravond van de negende editie van de Amstel Curaçao Race spreek ik Leo van Vliet bij het Lions Dive hotel, waar start en finish is. De regen komt nog steeds met bakken uit de hemel . De tropische storm Tomás heeft net huisgehouden en de toch al krakkemikkige asfaltwegen van Curaçao zijn veranderd in een gatenkaas.

    Of de race nog doorgaat, vraag ik hem. Verbaasd over zo’n domme vraag, kijkt Leo mij aan en zegt: “Jij reed op weg hiernaar toe toch ook om de gaten heen!”

    Voor de gemiddelde weggebruiker op ons eiland is ergens om heen rijden niet zo eenvoudig als de voormalige bondscoach ons wil doen geloven. Vier fietspaden op 444 vierkante kilometer. 80,000 auto’s op de weg en ruim 11000 aanrijdingen per jaar. Gaten ontwijken gaat dus nog wel, maar wat dan? Je tegenligger doet dat ook.

    Maar Leo heeft gelijk. Wielrenners kennen geen tegenliggers en bovendien: ‘Coureurs zijn ook maar mensen”, verzekert hij mij. Met deze laatste opmerking slaat hij de plank echter mis. Hier op Curaçao weten iedereen namelijk sinds 2006 dat wielrenners helemaal geen mensen zijn.

    UCI World Cup
    Curaçao maakt zich dat jaar namelijk op voor de UCI World Cup Mountainbike Race. Voor het eerst in zijn geschiedenis. En de wereldtop maakt zich op voor Curaçao. Een uniek evenement, niet in de laatste plaats omdat het Leo gelukt is om drie Curaçaose jongens – onze top – aan de start te krijgen Jaime Perestrelo, Henry Dorego en Perry van de Wolde.

    Jongens die hier op het eiland alles winnen en de concurrentie ver achter zich laten. Jongens die het parkoers ook op hun duimpje kennen. Een aansprekende start en finish op het strand waar normaal gesproken half Nederland onder aanvoering van Gerard Joling ligt te zonnebakken.

    Raymond Kerckhoffs en Leo van Vliet organiseerden 13 jaar lang de Amstel Curaçao Race

    Bart Brentjens, ‘mountainbiketoerisme-ambassadeur’ voor Curaçao In Nederland heeft zijn collega’s al gewaarschuwd: “Ik denk dat veel mountainbikers zich verkijken op de temperatuur en het parkoers!” Tom Boonen, wereldkampioen In 2005, zei na de Amstel Curaçao Race dat jaar nog dat hij hier misschien wel meer moest afzien dan in Parijs-Roubaix of de Ronde van Vlaanderen. Daar ligt een kans voor onze jongens!

    Bescheidenheid
    Echte kenners, zoals bondscoach Henny Bonifacio, wisten deze aspiratie vlak voor de start wel iets te temperen: “Er vallen punten te verdienen voor kwalificatie voor de Olympische Spelen In Peking. Iedereen zal heel gemotiveerd zijn. We moeten dan ook niet verwachten dat onze jongens in de top, of subtop meedraaien. Maar als ze zich daarachter nestelen, zou dat al fantastisch zijn.”

    Wie de uitslagenlijst op internet terug zoekt, weet dat zelfs dat laatste niet is gelukt. Ergens in de duinen van Jan Thiel, waar een deel van het traject is uitgezet, wordt Curaçao met de neus op de feiten gedrukt. Daar wordt het eiland bescheidenheid geleerd.

    Er liggen daar zandheuvels op het parkoers waar ‘nog nooit een Curaçaose renner omhoog is gefietst’. Heuvels waar je beleefd voor afstapt en je fiets voor op de rug neemt. Die dag zien de Curaçaose jongens Bart Brentjes, Olympisch kampioen Julian Absalon en Christoph Sauser de heuvels op fietsen, zonder dat zij ook maar denken aan een fiets op hun rug. Alsof er geen hindernissen bestaan.

    Perestrelo, Dorego en Van de Wolde staren vanaf het begin van de race naar de achterwielen van de internationale profs en beseffen – samen met Curaçao dat deze mannen geen gewone stervelingen zijn.

    Stervelingen
    Curaçao neemt afscheid in 2014 van de Amstel Curaçao Race en fietst nu weer met gewone stervelingen over bergen en dalen en langs de gaten in de weg. Alsof ze dertien jaar niet bestonden.

    Leo van Vliet, Renaat Schotte en Raymond Kerckhoffs over het afscheid op Curaçao (met dank aan de NTR/Caribisch Netwerk, 5’23″)

    ——–

    Dit verhaal is een bewerkte versie, dat samen met vele andere verhalen ook te lezen is in het jubileumboek, samengesteld door Raymond Kerckhoffs: Tussen chillen en afzien, 10 jaar Amstel Curaçao Race.

    1 reactie Lees verder →

  • Nederland op Caribisch oorlogspad?

    Stembureau Curaçao

    Nederland is op oorlogspad. De laatste aanwijzing van de Rijksministerraad voor Sint Maarten is opmerkelijk, maar past in de nieuwe verhoudingen die het moederland heeft met de eilanden overzee. Niet eerder bemoeide Nederland zich zo nadrukkelijk met de poppetjes: de gouverneur krijgt opdracht te wachten met de benoeming van kandidaat-ministers en de kandidaat-minister-president op het Bovenwindse eiland. 

    De basis voor dit ingrijpen in de politieke constellatie van Sint Maarten ligt besloten in twee rapporten over de integriteit van het bestuur op het eiland, waarbij sprake is geweest van ongewenste belangenverstrengeling en misbruik van macht, op alle niveaus en bij cruciale instellingen van het openbaar bestuur van Sint Maarten. Een opmerkelijk vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie over stemfraude op het eiland was het laatste zetje dat Nederland nodig had, om te doen wat het voorheen nooit durfde: het aanpakken van corruptie in de politiek en het bestuur van de eilanden.

    Grondvesten
    Wie denkt dat het ingrijpen vanuit Den Haag een voorlopig hoogte- of dieptepunt is in de relaties binnen het Koninkrijk, moet ik teleurstellen: you ain’t seen nothing yet. Op Curaçao is een politieke ontwikkeling bezig die het Koninkrijk op z’n grondvesten zal doen schudden. Een ontwikkeling die door velen met lede ogen wordt aangezien, maar waar niemand vooralsnog een antwoord op lijkt te hebben.

    Voormalig premier Gerrit Schotte en Theo Heyliger zijn innig verbonden door een gezamenlijke, Italiaanse casinovriend: Franscesco Corallo. Deze Italiaanse maffiabaas heeft veel geïnvesteerd in het aan de macht krijgen van zijn kompanen in de politiek. Dat ging relatief eenvoudig. Schotte kreeg genoeg cash om met een vinger in zijn neus de eerste nieuwe premier van Curaçao te worden. Twee jaar lang ging dat goed en bijna mocht Corallo de scepter zwaaien in het instituut dat als enige geld mag drukken voor de twee landen, de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten.

    Aan de macht komen was geen probleem, aan de macht blijven wel. Het eerste en enige kabinet van Gerrit viel in augustus 2012. Een streep door de rekening van de mensen met nieuw geld. Die wezen het westerse, door Nederland geïntroduceerde  parlementaire democratische stelsel als schuldige aan. Dit stelsel maakte het mogelijk om regeringen naar huis te sturen. Bovendien konden individuele Statenleden binnen de eigen fractie een eigen koers gaan varen, waardoor een zittende regering niet altijd zeker is van steun en dus van behoud van de macht.

    Reforma
    Schotte bedacht met zijn geldschieters een nieuw parlementair systeem: Reforma, het Papiamentse woord voor ‘hervorming’. Kern van dit nieuwe systeem is dat het volk een leider kiest, zijn eigen minister-president en dat die – eenmaal gekozen – niet meer afgezet kan worden binnen zijn termijn. Hij kiest zijn eigen ministersploeg, die geen vertrouwen van het parlement nodig heeft om te kunnen (blijven) regeren.

    Er hoeven geen coalities meer gevormd te worden, de minister-president krijgt een blanco volmacht om te regeren. Dat laatste heeft gevolgen voor de relatie in het Koninkrijk. Omdat er geen coalitiekabinetten meer nodig zijn, is er ook geen rol meer weggelegd voor de gouverneur, ‘ook niet in een formatieproces van een regering, om zich te mengen in interne politieke aangelegenheden van ons land’, zoals Schotte dat omschrijft.

    Nou, als je oorlog wilt, dan krijgt Nederland met Reforma die oorlog op een presenteerblaadje aangeboden.

    Obstakels
    De geldschieters van Gerrit Schotte hebben het goed uitgedacht en weten dat de charismatische leider van MFK de man is die een groot deel van de arme bevolking van Curaçao voor een appel en een ei aan zich kan binden. Bij de verkiezingen in 2012 kon die bevolking al afrekenen met zijn beleid, dat Curaçao binnen twee jaar opnieuw in een schuldencrisis had gestort. Maar dat gebeurde niet. Sterker: zijn coalitie won één zetel in het parlement: Schotte kreeg 21,2 procent van de stemmen en moest alleen Helmin Wiels van Pueblo Soberano voor hem dulden.

    Na het wegvallen van zijn grootste opponent, in mei 2013 zijn er nog maar twee obstakels, die hem en zijn geldschieters afhouden van een nieuwe periode waarin groot geld verdiend kan worden: het parlement en het Koninkrijk.

    Met Reforma is dat probleem in één keer opgelost.
    Nederland wil oorlog? Wacht maar…

    15 reacties Lees verder →

  • Corruptie St. Maarten: volgende stap dringend gewenst

    Ondertekening van het Statuut in Den Haag op 16 december 1954 | foto: Spaarnestad Photo/Hollandse Hoogte

    WILLEMSTAD – Nederland maakt zich sterk als het gaat om mensenrechten en democratie. Binnen het koninkrijk heeft het die terreinen zelfs toegeëigend, onder andere via het Statuut. Dit belangrijke document regelt de onderlinge relaties tussen de eilanden in de West en het moederland in Europa. Hoewel elk land zorg draagt voor de verwezenlijking van de fundamentele menselijke rechten en vrijheden, de rechtszekerheid en de deugdelijkheid van het bestuur, wordt die gewaarborgd door het koninkrijk.

    In de officiële toelichting op het Statuut wordt duidelijk gemaakt hoe deze bepaling in de praktijk werkt. Kort gezegd, wordt daar gesteld: ‘dat het in het belang van het Koninkrijk is, dat goed bestuur inderdaad wordt vervuld. Het Koninkrijk moet de daarvoor geëigende maatregelen kunnen nemen, indien in een land deze rechten en vrijheden, deze rechtszekerheid en dit behoorlijk bestuur niet bestaan. Uiteraard moet bij de beoordeling van de deugdelijkheid van het bestuur volledig rekening worden gehouden met de middelen, waarover het land beschikt. Het spreekt voorts vanzelf, dat niet het te kort schieten van enig landsorgaan alleen zulk een maatregel kan medebrengen. Slechts wanneer in het land zelf geen redres van een ontoelaatbare toestand mogelijk zou blijken te zijn, kan het nemen van een maatregel in overweging komen.’

    PWC-rapport
    Met deze connotatie in het achterhoofd las ik het PWC-rapport ‘Integrity Inquiry into the functioning of the Government of Sint Maarten‘. Daarin wordt een onthutsend beeld neergezet van de functie van de overheid op het Bovenwindse eiland, dat sinds 1954 onderdeel is van de Nederlandse Antillen en daarna, sinds 2010 autonoom is binnen het koninkrijk. Een land dus, dat ontworpen is door Nederland en dat sinds 1954 min of meer zelf verantwoordelijk is voor zijn bestuur. Eerst onder Antilliaanse hoede en later onder eigen vlag.

    De onderzoekers concluderen dat essentiële functies van de overheid, die de fundamentele menselijke rechten en vrijheden, de rechtszekerheid en de deugdelijkheid van het bestuur aangaan niet of nauwelijks functioneren. Checks en balances zijn er niet of worden met voeten getreden. Ministers hebben ongebreidelde macht en worden niet belemmerd in hun persoonlijke verrijkingspogingen door parlement en ambtelijke top. Een goedwillende minister bekende tegenover de onderzoekers:  “I scare myself every day when I realize the power I have – it’s not normal and it’s not good.”

    Met deze zin op pagina 46 van het rapport wordt pijnlijk duidelijk waar het probleem en ook de oplossing ligt van corruptie op de Caribische eilanden; waarbij zij opgemerkt dat de observaties van PWC mutatis mutandis inwisselbaar zijn voor alle eilanden in het koninkrijk en zeker voor Curaçao.

    Minister Ronald Plasterk van Koninkrijksrelaties | Foto: Bea Moedt

    Goddelijk gezag
    Wie het ‘goddelijk gezag’ van een ambtsdrager op St. Maarten niet respecteert, krijgt te maken met de zeis van het gezag. Nergens in het koninkrijk zitten zoveel (hoge) ambtenaren thuis, dan op de eilanden in de West. Omdat zij weigeren spelletjes van hun minister mee te spelen en zich niet schuldig wensen te maken aan een ambtelijk misdrijf. En dat zijn dan de ambtenaren die verzet bieden. Maar het overgrote deel van hen heeft die moed of mogelijkheid niet en accepteert al dan niet gedwongen de grillen van hun minister. Wie wil snappen hoe dat werkt, moet ‘De cultuur van de Angst‘ van Valdemar Marcha en Paul Verweel maar eens lezen.

    De Nederlandse regering en de Tweede Kamer hebben sinds 1954 min of meer gekozen voor een hands-off approach, wanneer het aankomt op goed bestuur. Of  in gewoon Nederlands: ‘je niet bemoeien met interne aangelegenheden van de eilanden’. Kern van die benadering is dat er in het betrokken land alleen wordt opgetreden als er niets gebeurd: ‘slechts wanneer in het land zelf geen redres van een ontoelaatbare toestand mogelijk zou blijken te zijn, kan het nemen van een maatregel in overweging komen.’

    Het PWC-rapport toont ondubbelzinnig aan dat het koninkrijk op dit punt is aanbeland. Aansprekend daarin is de opmerking van de onderzoekers dat iedere entiteit en individu op St. Maarten een sterk standpunt heeft ingenomen tegen corruptie, maar dat het onderzoeksteam op geen enkele manier een zichtbare betrokkenheid heeft ontdekt, die daar handen en voeten aangeeft: een belijdenis met de mond dus, en niet met het hart.

    Redres
    Minister Ronald Plasterk van Koninkrijksrelaties heeft met de opdracht aan gouverneur Eugene Holiday om dit rapport te maken, een eerste stap gezet om het redres te adresseren. Een vervolgende stap, in de geest van het Statuut, is dringend gewenst.

    12 reacties Lees verder →

  • Openbaar Ministerie Sint Maarten heeft geen kwartje om te bellen

    Courthouse in Philipsburg | Foto: René Roodheuvel

    PHILIPSBURG – Een opmerkelijk vonnis door het gerechtshof in Sint Maarten. Op 10 september werd daar de 47-jarige douane-officier Nestor S. veroordeeld voor zijn betrokkenheid bij een drugstransport tussen Curaçao en het bovenwindse eiland. Dat vond plaats op 30 januari van dit jaar en betrof 286 kilo cocaïne, verstopt in een partij kleding op vlucht  7I 521 van de Curaçaose carrier, Insel Air. Geschatte straatwaarde: 13 miljoen euro.

    Het vonnis is opmerkelijk omdat de rechter in zijn vonnis stelt, dat ‘het Gerecht van oordeel is dat de wijze van vervoer, uit- en invoer van een grote hoeveelheid cocaïne per vliegtuig, alleen mogelijk is door de reguliere controlemomenten te omzeilen. Daarbij staat buiten kijf dat een of meerdere personen werkzaam bij het bedrijf Swissport Cargo Services (Curaçao), airport police (Curaçao) en/of douane (Curaçao en Sint Maarten) actief betrokken moeten zijn geweest bij het transport met ook de wetenschap van een verboden lading.’

    Voorwaar een beschuldiging die de alarmbellen op Curaçao  zouden moeten laten rinkelen. Niets is echter minder waar, daarover straks meer.

    Personeelstekort
    Het Openbaar Ministerie spreekt in de tenlastelegging over een periode van 1 september 2013 tot en met 30 januari 2014, waarin de verdachte douanier zijn drugstransporten organiseerde, maar de officier van justitie heeft die periode bij requisitoir bekort tot 16 januari 2014 tot en met 30 januari 2014. Volgens de rechter houdt dat in dat de officier van justitie de bewezenverklaring beperkt tot enkel het transport van 30 januari 2014. Gevraagd naar de reden om alleen dat transport te betrekken in de zaak, zegt persofficier Lemmers: ‘We hebben niet genoeg mensen om alle boeven te vervolgen’.

    Een aantal weken terug kreeg het Openbaar Ministerie (OM) op Sint Maarten ook al een veeg uit de pan vanwege het personeelstekort. In een rechtszaak tegen vier kiezers die bij de verkiezingen hun stem hadden verkocht aan politicus Theo Heyliger, stelde de rechter dat de vier weliswaar schuldig waren, maar dat ze naar huis mochten. Het was volgens de rechter onbegrijpelijk dat het OM de politicus Heyliger buiten schot hield, en vier zielenpoten die wat cash verdienden naar de cel wilde sturen. Daar werkte de rechter niet aan mee.

    In de zaak van Nestor S, speelt het personeelstekort nu ook een rol, want de rechter maakt korte metten met de tenlastelegging, als zou Nestor S. lid zijn van een criminele organisatie. Dat is wel zo, volgens de rechter, sterker nog: de verdachte opereert in een breed netwerk van douanebeambten en luchthavenpolitie op Sint Maarten en Curaçao, maar de Officier van Justitie neemt klaarblijkelijk niet de moeite om meer drugstransporten in zijn requisitoir op te nemen. Nestor S. kan dus geen lid zijn van een criminele organisatie en wordt daarvan vrijgesproken.

    Curaçao
    Nog vreemder wordt het wanneer bij navraag in Willemstad blijkt dat het OM niets weet van enig onderzoek naar welke beambte dan ook*. Kennelijk is het tekort aan juristen en opsporingsambtenaren op St. Maarten zo nijpend, dat een telefoontje naar de collega’s op Curaçao er niet in zat. Terwijl de rechter in Sint Maarten – buiten kijf – vaststelt dat de Douane van Curaçao en/of de Luchthaven Politie op Hato in Willemstad samen met vrachtafhandelaar Swissport Cargo Services betrokken zijn bij drugstransporten naar Philipsburg.

    Wie het vonnis en de getuigenverklaringen van deze zaak doorneemt, ziet al gauw dat er een heel netwerk aan mensen betrokken is geweest bij dit en mogelijk andere transporten en dat Justitie ook weet wie. Maar iedereen gaat vrijuit, want het OM heeft geen mensen om al die boefjes te vangen; en ook geen kwartje om collega’s in Curaçao te bellen, zodat ze daar op de luchthaven een justitiële schoonmaak kunnen houden.

    -0-0-0-0-

    Naschrift:

    * Naar aanleiding van dit artikel heeft het Openbaar Ministerie Sint Maarten en het Openbaar Ministerie Curaçao in een gezamenlijke persverklaring gezegd dat er wel degelijk een intensieve samenwerking bestaat tussen beide OM’s in het onderzoek naar drugstransporten tussen St. Maarten en Curaçao. Maar, zo stelt het bericht: ‘het onderzoek heeft tot op dit moment slechts betrokkenheid van twee Sint Maartense douanebeambten bij de invoer van de partij van 268 kg cocaïne aan het licht gebracht.’

    10 reacties Lees verder →

  • Curaçao kan nog wel wat winnen in de Gezondheidszorg

    Afdeling hemato-oncologie van het St. Elisabeth Ziekenhuis in Willemstad | Foto: Bea Moedt

    WILLEMSTAD – Curaçaoënaars leven steeds langer. Mannen worden nu 74,4 jaar oud. Dat was aan het eind van de vorige eeuw nog 69,2 jaar. Vrouwen worden nog ouder: 80,7 jaar gemiddeld tegen 73,5 jaar eind jaren negentig van de vorige eeuw. Tel daarbij op dat er nog maar dertien baby’s per 1000 inwoners worden geboren (tegen 21 in 1990) en dat veel jongeren het eiland verlaten om te gaan studeren in Amerika of Nederland en dan begrijpt u dat Curaçao in rap tempo vergrijsd.

    Over het algemeen resulteert een stijging van de leeftijd in een slechtere gezondheid, waarbij het aantal personen met -meervoudige- chronische ziekten toeneemt. Ook op Curaçao. Wellicht daarom aardig om de gezondheidszorg is onder de loep te nemen. En te zien welke uitdagingen Curaçao te wachten staan om verantwoorde en vooral betaalbare zorg aan te kunnen bieden.

    Medisch Specialisten
    De zorg op Curaçao is volop in beweging. Het meest in het oog springende voorbeeld aan de aanbodkant is de komst van een nieuw algemeen ziekenhuis in 2016 waarbij de veiligheid en de kwaliteit van de patiëntenzorg centraal staan alsmede een Geïntegreerd Medisch Specialistisch Bedrijf, met medisch specialisten in dienst van de ziekenhuisorganisatie. Dat laatste is een absolute noodzaak, want die specialisten verdienen hun geld nu massaal door patiënten niet in het ziekenhuis te behandelen.

    In 83,7% van de gevallen vond het contact tussen patiënt en arts plaats in de privépraktijk van de betreffende specialist, terwijl 9,1% van de contacten plaats vond in het ziekenhuis. In een vergelijkbare studie uit 1993/1994 vond het contact met een medisch specialist bij 68,4% van de personen in de privépraktijk plaats en vond juist 24,5% plaats in het ziekenhuis. Zet dat eens af tegen Nederland, waar de meeste contacten met een medisch specialist plaatsvinden in de (poliklinieken van de) ziekenhuizen. In 2012 vond 81,9% van de contacten daar plaats.

    Het nieuwe ziekenhuis geprojecteerd in Willemstad

    Van de Curaçaose volwassenen die contact hadden met een huisarts, heeft 23,7% een verwijzing gekregen naar een medisch specialist. In Nederland worden patiënten minder vaak verwezen naar een medisch specialist. Met 17,4% is dit 6,3 procentpunt, ofwel 26,6%, lager dan op Curaçao.

    De medisch specialistische zorg en ziekenhuizenzorg kosten in Curaçao per verzekerde ongeveer 707 euro. Dat is aanmerkelijk minder dan in Nederland, waar per verzekerde patiënt 1545 euro wordt neergeteld. Maar Nederlanders verdienen ook aanmerkelijk meer. In 2013 verdiende een Curaçaoënaar gemiddeld 16.000 euro, tegenover een Nederlander die 37.000 euro verdiende. Als je dat afzet tegen het inwonertal, dan blijkt Curaçao acht procent meer van haar Bruto Nationaal Product per inwoner aan medisch specialistische zorg en ziekenhuizenzorg te besteden dan Nederland.

    De dichtheid van de meeste specialismen is vergelijkbaar tussen Nederland en Curaçao. Toch is er een aantal in het oog springende verschillen. Zo is de dichtheid van de algemeen chirurgen op Curaçao achttien keer groter dan in Nederland. De dichtheid van gastro-enterologen op Curaçao is vier keer groter dan in Nederland. Daarentegen is de dichtheid van anesthesiologen, neurochirurgen, plastische chirurgen, radiologen en urologen op Curaçao twee keer zo klein dan in Nederland. De dichtheid van neurologen op Curaçao is vier keer kleiner dan de dichtheid in Nederland en de dichtheid van psychiaters is drie kleiner.

    Huisartsen
    En zo zijn er nog wat significante verschillen tussen Nederland en Curaçao. In 2013 werkte één huisarts op Curaçao gemiddeld voor 1.798 inwoners en in Nederland gemiddeld voor 1.893 inwoners. De huisartsendichtheid op Curaçao is daarmee ruim vijf procent hoger dan in Nederland. Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat het takenpakket van de Nederlandse huisartsen omvangrijker is dan het pakket van de huisartsen op Curaçao. Huisartsen doen daar nauwelijks kleine verrichtingen zoals kleine chirurgie. In Nederland worden in toenemende mate bepaalde chirurgische ingrepen door de huisartsen zelf uitgevoerd ter vervanging van een (duurdere) behandeling in de tweede lijn. Dit om de patiënt te ontlasten door zorg dichtbij huis te bieden en om de zorgkosten zo laag mogelijk te houden.

    Het huidige ziekenhuis van Curaçao | Foto: Dick Drayer

    Op Curaçao zijn de zorguitgaven aan huisartsenzorg per verzekerde in 2013 90 euro. In Nederland zijn die uitgaven 166 euro. Ook hier is het van belang om die cijfers af te zetten tegen het Bruto Nationaal product van beide landen. Op Curaçao is in 2013 0,57% van het BBP per capita aan huisartsenzorg besteed. In Nederland was dit lager, 0,45%. Omgerekend 21,1% lager dan op Curaçao. Curaçaoënaars gaan dus vaker naar de dokter. En ze krijgen van die dokter ook nog eens vaker medicijnen mee. 21 recepten per jaar tegen 12 recepten in Nederland, bijna twee keer zoveel.

    In 2013 waren de uitgaven aan geneesmiddelen per verzekerde 353 euro op Curaçao, tegen 345 euro in Nederland. Op Curaçao is in 2013 bijna anderhalf keer meer van het Bruto Nationaal Product per hoofd van de bevolking aan geneesmiddelen besteed. Niet voor niets heeft het eiland ook twee keer zoveel apotheken in vergelijking met Nederland.

    Gezondheidszorg
    Curaçao geeft dus een groter deel van haar bruto nationaal product uit aan de gezondheidszorg. Of dat komt door een mogelijk inefficiënt medisch bedrijf of door de gezondheidstoestand van de Curaçaoënaar kan hieruit nog niet worden afgeleid. Dat er winst valt te halen is wel duidelijk. Dat is voer voor de volgende aflevering op deze blog. Wie niet kan wachten en meer wil weten over de stand van zaken in de gezondheidszorg op Curaçao kan terecht bij het Volksgezondheid Instituut Curaçao.

    6 reacties Lees verder →

  • Justitieminister Curaçao wil niet meer netjes praten

    Minister van Justitie, mr. Nelson Navarro

    WILLEMSTAD – ‘Indien mij iets overkomt, indien ik buiten kom en ik struikel en stoot mijn hoofd, degene die hiervoor verantwoordelijk zal zijn is de heer Gerrit Schotte. Als ik daar buiten loop en ik word in mijn hoofd getroffen door de bliksem, degene die hiervoor verantwoordelijk zal zijn is Gerrit Schotte.’

    Opmerkelijke woorden van de Curaçaose minister van Justitie, Nelson Navarro. Deze en andere uitlatingen deed hij op de televisie en op de radio in de laatste week van juli.

    Wat volgt is een kort geding van de ex-premier, die zich dit niet zomaar laat zeggen. Hij voelt zich ernstig in zijn eer en goede naam aangetast en zegt in zijn pleidooi: ‘ In een sfeer waarin de gemoederen na de moord op Helmin Wiels hoog zijn opgelopen, brengen de uitlatingen bovendien het leven van mij en mijn gezin in gevaar’.

    Schaapskleren
    In het televisie-interview insinueert Navarro, volgens Schotte, dat hij zou zijn gelieerd aan de georganiseerde misdaad of onderwereld en dat de strafzaak waarin hij verdachte is daarover gaat. Schotte vervolgt: ‘Navarro wekt als minister de indruk dat hem uit informatie van onder hem ressorterende diensten en uit het strafdossier van mij zou zijn gebleken dat ik één van de wolven in schaapskleren ben. In het radio-interview heeft Navarro gesuggereerd dat ik betrokken ben bij de moord op Wiels en dat ik een zware crimineel ben, die het op zijn leven heeft gemunt’, aldus Schotte.

    De uitkomst van het kort geding is even opmerkelijk als de woorden van de minister van Justitie. Wie het vonnis oppervlakkig aanhoort, concludeert dat Gerrit Schote ‘gewonnen’ heeft. De rechter komt tot de conclusie dat de gebruikte bewoordingen (in de eerste zin van dit artikel) opgevat kunnen worden als een ernstige aantijging, want – en ik quote-: ‘Daarmee beschuldigt hij (Navarro, dd) Schotte ervan een zware crimineel te zijn, bereid en in staat om een politieke tegenstander uit de weg te laten ruimen. Voor een dergelijke beschuldiging zal genoegzame grond moeten zijn, al helemaal wanneer die afkomstig is van de minister van justitie, van wie wordt verwacht dat hij over meer informatie beschikt dan een willekeurige burger’.

    Meningsuiting

    Gerrit Schotte weigert het regeringscentrum te verlaten, nadat hij door de Staten is afgezet, september 2012

    Maar wie het vonnis nog eens bestudeert, herkent een andere boodschap, die niet gerectificeerd hoeft te worden. Daar prevaleert volgens de rechter de vrijheid van meningsuiting: ‘De uitlatingen op de televisie worden niet onrechtmatig geacht en hier geeft het recht op vrijheid van meningsuiting de doorslag. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat Schotte als politicus in beginsel een grotere tolerantie hoort op te brengen ten opzichte van uitlatingen die over hem worden gedaan en zich harde en weinig complimenteuze kritiek zal moeten laten welgevallen’, aldus het vonnis.

    En juist die woorden, de woorden die Schotte zich moet laten welgevallen, zijn interessant. Die woorden komen, zo zegt Schotte en concludeert ook de rechter: uit de onder Navarro’s ressorterende (veiligheids)diensten en uit het strafdossier van Schotte. Woorden die niet hoeven te worden herroepen. Leest u even mee?

    Navarro: “Het is iets dat ik gezegd heb zowel in de persconferentie als in verschillende interviews en zelfs in het parlement heb ik dat gezegd. Wij zijn beland in een situatie waar de onderwereld zijn intrede heeft gedaan in de bovenwereld. Ik heb dat gezegd omdat alle gegevens die ik ontvang vanuit de verschillende diensten die onder mij vallen duidelijk aangeven dat de georganiseerde criminaliteit vruchtbare grond heeft gevonden op Curaçao om hun rotzooi uit te strooien.

    Op dit moment weet je niet eens meer wie je wel of niet kunt vertrouwen. Niet de politie, niet het openbaar ministerie, niet de overheid, niet het parlement. Wij verkeren op dit moment in een schandalige situatie waar we in het parlement van Curaçao een politiek leider hebben die een verdachte is. Een politiek leider die daar kritiek komt uiten tegen de minister van justitie zoals het hem goeddunkt, hij en zijn partij want er zijn meer mensen in die partij die spoedig ook verdachten zullen worden, maar je ziet dus duidelijk hoe ver we zijn gekomen.”

    Ik bedoel de heer Gerrit Schotte die nu overal zware kritiek uit en zegt dat de minister van justitie zich verschuilt achter de financiën om stappen te ondernemen. Waar hij komt zeggen dat hij in twee jaar tijd al het geld van het land Curaçao verkwist heeft, dat zelfs Nederland moest ingrijpen en hem een aanwijzing heeft gegeven en dat het deze overheid is geweest die ervoor moest zorgen om de boel op te ruimen van de ramp die hij veroorzaakt heeft.

    Dus ik zeg dit heel duidelijk omdat op dit moment de tijd is gekomen om niet meer netjes te blijven en mooi te praten. Ik zal een ieder die schandalige dingen heeft gedaan aangeven en die nu doen alsof hun neus bloedt en willen laten lijken alsof zij dit land komen redden. Dit volk moet erg veel rekening houden met dit soort schapen die eigenlijk wolven zijn maar gekleed als schapen. Wij moeten onze ogen openen in deze gemeenschap, we moeten overgaan tot het aangeven van de dingen die verkeerd zijn en we moeten ook beginnen degenen die deze verkeerde dingen doen ook te vermelden. Ik heb ook gezegd dat ik vanaf nu uitgebreid zal gaan praten over alles wat ik weet van bepaalde mensen en die totaal verkeerd zijn en dat zij het zijn die de grootste mond hebben, mooi weer spelen, maar zij zijn het die het land naar de afgrond helpen.”

    Fluisteren
    De tijd is gekomen om niet meer netjes te blijven en mooi te praten, aldus Navarro. De veiligheidsdiensten fluisteren in zijn oor en van de rechter mag het…

    3 reacties Lees verder →

  • Als Venezuela niest, worden de eilanden verkouden

    Het voormalige hoofd van de Venezolaanse inlichtingendienst Hugo Carvajal | Foto: EPA

    ORANJESTAD – Nederland heeft eieren voor zijn geld gekozen en de beoogde Venezolaanse consul generaal voor Aruba, Hugo Carvajal, na een verblijf van drie dagen in de KIA gevangenis weer vrijgelaten. Hij is met een privé vliegtuig opgehaald en ondertussen ook al aangekomen in Caracas. Daar werd hij verwelkomd door zijn familie en de echtgenote van de Venezolaanse president Maduro.

    Carvajal is het voormalige hoofd van de Venezolaanse inlichtingendienst. President Maduro benoemde hem begin dit jaar tot consul op Aruba. Hij zou als hoofd van de Venezolaanse inlichtingendienst nauwe contacten hebben gehad met de FARC in buurland Colombia. Volgens de VS heeft hij de terreurbeweging wapens geleverd en hebben geholpen drugs te verkopen.

    Persoonlijk ingrijpen
    Minister Frans Timmermans greep tussen zijn reizen van en naar de Oekraïne persoonlijk in en zette het advies van zijn ambtenaren opzij. Die hadden het Openbaar Ministerie in Oranjestad voorgehouden dat Carvajal’s diplomatieke paspoort niets waard was, omdat hij nog niet als consul was geregistreerd.

    In een communiqué van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken dat in Caracas werd voorgelezen staat dat de generaal diplomatieke onschendbaarheid geniet op basis van artikel 13 van het Verdrag van Wenen inzake Consulaire Zaken. In het communiqué werd ook erkend dat de arrestatie van de generaal op Aruba een inbreuk inhield op de internationale afspraken betreffende diplomatieke immuniteit.

    Met de beslissing van Timmermans wordt allengs duidelijk dat de relatie met koninkrijks’ zuiderbuur Venezuela nu even belangrijker is dan de vriendschap met de Verenigde Staten, die om zijn arrestatie hadden verzocht. Liever koopman dan dominee, moet de minister hebben gedacht.

    Opgelucht adem
    De eilanden en dan vooral Aruba en Curaçao halen opgelucht adem. De arrestatie van de Venezolaanse diplomaat leidde binnen no time tot grote paniek. Caracas sloot onmiddellijk haar luchtruim voor alle vluchten van en naar het koninkrijk. Een vlucht van het Curaçaose Insel Air op weg naar Colombia moest terugkeren, omdat het niet voldoende brandstof aan boord had om de omleiding vliegend af te kunnen leggen. Op de luchthavens van Oranjestad en Willemstad strandden honderden, vooral Venezolaanse passagiers.

    Op Curaçao ontstond een run op brandstof; Venezuela zou de toevoer van ruwe olie naar het eiland op een laag pitje zetten. Het grootste eiland van de voormalige Nederlandse Antillen koopt benzine, diesel en andere producten in van de eigen raffinaderij, die door het Venezolaanse staatsoliebedrijf PdVSA wordt geëxploiteerd. Hoewel de autoriteiten de Curaçaose bevolking meteen verzekerde dat er een strategische voorraad op het eiland ligt van drie maanden, was er geen Curaçaoënaar die dat geloofde.

    Neerlands kastanjes
    Aruba, dat toch al zo’n heftige week achter de rug heeft met Nederland, na het ingrijpen in ‘s lands begroting en de daarop volgende hongerstaking van premier Mike Eman, maakte Den Haag meteen duidelijk dat het geen zin had om de kastanjes uit Neerlands vuur te halen. De scheiding der machten kon in ere worden gehouden door Carvajal zijn diplomatieke onschendbaarheid terug te geven, waardoor de Arubaanse hoofdofficier van Justitie geen andere keuze had dan zijn vervolgingsbeleid te staken.

    Caracas nieste en prompt werden de eilanden verkouden. Timmermans begreep dat en bood zijn zakdoek aan; Washington is boos, maar kan wel tegen een stootje.

    9 reacties Lees verder →

  • NOS Roparun 2014

    Een team van de NOS doet mee aan de Roparun. Voor de zesde keer. Het team van NOS-ers loopt de route vanaf Parijs. NOS Nieuws verslaggevers Michael de Smit en Marc Hamer zijn lopers in dit team. Om een indruk te geven hoe (zwaar) de tocht is houden zij tijdens de loop hier een video-blog bij. De beelden zijn gemaakt met hun mobiele telefoon.

    Het NOS Roparunteam is rond 15:30 uur over de finish in Rotterdam gekomen!YouTube voorvertoningsafbeelding

    De voorlaatste etappe, voor de groep die de start liep in Parijs stopt hier de Roparun. YouTube voorvertoningsafbeelding

    Tijdens de 8e etappe passeerden we de Nederlandse grens YouTube voorvertoningsafbeelding

    De 7e etappe ging s’nachts door het Belgische Zele, een bijzonder moment YouTube voorvertoningsafbeelding

    Dwars door België tijdens de 6e etappe. Lange warme wegen. YouTube voorvertoningsafbeelding

    Het NOS Roparunteam is over de helft, etappe nummer 5 is afgerond.YouTube voorvertoningsafbeelding

    Etappe 4 is achter de rug en we zitten redelijk op schema. De eerste pijntjes beginnen te komen. YouTube voorvertoningsafbeelding

    Inmiddels zit de derde etappe er op:  YouTube voorvertoningsafbeelding

    Bekijk een verslag van de tweede etappe: YouTube voorvertoningsafbeelding

    Bekijk een verslag van de eerste etappe: YouTube voorvertoningsafbeelding

    Bekijk de start van de Roparun in Parijs:  YouTube voorvertoningsafbeelding

    Geen reacties Lees verder →

  • Wubbo had een boodschap

    Wubbo Ockels op zijn schip in de haven van Curaçao

    WILLEMSTAD – Acht minuten na de start, met een vaart van 28 duizend kilometer per uur gaan de motoren van het ruimteveer Challenger uit. Met deze snelheid ligt Willemstad achttien minuten vliegen van Amsterdam. Wubbo Ockels kijkt over zijn schouder naar de plek waar hij net vandaan komt. Daar ligt de aardbol, als een ruimteschip in een onmetelijke zwarte ruimte met een dun blauw vlieslaagje op koers rond de zon.

    ‘Toen wist ik het’, zegt Ockels. ‘Ik heb een plicht om mijn verhaal te vertellen. Mijn verhaal over duurzaamheid en beter omgaan met dat ruimteschip: er is echt maar één aarde!’

    Het is april 2014, precies een maand geleden. De eerste Nederlandse astronaut ligt met zijn energy-autonome schip de ‘Ecolution’ in de haven van het Spaanse Water, ten oosten van Willemstad. Zijn schip, de Ecolution is voor groot onderhoud gekomen vanuit Aruba. Het innovatieve en inmiddels beroemde  zero-emission zeilschip ligt daar nog wel een maandje. Vorige week mochten genodigden en sponsoren op uitnodiging van de lokale jachtclub een voet aan boord zetten en zich laten voorlichten door Joos Ockels, de vrouw van Wubbo. Zelf spaarde hij zijn energie voor een inspirerende lezing later die avond.

    Joos Ockels

    De geplaagde astronaut is ziek. Ernstig ziek. In 2008 werd bij toeval een vergevorderde niertumor bij hem geconstateerd. De tumor werd succesvol verwijderd, maar vorig jaar maakte Ockels bekend dat er een maand eerder opnieuw niercelkanker bij hem is ontdekt. De kanker blijkt een agressieve vorm te hebben en is uitgezaaid naar zijn longvlies. Ockels laat zich vanaf het najaar 2013 behandelen in het MD Anderson Cancer Center in Houston. Als deze behandeling aanslaat, heeft hij naar eigen zeggen nog één tot twee jaar te leven.

    Ruimteschip
    Het verhaal dat Ockels deelt met zijn publiek brengt hem terug naar die eerste minuten in de ruimte. 31 oktober 1985. ‘Het beeld dat ik had was waanzinnig, een overweldigend perspectief. Je kent die foto’s natuurlijk wel; foto’s vanuit de ruimte, waarbij de aarde als een halve bol in het donker hangt. Als je dat beeld met eigen ogen ziet en beleefd gaat er een schok door je heen. Wow, waar ben ik? Ik ben los, ik sta buiten, weg van de aarde. Je krijgt snel het besef dat je daar verloren rondcirkelt, als je niets doet.’

    De aardbol zweeft daar driehonderd kilometer onder je. Ik besefte dat alles wat waarde heeft in het leven, verzameld ligt op wat ik dan maar noem: het enige ruimteschip dat wij hebben. Er is geen reserve aarde. Hoe anders keek ik op dat moment naar onze aarde dan die miljarden mensen die daar op dat moment op rondliepen en bezig waren met hun eigen dingen?’

    ‘De kwetsbaarheid van dat dunne vliesje rond de aarde is zo zichtbaar in de ruimte. Twintig kilometer maar, tot aan de ruimte! Een vliesje dat het verschil maakt tussen leven en de dodelijke ruimte waar ik was. Ik heb me dat onvoldoende gerealiseerd toen ik op aarde was. Ik voel het daarom als een plicht, als een opdracht om iedereen deelgenoot te maken van dit besef. Ook hier op Curaçao. Juist hier op Curaçao!’

    Joos valt Wubbo bij. ‘Dat besef en de roeping kwam niet zomaar uit de lucht vallen. Na zijn terugkeer uit de ruimte duurde dat wel even. Zo’n idee om de mensen deelgenoot te maken ontwikkelt zich stap voor stap en krijgt het vorm. Je moet niet vergeten dat het toen 1985 was. Het besef van wat er met de aarde gebeurt, wat wij mensen er mee doen was toen heel anders dan nu, in deze eeuw. Pas veel later wisten we en kregen we de bevestiging dat dat wat we met de aarde doen, niet zo okay is.’

    Wubbo Ockels vertelt over zijn missie

    Curaçao
    Wubbo Ockels wil zijn gehoor graag overtuigen dat er geen enkele reden is voor Curaçao om achter te blijven bij Aruba. Op dat eiland heeft de astronaut met zijn team bijna een jaar gewerkt aan een duurzaam Aruba. ‘Green Aruba kan ook op Curaçao’, zegt Ockels, ‘Mike Eman, de Arubaanse premier, is ambitieus. Die wil in 2020 niet meer afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. Mind you: dat is al over zes jaar! Wat belangrijker is, is dat hij de goede richting opgaat. Dat moet Curaçao bedenken.’

    ‘Een duurzame toekomst is een toekomst met werkgelegenheid’, zegt Ockels, ‘En ook een leukere toekomst. Curaçao is net als Aruba een fantastisch eiland met een enorme potentie. Jullie hebben een overvloed aan vrije energie. Meer dan menig ander volk op deze aarde. Er is een enorme hoeveelheid zon, gratis. Er is altijd wind, gratis. En er is koud zeewater, nu nog gratis. Als het eiland nu investeert, kan het over twintig jaar een windmolen uitzetten, omdat er te veel energie is.’

    ‘Je hebt er wel iemand voor nodig die een voortrekkersrol wil vervullen, zoals Eman op Aruba. Ik ken de situatie op curaçao niet goed genoeg, maar duurzaamheid moet gedragen worden door iedereen. De overheid moet dat facilitairen, want niet iedereen kan die keuze zelf maken; die elektrische auto is nog te duur, net als zonnepanelen. En heel belangrijk: er is sprake van een echte transitie. Dingen gaan anders werken. Weg van fossiele brandstof, over op alternatieve bronnen. Dan moet je ook zorgen dat de grote partijen, die nu geld verdienen aan fossiele brandstoffen met je gaan samenwerken. Die hebben ook belangen. Als je daar geen rekening mee houdt, krijg je verzet en gaat het niet lukken.’

    Isla raffinaderij
    Volgens Ockels heeft Curaçao bovendien nog een ander probleem. ‘Curaçao heeft veel afwisseling, maar dan Aruba. Het is hier ongelofelijk mooi: een prachtig heuvellandschap en mooie huizen. Veel geschiedenis. Maar het eiland heeft ook een reusachtig probleem: het grootste deel van de vooral arme bevolking zit met slechte lucht die ze inademen’.

    ‘Dat moet toch een keer aangepakt worden, veranderen. Curaçao weet niet waar ze heen wil met die raffinaderij, zijn daar in ieder geval minder strak in. Wellicht goeie plannen, daar niet van. Als je de Annabaai invaart ervaar je hoe geweldig mooi Willemstad is. En hoe zoveel mooier Willemstad kan zijn, als die raffinaderij weg is. Als daar huizen staan, met steigers en restaurantjes aan een mooie baai. Dat kan een ongekende weelde zijn voor alle Curaçaoënaars.’

    ‘Ik ben ziek. Dus plannen is moeilijk. Maar als Curaçao mij zou benaderen om richting te geven aan fundamentele duurzaamheid op het eiland, dan steek ik m’n handen graag uit de mouwen. Dat noem ik happy energy.’

    ——

    Het werd geen één of twee jaar; het werd een half jaar. Zondag 18 mei 2014 overleed Ockels aan de gevolgen van zijn kanker. Hij werd 68 jaar.

    15 reacties Lees verder →