De weblogs van de NOS worden niet langer bijgewerkt.

Voor nieuws Over de NOS kunt u terecht op over.nos.nl.
Voor de overige berichtgeving kunt u terecht op NOS.nl.

Pekela

Kerkje`Heeft het wel gesmaakt? Ik zag nog een heel stuk terugkomen.’
Er klinkt eerder bezorgdheid dan verwijt door in de stem van de eigenaar.
In zijn restaurant, aan de rotonde, aan de ingang van Oude-Pekela, tegenover het asielzoekerscentrum heb ik een cordon bleu gegeten.

En niet helemaal opgegeten. Eén van zijn obers had het al voorzien. `Dit is eigenlijk voor twee personen. Misschien wel drie.’ had die aangekondigd en een stoet aan schaaltjes neergezet: worteltjes, sla, gebakken aardappels, frites, sperziebonen met spekjes… `Het was een beetje veel’ verontschuldig ik me. Bovendien had ik haast. Dat strijklicht, dat op dit tijdstip over de velden van de Veenkoloniën ligt wil ik nog meemaken. Over de aardappels -sommige velden staan al in bloei- de bieten. Ik rij wat rond. Verken de contouren van het dorp. Aan de ene kant het asielzoekerscentrum en daarachter een gasvlam. Ik stap uit. Je hoort hem. Een zwaar suizen.

Aan de andere kant van het dorp loopt het diep. De huizen aan weerszijden zijn, schat ik, zo’n honderdvijftig jaar oud. Op een brug, genoemd naar een burgemeester, blijf ik een tijd staan kijken. Door de vaart gleden, tot in de jaren dertig, de trekschuiten met turf, armzalige schepen voortgezeuld door een paard, door de schipper, soms zelfs door zijn vrouw of kinderen. Over de wegen gingen de kiepkerels. Bij het gemeentehuis heb ik een beeld zien staan van zo’n handelsman. Ze kwamen zelfs van over de grens. Eigenlijk bestond die grens hier in de Veenkoloniën niet zo. De taal van de handelslui uit Ostfriesland leek op het Gronings.

Zeker in de jaren twintig en dertig sloeg de depressie zwaar toe. De kooplui, de sjacheraars in oud-ijzer, velen vervoerden hun waar met de hondenkar. Op een hoek bij de vaart is ook die hondenkar kerel in brons vereeuwigd. Pekela heeft oog voor zijn geschiedenis.

De spierwitte woning van een huisschilder wordt verdubbeld door het water. Verderop verheffen zich de villa’s waar ooit de directeuren woonden van de strokartonfabrieken. Acht zijn er geweest. Nu restten nog twee.
Ik parkeer mijn auto bij de oude  kerk. Op het voorplein, naast het standbeeld van Fre Meis voetballen  jongens. Alleen van opzij lijkt de donkere kop op de voormalige CPN-voorman.

Boven de wijzerplaat van de kerkklok springt een lamp aan, die de toren in een oranje licht zet. Het is hier stil. Achter de kerk verheffen zich honderden eenvormige stenen. Een enorm kerkhof. De grijze stenen met zwarte letters en stoere Groningse namen. Geknakte bomen zijn uitgebeiteld, een enkel graf heeft als omheining een smeedijzeren hek. Scheepskapiteins liggen hier. Aan de bovenzijde van de steen van Remmert Tunteler prijkt een vlinder. `Ter nagedachtenis van onze waarde oom’ schrijft zijn familie `in leven rustend scheepskapitein’ Hij is in 1832 in Nieuwe Pekela geboren en stierf in Oude Pekela. Tachtig jaar oud. `Rust in vrede’ staat onder zijn doodsbericht, in een ander lettertype alsof het jaren later is toegevoegd.

Wat is het verschil tussen Nieuwe- en Oude Pekela? vraag ik de volgende ochtend, na het ontbijt op mijn logeeradres. Mijn gastvrouw kan het me niet vertellen. `Maar ik ben ook van Winschoten.’excuseert ze zich. Ze heeft me de vorige avond nog de camping laten zien, die achter de boerderij lig waar ik slaap. Het toerisme trekt aan, ze ziet het aan de gasten die ze ontvangt. Mensen uit de Randstad. Achter de laatste caravan strekt het land zich uit. Tot aan de horizon.

Het is half negen ’s ochtends en er is volop volk bij de weg. Het leven speelt zich af aan weerszijden van de Pekelder A. Sinds kort ontdekt door de pleziervaart, had mijn gastvrouw verteld. Kinderen met een zware tas achterop onderweg naar school. En iedereen groet. `Moi!’

Hier vind ik het antwoord op mijn vraag. Mensen uit Oude Pekela zijn stoerder, wordt me in Nieuwe Pekela uitgelegd. Oude Pekela, het dorp van de arbeiders, in Nieuwe Pekela woonden de boeren. Stoer, meldt  het Groninger Woordenboek, staat voor bars en stug. Maar Gronings is een taal met ruimte voor nuances. Bars en stug was het gedrag van de kelner zeker niet, of het meisje bij het tankstation dat een plattegrond leende en graag meehielp de weg te wijzen, of de jongens die de vorige avond in hun bootje het diep doorsneden en uitbundig groetten.

Bij het Hervormde Verenigingshuis veegt een man de stoep. Ik moet nog een keer terugkomen als het kapiteinsmuseum wel open is. Waar in een rood geschilderd huis de lange geschiedenis van de scheepsfamilies wordt verteld. Ik heb voor de ramen staan kijken. Een eenvoudig voorname inrichting: een mahonie houten bureau, olielampen, porseleinen servies en aan de wand kleuretsen van schepen. Er is een tijd geweest dat zeventig procent van de Nederlandse schepen in de Pekela’s stond geregistreerd, wil het verhaal `En dan bel je hier maar aan, je kunt altijd langs komen voor een kop koffie.’ zegt de man en bezemt verder.

Ik rij naar Oude Pekela. Er liggen akkers tussen de twee dorpen. Voor de oorlog hadden de Pekela’s een grote joodse gemeenschap. In een nieuwbouwwijk afgewisseld door een landarbeidershuis of een boerderijtje vraag ik de weg naar de joodse begraafplaats. Dit moet voor de oorlog een streekje zijn geweest. Grenzend aan het dorp.
`Het is vlakbij’ zegt een man die in zijn moestuin bezig is `je kunt het niet missen.’
Hij leunt op zijn schoffel. `Mijn vader heeft na de oorlog dertig jaar de begraafplaats beheerd en in al die jaren maar een begrafenis meegemaakt.’

Honderdvijftig mensen, denk ik, bijna niemand die het heeft overleefd.
De begraafplaats ligt tegenover een rijtje nieuwbouwhuizen. Een muur, een roodstenen gebouwtje en daarachter de stenen. Met een eenvoudig monument herdenkt de bevolking van de Pekela’s de omgebrachte plaatsgenoten. Op de terugweg rij ik door de Abraham Toncmanstraat. De  rabbijn-voorzanger van de gemeente. Van wie de beroemde laatste woorden zijn, in het notulenboek van zijn gemeente genoteerd, zo vaak aangehaald omdat die paar zinnen de ondergang in een gruwelijke eenvoud treffen. “Nu zijn wij weinigen van velen overgebleven:men beschouwt ons als kleinvee, naar de slachtbank te voeren om vermoord en vernietigd te worden, tot ongeluk en tot schande. Moge er redding en uitkomst komen voor de Joden! Spoedig in onze dagen! Amen.’
Ook het jonge gezin Toncman werd vermoord.

Voor we aan het werk gaan wil ik de cameraman nog wat van het dorp laten zien. Op het parkeerterrein voor het gemeentehuis stap ik over in zijn auto. `Wat een ruimte’ zegt hij. Hij is hier nooit geweest en verbaast zich. Dat iedereen groet. Over de bereidheid van de mensen te praten. Ook voor de camera. Over de uitbreiding van het asielzoekerscentrum. `Niks geen last van’ horen we ettelijke malen.

`Willen jullie ook koffie?’ zegt een echtpaar, dat voor hun huis staat, in de zorgen om een verstopt riool. Nee, we willen nog meer mensen spreken. Uiteindelijk belanden we toch aan de koffie, bij een echtpaar, in de achtertuin. Over het leven in de Veenkoloniën gaat het. Dat veel kinderen, naar het Westen getrokken, in hun hart toch weer terug willen. En dat het goed is dat het toerisme toeneemt. En dat vreemden altijd beginnen over de `clownsaffaire’ en dat vooral dat denigrerende in de manier van praten over de Pekela’s zo storend is. En dat er zorgen zijn over hoe het na de zomervakantie, na de bouwvak zal gaan in de bouw. Vijftigduizend werkloze bouwvakkers in het verschiet. Vallen er hier klappen?

We filmen in het ruim aangelegde jachthaventje. De beheerder komt uit zijn kantoortje: `Het was druk vanochtend’ zegt hij verheugd `er zijn drie boten weggegaan! Nou, en jullie komen nog maar een keer terug, hè!’
`Wat zijn ze hier aardig’, zegt de cameraman als we naar het gemeentehuis rijden voor een interview met de directeur van het COA en de burgemeester.
`Wanneer lig je d’r hier uit?’
`Als je je gedraagt als een snakker. Dat is, vrij vertaald,  een opschepper. Iemand die zich beter voor doet dan hij is. Het kan in kleine dingen zitten. Zeggen dat het zo’n eind rijden is naar de Veenkoloniën bijvoorbeeld.’

De cameraman parkeert zijn auto naast de mijne.

`Moet je nou zien.’zegt hij `De hele ochtend heeft je raam opengestaan!”
Op het gemeentehuis filmen we hoe de burgemeester en de COA directeur een akkoord tekenen. Er zal tijdelijk extra ruimte komen in het asielzoekerscentrum.
De COA directeur roemt de samenwerking met Pekela.
Dan interviewen we de burgemeester.
Over de tijdelijke uitbreiding van het asielzoekerscentrum.
En over het stemgedrag in zijn gemeente waar de PVV de tweede partij werd.

“Zijn mensen hebben gekozen”, zegt hij. En dat is hun democratisch recht. En wat hij weet is dat mensen in zijn gemeente bang zijn hun baan te verliezen. In angst leven en tegelijkertijd worden geconfronteerd met instellingen waar gegraaid wordt en bestuurders die alleen uit zijn op eigen belang.
We praten na. De burgemeester is niet van Oost-Groningen maar van het Hogeland, ten noorden van de stad Groningen.

`U praat anders’, zeg ik
`Ah, hebben ze je dat ook al verteld?’ zegt hij.
Het zit hem in de uitspraak van sommige woorden.
Hij was laatst bij een jubilerend echtpaar en toen hij afscheid nam werd gezegd dat, al sprak hij dan niet hun Gronings, hij best  was meegevallen.

`Trouwens, je had je raam open laten staan’ zegt de burgemeester.
Vanuit zijn werkkamer had hij al die tijd de wacht gehouden.
Stel je voor. Een NOS auto leeggehaald. En dat uitgerekend in Pekela.
`Ik dacht: dat zal me toch niet gebeuren.’

Deel deze pagina

« Terug naar het overzicht


25 reacties op “Pekela”

  1. Bart zegt: 19-06-09 om 20:36

    Prachtig verhaal, bracht in mijn jeugdjaren (50- 60 er jaren) daar mijn vakanties door.
    In 1999 -2000 nog het huis mogen gebruiken van mijn nichtje, de vele musea bezocht voor het kunnen doorgronden van het leven van mijn opa als scheepsjager langs de vele kanalen.
    Een prachtig stuk Nederland !
    Als ik naar het noorden reis, is het steeds een soort vakantie bestemming zoals ook de reizen naar de familie in Frankrijk maak

  2. Mooi dat Pauline zelf ging kijken in het dorp. Het is dé manier om beeldvorming en vooroordelen te doorbreken. Ga kijken. Ik ben geboren en getogen in zuid-oost Groningen.Achterdocht en jenever. Maar mooi en wijds. En die mensen daar, ach wat moet je er voor kwaads over zeggen?

  3. elza zegt: 19-06-09 om 21:07

    Zo zie je maar, velen kennen ons land niet.
    veel verscheidenheid.
    En de oorlog, de tragiek van de joodse kerkhoven.

    Ps. Mijn moeder ligt op de Wilgenhof in Hoofddorp begraven, vlak bij de Polderbaan.

    Er naast is de joodse begraafplaats, Beth Sjalom? Misschien kunt u ook daar eens kijken, en in haarlem en in Diemen langs het spoor, de kale akker, waar veel joden begraven zouden zijn, Maar toen kwam WO II.

  4. Kees zegt: 19-06-09 om 21:31

    Tja, en dan te bedenken dat Elsevier Pekale heeft uitgeroepen tot minst plezierige gemmente om te wonen….

  5. willem zegt: 19-06-09 om 22:25

    Rond 1972 ben ik regelmatig in de Pekela’s geweest, zeg maar in de tijd dat het Pekelder diep nog het open riool was van de strokartonfabriek.
    Nu is dat tegenwoordig wel mooi opgelost maar ja er is wel werkloosheid.
    De nieuwe werkgelegenheid zit dus in het toerisme, de pleziervaart het boerengolf zeg maar, maar ja dan moet je de vervuiling weer voor lief nemen. Zo is de cikel weer rond zoals een cirkel behoort te zijn. Of je nu van “oud” naar “nieuw” gaat of andersom het maakt niet uit, en das toch ook wel de charme van de Pekela’s.

  6. albert zegt: 19-06-09 om 22:31

    Positief verhaal en veel beter dan de verhalen “van horen zeggen”.
    Pauline bedankt.

  7. Lilian zegt: 19-06-09 om 22:48

    Goed dat Pauline is gaan kijken! Ik heb zelf ook wel minder goede ervaringen met Pekela (met name jeugd). Maar als jeugdige in die regio wonen is ook niet zo prettig, ga er maar eens weekje wonen zonder auto. Maar overal wonen leuke mensen, ook in Pekela. Ik krijg nog steeds warme gevoelens als ik in de winkel een Gronings accent hoor. Maar zou er toch voor geen goud weer naar terug willen.

  8. Ina zegt: 19-06-09 om 23:04

    Wat een heerlijk positief verhaal over de Pekela’s.
    Mensen, kom eens vaker in Oost Groningen en ervaar hoe heerlijk je hier kunt leven en wonen. Er gaat echt niets boven (Oost)Groningen !

  9. Ik heb een paar heerlijke jaren in het buitengebied van Oude Pekela mogen wonen en zou zo weer terug willen als ik daar weer een huis kon vinden. Ik woon nu in denemarken maar nog altijd denk ik aan de fijne tijd die ik in Oude Pekela heb gehad!Heel veel groeten aan de mensen op Zaailaan!!!

  10. Rouke zegt: 20-06-09 om 05:04

    Toch jammer dat Pauline/NOS er weer niet als eerste bij wrane met cam.
    Zie bovengaand ‘webadres’..

    http://www.geenstijl.tv/2009/0.....slech.html

  11. Sander zegt: 20-06-09 om 07:02

    “Rijd” is met een “d” (bijna einde tweede alinea). Ik rijd, jij rijdt, wij rijden, enz. Leert dat nou toch eens! Als zelfs journalisten dergelijke domme fouten gaan maken is echt het einde zoek.

  12. Ton Groot Koerkamp zegt: 20-06-09 om 09:19

    Mooi verhaal, gelezen met toch wel een beetje kippenvel-heimwee gevoel, hoewel ik voor geen goud meer zou willen ruilen. (nu in Z Frankrijk).
    Stoer (stug) zonder twijfel, die Oost-Groningers ,maar in combinatie met hun ongekende bescheidenheid en directheid hebben ze daar in het Noorden een van de warmste nesten van Nederland gebouwd.

  13. pim zegt: 20-06-09 om 09:49

    het hoge noorden?
    het is er beter dan in het verstopte westen, de buurten zijn daar asocialer(zie; spangen, kanaleneiland, amsterdam west, gouda, dordrecht, etc)dan in o.a. pekela, ik heb op veel plaatsen in nederland gewoond en er gaat niks boven groningen
    het weer is het afgelopen jaar in het noorden beter dan in de rest van nederland, een leuke bijkomstigheid

  14. Arjan zegt: 20-06-09 om 10:38

    Mooi verhaal, mooie foto’s. Ik ben mijn werkend leven begonnen op de ‘strokartonfabriek’ in Oude Pekela. (Toen hadden we al wel een waterzuivering). Een mooie plek met fijne mensen. Wees trots op jullie streek!

  15. Jessica zegt: 20-06-09 om 11:39

    Wat een genot om te lezen!
    Heel mooi geschreven!

  16. Pauline, treffender kun je Pekela niet beschrijven, mooi en oprecht verhaal. Bedankt.

    Groet, weth. H Hemmes

  17. grietje zegt: 20-06-09 om 13:13

    Wat een mooi beschreven verhaal over de pekela,s! Het klopt helemaal!! Eindelijk es iemand die het ziet zoals het is. Je zou er zo een boek van kunnen maken,met dit als inleiding!groetjes van grietje.

  18. pauline broekema zegt: 20-06-09 om 15:58

    Beste Sander

    Formeel is het juist. Maar ik nam hier bewust de vrijheid van de blogger en gebruikte spreektaal
    Zoals ook in `rij jij of rij ik’, met vriendelijke groet Pauline Broekema

  19. Henny zegt: 20-06-09 om 20:21

    Pauline,heb het verhaal met plezier gelezen. eindelijk een positief verhaal over Pekela. Mijn compliment! Henny

  20. Wilma zegt: 20-06-09 om 20:25

    Pauline,

    Bedankt voor je portret van Pekela.
    Iedere plek heeft leuke en minder leuke kanten. Wij kregen altijd een spiegel voorgehouden die de minder mooie kanten liet zien. Terwijl voor een echte Pekelder de mooiste reis van je leven de reis naar huis is. Fijn dat je een warm en stoer beeld van ons hebt willen schetsen.

  21. Bert Blaauw zegt: 20-06-09 om 21:17

    Beste Pauline,
    Dank voor dit objectieve verhaal over de Pekela’s. En kom nog maar eens terug naar de gemeente Pekela omdat er nog veel meer moois is te zien: De schitterende rustieke en ruime woonwijken aan de waterpartijen en meertjes, de omliggende soms glooiende omgeving met vele bossen, een bruisend verenigingsleven en zo kan ik nog wel even door gaan. Hier geldt inderdaad onbekend maakt onbemind. Veel mensen die nog nooit in (Oost-)Groningen zijn geweest hebben vaak een onterecht vooroordeel over dit wonderschone, dunbevolkte en ongerepte gebied. Zijn die buitenstaanders hier eenmaal geweest dan draait hun mening 180 graden en beseffen ze dat het beeld wat over dit gebied bestaat niet klopt met de werkelijkheid. Pauline je bent van harte welkom om ooit in Pekela te komen wonen !!

    Met een hartelijke groet, Bert Blaauw (trotse inwoner, met mijn gezin, van het mooie Pekela, werkzaam in de gemoderniseerde kartonindustrie, voorzitter van het Oranje Bevrijdings Comité Pekela en voorzitter van de MR van een Pekelder basisschool)

  22. mrie zegt: 21-06-09 om 11:08

    He he een heerlijk positief beeld van pekel wordt hier geschetst.
    maken ze er ook een uizending van???
    of heb ik dat gemist.
    ik hoop het wel eindelijk een beeld van pekel zoals is het is.

  23. pauline broekema zegt: 21-06-09 om 13:24

    Beste Mrie, We waren in de Pekela’s naar aanleiding van de tijdelijke uitbreiding van het asielzoekerscentrum. En de ondertekening van het convenant door het COA en de gemeente. Het onderwerp is op 15 juni in het zes uur Journaal uitgezonden. Terug te vinden via het kopje`uitzendingenarchief’ rechts op de startpagina van NOS.nl
    met vriendelijke groet, Pauline Broekema

  24. renee zegt: 21-06-09 om 13:34

    Ben een import-Pekelder. En ik vind het heerlijk hier! Heb zo’n beetje in alle provincies gewoond, maar Groningen springt eruit. Voor mij niks anders meer, dit is mijn plek. Hoezo onvoldoende voorzieningen? OP al onze voorzieningen zou menig Nederlander jaloers zijn. Ben blij met zo’n positief stuk. Pauline, jij mag zeker nog eens terugkomen! Ook bij ons staat de koffie voor jullie klaar, zoals het hoort. En nog iets….Wij hebben autodeuren en huisdeur altijd open!! Dat kan hier nog.

  25. Gea C. Prummel zegt: 22-06-09 om 16:57

    Beste Pauline,
    Sinds 25 jaar woon ik in Oude Pekela. Teruggekeerd naar mijn geboortestreek de Veenkoloniën. Vele jaren heb ik overal in binnen- en buitenland gewoond, van New York tot Den Haag, van Amsterdam tot Oman, van Groningen tot Londen, van Nijmegen tot Dubai, maar ik wil hier nooit meer vandaan. Oost Groningen is het land, waar het leven nog goed is, waar kinderen nog weten, dat melk van de koe komt en aardappels uit de grond, waar mensen nog respect hebben voor de natuur en nog denken om en omzien naar hun buren. Kinderen kunnen hier nog buiten spelen. Groningers zijn niet stug, integendeel ze zijn heel gastvrij. De deur staat hier altijd open voor iedereen, die goedwillend is. Bedankt voor je positieve verhaal over Pekela.
    met vriendelijke groet, Gea C. Prummel

Geef een reactie