De weblogs van de NOS worden niet langer bijgewerkt.

Voor nieuws Over de NOS kunt u terecht op over.nos.nl.
Voor de overige berichtgeving kunt u terecht op NOS.nl.

`Rinsema da da!’

Tot de jaren zeventig waren er weinig mensen die de broers Rinsema nog kenden. Na hun dood raakten ze in de vergetelheid. Tot er in Friesland een kleine tentoonstelling van hun werk werd gehouden. Die heb ik gezien.


Ik werd als meisje door mijn vader meegenomen. Hij had een grote bewondering voor het werk van Thijs Rinsema. Vanwege de kwaliteit maar ook om een andere reden. En wat die was, dat realiseerde ik me de afgelopen dagen bij het filmen en het monteren van het onderwerp. In het item zit, zoals wij dat noemen, `een streepje’ archief. Met die term wordt het materiaal tekort gedaan. Want het stemt weemoedig. En wekt verwondering. Althans bij mij.

De beelden komen uit een filmpje over het leven in Friesland, in de jaren twintig. Mijn vader was toen een kind. Groeide op in dezelfde omstandigheden. Op het platteland van Groningen. Waar het leven was zoals in die zwart-wit film. Straten met rijtuigen en boerenkarren, langgerokte vrouwen in het zwart, mannen met hoeden en petten, beurtschepen in de kanalen. Een maatschappij van regels, een wereld met dat vaste adagium `doe maar gewoon’. Een wereld waar afkomst en geloof alles bepalend waren. Schrijver Theun de Vries schildert hem vaak in zijn werk. En Fedde Schurer, de journalist dichter doet het weergaloos in zijn autobiografie ‘De beslagen spiegel’. (Hij krijgt overigens dit jaar in Friesland de aandacht die hij verdient met de herdenking van Knuppelvrijdag, de strijd om de erkenning van de Friese taal.)

Die wereld dus, die ik zag bij de montage van het onderwerp. Waarin ook de Rinsema’s leefden en die ze dwarsig tartten door de De Stijl te omarmen. Daar was moed voor nodig. En dàt begreep mijn vader en had er diep resepct voor.

Kleinzoon Thijs Rinsema schaterde toen hij vertelde hoe de beroemde Dadaïst Kurt Schwitters in Drachten optrad. Een bijeenkomst die befaamd is omdat het de laatste Dada-soiree is en daarmee een mijlpaal werd in de kunstgeschiedenis. Schwitters repeteerde bij de Rinsema’s thuis. Thijs Rinsema jr stelt zich voor hoe dat moet zijn geweest. Op straat was te horen hoe de Duitse kunstenaar zijn vogelgeluiden oefende en het alfabet, maar dan andersom opgezegd.

En dan de werkplaats en de winkel die op een dag van kleur verschoot. De primaire kleuren van de Stijl kreeg. Witte wanden met blauwe, rode, gele kleuraccenten.

Het bruin van de jaren twintig overboord gezet.

`Hij vond het ook wel mooi om anders te zijn’ vertelde de kleinzoon over zijn grootvader die het zich niet aantrok als zijn plaatsgenoten hem schertsend begroetten; `Rinsema, da da!’

Na de montage heb ik nog even die film doorgekeken. En me verwonderd. Om die wereld uit de kindertijd van mijn vader. Zo ongelofelijk ver weg. En om die twee broers die daarin zo uitzonderlijk anders waren.

Deel deze pagina

« Terug naar het overzicht


Geef een reactie