De weblogs van de NOS worden niet langer bijgewerkt.

Voor nieuws Over de NOS kunt u terecht op over.nos.nl.
Voor de overige berichtgeving kunt u terecht op NOS.nl.

Politieke muzikanten

jorritsma_evita_anp-963367.jpg

Ere wie ere toekomt. Het was in de jaren ’90 vooral de VVD die zich als eerste enigszins losmaakte van het traditionele muzikale driestromenland in de Nederlandse politiek met zijn meer dan een eeuw onveranderd gebleven herkenningsmelodieën. De strijdliederen van de socialisten, de psalmen van de confessionelen en de dixieland van de liberalen. Terwijl de drie grote middenpartijen qua programma steeds meer op elkaar begonnen te lijken, kon je aan de congresmuziek nog steeds heel goed horen, of je op een bijeenkomst van de VVD, de PvdA of het CDA was.

De muzikale ontzuiling begon bescheiden. Met Hans Dijkstal op de saxofoon. De oud-vice-premier en oud-VVD-leider was met zijn Liberal Swing Formation een graag geziene gast op VVD-feestjes en speelde net iets modernere jazz dan ze daar altijd gewend waren geweest. En daarmee was het hek bij de liberalen al snel van de dam. Annemarie Jorritsma, destijds nog minister van Verkeer, verbaasde haar partijgenoten in 1998 op het 50-jarig jubileumfeest van de VVD met een versie van Don’t Cry For Me, Argentina, waarover nog steeds wordt gesproken (zie foto). En op datzelfde congres zongen de VVD-kamerleden Bibi en Monique de Vries en Hella Voûte hun leider Frits Bolkestein zo verleidelijk toe, dat hij voor het eerst en het laatst in zijn leven bloosde.

Ook bij het CDA kregen de psalmen in die jaren de eerste concurrentie. De partij deed in 1994 een poging de toen nog beroemde dwarsfluitiste Berdien Sternberg voor het CDA in de Tweede Kamer te krijgen. Toen dat mislukte, was het de huidige secretaris-generaal Jaap de Hoop Scheffer die voorging in de muzikale vernieuwing. Met zelf gemaakte teksten op populaire volksliedjes verloor de CDA-lijsttrekker, op de piano begeleid door good old Norbert Schmelzer, in 1998 de verkiezingen voor de Tweede Kamer. Het zorgde voor een terugslag, die tot zeer recent heeft geduurd, getuige de populariteit die het huidige CDA-kamerlid Jan Mastwijk (genre: middle of the road) tot de dag van vandaag in die kringen geniet.

Pas daarna begon het ook bij de PvdA muzikaal te dooien. Het in 2002 gekozen PvdA-kamerlid Co Verdaas bleek de leadzanger van John-Boy and the Waltons, een band die zich vooral in Beatle-covers had bekwaamd en daarmee zelfs in de Liverpoolse Cavern Club had gestaan. Deden hun houthakkershemden nog wel een beetje aan het proletariaat uit de dagen van Karl Marx zelf denken, dat gold niet meer voor Klaas de Vries. Hij maakte er de afgelopen jaren geen geheim van een liefhebber te zijn van klassieke muziek (bijv. Schubert) en kreeg bij kerstdiners van de PvdA-fractie zelfs de gelegenheid zijn eigen composities in dit genre ten gehore te brengen.

Inmiddels kijkt op het Binnenhof niemand er meer van op als politici ook muzikale ambities blijken te hebben. VVD-leider Mark Rutte met zijn vooral ‘s nachts beoefende liefde voor piano-concerten, CDA-burgemeester Gerd Leers die met de Heideroosjes een protestsong voor de legalisering van softdrugs maakt en CDA-minister Piet Hein Donner die daar een week later met een eigen rap weer tegenin ging. Ja, zelfs André Rouvoet van de ChristenUnie bleek in staat met zijn gitaarspel de EO-Jongerendag in grote vervoering te brengen.

En dan was er deze week Sabine Uitslag. Dinsdag beëdigd als tijdelijk Kamerlid om haar CDA-collega Mirjam Sterk te vervangen vanwege zwangerschapsverlof. Frontlady van Spinrock, een rockband waar CDA-ouders hun kinderen nog niet zo lang geleden voor geen goud naar toe lieten gaan. De muzikale ontzuiling van de Nederlandse politiek lijkt zo goed als voltooid.

Toof Brader

Deel deze pagina

« Terug naar het overzicht


2 reacties op “Politieke muzikanten”

  1. Pieter van der Starre zegt: 10-04-08 om 09:59

    Mag ik ondertekende er op wijzen dat ook hierin de SGP een toonbeeld van continuïteit is. Tijdens partij- en jongerendagen worden nog steeds psalmen gezongen, die de calvinisten al zongen tijdens de Nederlandse opstand. Dat geeft toch wel een saamhorigheid met de kerk van vroeger, hoewel we nu niet meer onderdrukt worden.
    Ik vrees echter dat met segmenten als Pechtold en Ruttte het politieke spectrum voor de SGP tot een smaldeel beperkt zal worden.
    Laten we hopen en bidden dat de SGP een comeback gaat beleven.
    Alleen dán kan er een zegen komen te liggen op het Nederlandse volk!

  2. Erik van der Does de Bye zegt: 10-04-08 om 12:18

    Waarde heer Van der Starre,

    Met uw reactie maakt u een grote vergissing. De psalmen die doorgaans door massaal toegestroomde SGP’ers gezongen worden, worden gezongen in de berijming welke in 1773 werd uitgegeven. Op een zeer kleine minderheid na, zingt de achterban deze psalmen volgens de genoemde berijming. De Nederlandse Opstand duurde van 1568 tot en met 1648 en was in 1773 al 125 jaar beëindigd.

    Enkele melodieën op welke de psalmen in de zogeheten Statenberijming (van 1773) worden gezongen, zijn inderdaad ook gebruikt ten tijde van de Nederlandse Opstand, vermoedelijk door Zwitserse of Oost-Franse huurlingen. Immers, de psalmmelodieën, welke door SGP’ers gezongen worden, zijn vrijwel allemaal liederen uit de Elzas en/of Zwitserland (vandaar ook het Geneefse psalter). Deze melodieën die van origine ritmisch gezongen werden (en pas later plechtstatig, maar muzikaal èn historisch gezien totaal onterecht van hun ritme zijn beroofd) zijn marsliederen en behoren ook als zodanig gezongen te worden: het zijn allemaal liederen waarop je kunt lopen.

    Met vriendelijke groet.

Geef een reactie