De weblogs van de NOS worden niet langer bijgewerkt.

Voor nieuws Over de NOS kunt u terecht op over.nos.nl.
Voor de overige berichtgeving kunt u terecht op NOS.nl.

De verwondering van de minister-president

tweede_kamer_stoelen.jpgGastblogger Chris Michel uit Vlaanderen

Toen ik minister-president Balkenende ontmoette in de marge van zijn wekelijkse gesprek bij de NOS, vroeg hij mij: “ Wat is het grootste verschil tussen de Nederlandse en de Belgische politiek?”
“Hier in Nederland zijn de politici directer maar hoffelijker met elkaar…”, antwoordde ik.
De minister-president schrok en zei dat er hier in Den Haag net een discussie aan de gang was over te veel onbeschoftheid in de Tweede Kamer. Dat snapte ík dan weer niet. Ik ben in de Belgische volksvertegenwoordiging wel wat anders gewend.


Bij zowat elke belangrijke parlementaire toespraak in Brussel worden de spreker verwijten toegeroepen, wordt er luid en cynisch gelachen en maakt men theatrale gebaren van misprijzen … En dat zijn dan nog de beleefde parlementaire zittingen. Op de heviger dagen zijn “leugenaar”, “bedrog”, “fascist” en nog meer van dat fraais in de Nederlandse en de Franse versie te horen.
En dan heb ik geregeld te doen met de griffiers en de vertalers die al die krachttermen moeten vastleggen voor het nageslacht. Gelukkig mag de Kamervoorzitter in Brussel, en dit in tegenstelling tot Den Haag, nog wél passages laten schrappen uit de verslagen.
Vorige week was de voorzitter van de Belgische Tweede Kamer, Herman van Rompuy,  in Den Haag op bezoek bij zijn collega Gerdi Verbeet. “Dat zou ik ook wel willen in het parlement in Brussel, zo’n klokje op het spreekgestoelte” zei van Rompuy .
“Maar mijnheer van Rompuy, een klokje zal niet helpen. U bent sowieso te toegeeflijk tegen sprekers die over hun tijd gaan”, zei een boude meegereisde Belgische functionaris.
De heer van Rompuy lachte even maar zei niets want de functionaris had gelijk. Een Belgische Kamervoorzitter heeft het namelijk niet onder de markt met het hoge testorerongehalte en het machogedrag van vele politici.

Mevrouw Verbeet daarentegen houdt de teugels heel wat strakker in de Nederlandse Tweede Kamer. Tijdens de maidenspeech van een politica waren er drie ministers onderling aan het praten. Dat ontging de kamervoorzitter niet en ze snauwde de keuvelende excellenties toe dat ze weinig respect toonden voor de spreekster en dat ze stil moesten zijn. De ministers keken binnen de seconde braaf en zwijgend naar de strenge voorzitter.   Zoiets had ik in Brussel nog niet gezien.
Maar toch zei mevrouw Verbeet, vorige week, dat ze “meer theater” wil in de Nederlandse volksvertegenwoordiging want “ nu zijn er weinig spannende debatten en geen emoties”.
Ik raad haar aan om met de hele Tweede Kamer een paar dagen naar Brussel op excursie te gaan. Emoties en theater genoeg daar, maar ook minder discipline en vooral ook…inhoudelijk een lager niveau dan in Nederland.
Toegegeven, de debatten in Den Haag zijn inderdaad soms een beetje saai, maar ze zijn opvallend helder en veel eerlijker dan in België. Elke Nederlandse partij bekijkt alles wel door haar bril, maar elke discussie wordt altijd gevoerd in het “algemeen belang”. In Nederland nemen de oppositieleden het ook geregeld op voor een meerderheidspoliticus als die volgens hen goede dingen doet. Dat is in Brussel vrijwel ondenkbaar. Bovendien heeft het Belgische politieke discours bijna altijd een dubbele bodem. Een politicus zegt er soms rare dingen omdat er verborgen motieven zijn die hij of zij niet zegt.
Zo verdedigen de Waalse socialisten liever de belangen van een rijke Franstalige burger in de rand rond Brussel dan die van een Vlaamse arbeider. De politici die vrijmetselaar zijn durven wel eens te werken met een geheime agenda tegen alles wat christelijk is. Vlaamse en Belgische nationalisten hebben tegengestelde drijfveren. Maar dat wordt nooit expliciet gezegd. Heel moeilijk en dubbelzinnig dus. En erg verwarrend voor de burger.
Dàt, mevrouw Verbeet, moeten jullie in Brussel zeker niet gaan leren.  

En mijnheer de minister-president: nu weet u ook waarom ik u even niet snapte toen u verwonderd was.

Chris Michel

Chris Michel (1956) verblijft voor 2 maanden op de NOS redactie in Den Haag. Dit in het kader van een journalistenuitwisseling tussen Vlaanderen en Nederland. Hij was ondermeer twaalf jaar verslaggever en commentator bij het VTM-nieuws. Daar was hij gespecialiseerd in Belgische politiek en Centraal Afrika.

Deel deze pagina

« Terug naar het overzicht


1 reactie op “De verwondering van de minister-president”

  1. Tim zegt: 29-11-08 om 18:57

    Mooie blog Chris! Ik heb inderdaad in Brussel debatten gezien waar de honden geen brood van lusten… Beledigingen die totaal niets met de inhoud te maken hadden. Vooral bij minister De Crem was het vaak genieten. Een SP.A-politicus kreeg van hem het verwijt dat hij heulde met Osama toen hij een eventuele Belgische troepenuitbreiding in Afghanistan ter discussie stelde. Hij nam het op voor verkrachters, moordenaars en fundamentalisten zei De Crem in een volle Kamerzaal. Met open mond heb ik ernaar gekeken…

    Het ga je goed en we houden contact!

Geef een reactie