Fluiten tegen de maan
De meeste Europese landen - het herenigde Duitsland vormt de belangrijkste uitzondering - hebben hun machtspositie in de wereld de afgelopen vijftig jaar zien verminderen. Ook de internationale betekenis en macht van Europa als geheel zijn afgenomen. Voor de VS is Europa sinds het einde van de Koude Oorlog strategisch minder van belang; China, India en andere landen zoals Brazilië komen op. De komende jaren veranderen de machtsverhoudingen in de wereld waarschijnlijk ten nadele van Europa.
Dat zal zeker het geval zijn in demografisch opzicht. In 2025, zo schat de VN, zal 61 procent van de wereldbevolking in Azië leven en maar 6,5 procent in Europa. Verder zal Europa het grootste aandeel ouderen tellen: 30 procent van de bevolking. In 2030 zijn er voor elke oudere in Europa nog maar twee werkende mensen, tegen vier in 2008. Het economisch belang van Azië groeit mee, tot 30 procent van het mondiale BBP, terwijl dat van de EU op 20 procent blijft steken. Over een jaar of zeven zal China de tweede economische macht ter wereld zijn. In China studeren nu al jaarlijks vier miljoen mensen af aan een universiteit en het aantal gepromoveerden is met 60.000 hoger dan in de VS.
Ongetwijfeld zal die groeiende economische macht van Aziatische landen zich vertalen in politieke invloed. China bouwt daarnaast hard aan versterking van zijn krijgsmacht.
Hoe moet Europa hierop reageren? Hoe kunnen landen als Nederland waarborgen dat de belangen van hun burgers worden beschermd? De eerste taak van een staat is het beschermen van lijf en goed van zijn burgers. Hoe effectief kan dat nog, nu en in 2025?
Eén ding staat als een paal boven water: als de Europese landen niet eensgezind optreden, staan zij grotendeels machteloos. Voor Europese landen komt een buitenlands of veiligheidsbeleid buiten EU-verband neer op fluiten tegen de maan. Nu slaagt China er nog te vaak in de Europese landen tegen elkaar uit te spelen, concludeert de European Council on Foreign Relations. Toch wordt ook voortgang geboekt. Zo was de toelating van China, India en andere opkomende landen in de Financial Stability Board en in het Comité van Basel, dat de regels schrijft voor het internationale bankwezen, een belangrijke stap. Hoe meer deze landen verantwoordelijkheid willen dragen in multilaterale instellingen, hoe beter.
Maar ook dichter bij huis staat de EU voor grote opgaven. Hoe bijvoorbeeld om te gaan met Rusland, dat de Europese landen wil laten kiezen tussen gasleveranties (inclusief vette contracten voor Gasunie, ENI c.s.) en politieke steun voor volken die zich aan de greep van Moskou willen ontworstelen, zoals het Georgische? Hoe te zorgen voor stabiliteit op de Balkan, zoals in de Europese ‘protectoraten’ Bosnië en Kosovo? Hoe de democratische krachten te steunen in Servië en Macedonië, en de pro-westerse koers van Turkije? En, niet in de laatste plaats, wat kan Europa doen om de mensenrechten en democratische veranderingen aan te moedigen (en extremisme te ontmoedigen) in het strategisch belangrijke Algerije, Marokko, Lybië, Egypte? Landen die een belangrijke schakel zijn in onder meer de stroom illegale migranten naar Europa.
Als één ding opvalt in de Nederlandse campagne voor de Europese verkiezingen, is het dat deze thema’s geen enkele rol spelen. Geen politicus van enig formaat die erover spreekt, geen journalist die ernaar vraagt. Te moeilijk voor het volk en slecht voor de kijkcijfers, zo lijkt stilzwijgend te worden aangenomen. Dus blijven belangrijke dilemma’s onbesproken.
Eén van die dilemma’s is of Nederland en de andere EU-landen onze veiligheid en Europa’s invloed in de wereld kunnen blijven waarborgen zonder te investeren in het militair apparaat. Dat is primair een vraag voor nationale politici, maar de EU kan een rol spelen op terreinen als het wapenaankoopbeleid. Geldgebrek heeft geleid tot opeenvolgende bezuinigingen op de Nederlandse krijgsmacht, net als in veel andere Europese landen het geval was. De gevolgen zijn navenant. Zo slagen de Europese regeringen er niet in de troepenmacht van 60.000 militairen tot stand te brengen waartoe zij tien jaar geleden hebben besloten. En de concurrentiekracht van de Europese defensie-industrie staat onder druk, omdat zij genoodzaakt is voor gefragmenteerde nationale markten te produceren. Dat zijn vragen die in de Europese campagne centraal zouden moeten staan.
Een andere kwestie die wij niet lang meer uit de weg kunnen gaan is het gebrek aan eenduidig leiderschap in het Europees buitenlands beleid. Nu treden namens de EU op: leden van de Europese Commissie, de ‘Hoge Vertegenwoordiger’ (Javier Solana) en het Raadsvoorzitterschap, dat elke zes maanden aan een ander land toevalt. Onder het huidige, Tsjechische voorzitterschap heeft dat tot een kakofonie geleid, met openlijke ruzie tussen president Klaus en premier Topolanek, wiens kabinet ook nog eens ten val werd gebracht. Hoog tijd dus voor het nieuwe EU-verdrag, dat voorziet in een voorzitterschap van twee-en-een-half jaar en een ‘Hoge Vertegenwoordiger’ met een versterkt mandaat. Natuurlijk: papier is geduldig en ook met de nieuwe opzet zullen de 27 lidstaten het lastig blijven vinden het eens te worden. Maar een stap in de goede richting is het wel.
Zal het Nederland en de landen van Europa de komende jaren lukken om gezamenlijk een effectieve rol te spelen in de wereld? Nogal wat Amerikanen hebben er een hard hoofd in. Europa zal eerder aan invloed inboeten, zo voorspelden de Amerikaanse veiligheidsdiensten vorig jaar. Europa wordt een kreupele reus (‘a hobbled giant’), mede omdat de nationale politici falen in het bouwen van draagvlak onder hun burgers voor een sterk en eensgezind Europa. Een analist als Robert Kagan zegt het nog directer: Europa wordt irrelevant. De toonaangevende Chinese expert Yan Xuetong zegt hetzelfde: “Europa heeft geen toekomst in de wereld als het niet integreert. U wordt irrelevant.”
Zover is het nog niet. Of Europa irrelevant wordt, hangt af van Europa’s leidende nationale politici. Maar ook van hun kiezers. Deze week kunnen die hun politici duidelijk maken dat een gezamenlijk Europees buitenlands en veiligheidsbeleid broodnodig is, door te stemmen op partijen die dat standpunt delen.
Gijs de Vries was onder meer EU-coördinator terrorismebestrijding en hij is mede-oprichter van de European Council on Foreign Relations.

Klopt als een bus. Europa’s belangrijkste doelen zouden dit moeten zijn:
1. Meer zelfvoorzienend in de energie sector. (meer groene energie)
2. Algemene vorming van eenheid. (minder macht voor indivuduele lidstaten)
3. Het “verversen” van de bevolking. (door bijv Turkije toe te laten)
Helder betoog, realistische visie.
Hebben euro-sceptici hun kop in het zand?
…en staren staren onze nationale (euro-) politici naar hun navel?
De vraag is natuurlijk wel in hoeverre het noodzakelijk is om een belangrijke rol te spelen op het wereldtoneel. Bang voor buitenlandse invasie hoeven we al lang niet meer te zijn, zolang “we” maar een arsenaal kernwapens achter de hand houden.
Maar misschien zijn we dus zometeen niet meer in staat om zeg een Irak of Afghanistan onze wil op te leggen…. dus?
Ik hoef ook niet perse nog veel rijker te worden, dus dat andere landen grotere economische machten worden is ook niet zo interessant. Wat voor nuttigs doen wij nou met al dat extra geld? Zover ik het kan zien gaat het meeste geld nu al op aan steeds duurdere gadgets, merkkleding, onzinnig luxe eten bij de AH, etc. De basisbehoeften van een dak boven je hoofd, eten in je maag, en een beetje gezondheidszorg op het goede moment kunnen nu al makkelijk voor iedereen verzorgt worden.
Enige wat vervelend kan zijn is wat er gebeurt als we steeds meer van onze productie naar het buitenland verkassen, met het idee dat we een “kenniseconomie” zijn, en als China dan op een gegeven moment zegt “sorry, we hebben jullie kennis niet meer nodig, dus wij leveren jullie ook niks meer.” Beetje kort door de bocht misschien, maar we produceren in Nederland ondertussen al weinig meer dan wat eten en ideeen… en zoals vermeld gaan de Chinezen ons ook heel erg ruim inhalen op het ideeen-productie vlak.
Dus ik zou juist stemmen op partijen die ook vinden dat we ‘binnenshuis’ productie capaciteit moeten hebben om duurzaam (zonder buitenlandse olie!) ons eigen leventje te kunnen onderhouden.. desnoods dan met een tikje slechtere levenstijl.
De ‘supermacht’ ziekte slaat weer toe bij een lid van de politieke elite. Ik wil helemaal niet dat de EU die rol kan gaan spelen. Ik ben niet bang van de grote boze buitenwereld dit i.t.t. tot de EU-fielen die doodsbenauwd zijn en roepen ‘bigger is better’.
Ook Gijs de Vries is blijkbaar van de categorie ‘we moeten gezamenlijk Europees beleid’ = zo snel mogelijk democratie afschaffen. Want, beste Gijs, de EU is 100% ondemocratisch. Het Europees Parlement is geen echt parlement en wetgevende macht hoort bij de Nederlandse parlement thuis en niet bij de Europese Commissie.
Het Lissabon verdrag is een aanval op democratie want zonder vetorecht is de Europese Commissie leidend qua wetgevend initiatief, en met vetorecht is het ons eigen parlement. Wat is democratischer?
Turkije bij de EU? Vandaag niet, morgen niet, nooit.
Helemaal eens Gijs, het wordt hoog tijd dat we een gemeenschappelijk buitenlands beleid krijgen. Wat mij betreft ook één leger omdat het goedkoper is en effectiever.
Dan worden we lekker irrelevant ?
Ik snap best dat het belangrijk is samen te werken met sterke bondgenoten om een blok te vormen. Maar kom op zeg, we maken iedereen maar lid van de unie. We waren een economische best sterk land met een hele sterke munt. We leefden van handel. Hadden een redelijke sociale structuur waardoor mensen zich konden richten op productief zijn en zich geen zorgen zouden hoeven maken om oude dag, gezondheidszorg etc etc. Dat is de afgelopen 20 jaar in hoog tempo afgebroken. Voor zogenaamde “marktwerking” die volgens mij alleen maar tot gevolg heeft gehad dat alles dat Nederland zelf een beetje in de hand had, in de uitverkoop ging en nu de meest zotte situaties oplevert. Oude dag voorzieningen en gezondheid (en onderwijs) wordt iedere regeerperiode meer vanaf geknibbeld omdat er bezuinigt moet worden voor andere idioterie, voornamelijk omdat we door onze verplichtingen naar de EU alleen maar aan meer regels moeten en ook willen voldoen. Qua buitenlanders beleid, iets dat al voor de EU behoorlijk speelde in dit land, is het alleen maar slechter geworden. IPV dat we eerst het zogenaamde Moslim “probleem” en illegale Afrikanen probleem op hebben gelost, hebben we nu onze handen ook nog eens vol aan Polen, Roemenen, Bulgaren (allemaal landen die helemaal niet zo sterk zijn, dus waarom in vredesnaam allemaal in een keer in de EU ?) waardoor we ook niet meer serieus aan het Moslim “probleem” toe komen.
En dan ach…laten we de Turken dan ook nog maar toelaten want we hebben nog niet genoeg te doen ?
Los eerst eens iets op voordat je nog meer ellende op je nek neemt ? Nederland is een chaos, en de EU helpt niet mee dat op te lossen. Het zorgt alleen maar voor meer onvrede en een breuk in je bevolking.
Dit zijn absoluut pertinente vaststellingen. Dat deze kritieke thema’s niet op de agenda stonden bij de verkiezingen wekt ook verbazing bij mij op. De maatregelen die Thadeous voorstelt zouden al een stap in de goede richting zijn, maar zijn niet voldoende. Volgens mij is het kwart over twaalf voor Europa, maar een mentaliteitswijziging en “sense of urgency” blijken nog niet aan de orde te zijn.