De weblogs van de NOS worden niet langer bijgewerkt.

Voor nieuws Over de NOS kunt u terecht op over.nos.nl.
Voor de overige berichtgeving kunt u terecht op NOS.nl.

Ook onderkoning buitenspel bij formatie

Behalve de koningin staat ook haar belangrijkste adviseur – de vicepresident van de Raad van State, bijgenaamd de onderkoning – buitenspel bij de komende kabinetsformatie. Dat zal even slikken zijn voor de 64-jarige christendemocratische politicus en jurist Piet Hein Donner met ervaring als kabinetsinformateur.

Hij werd in februari dit jaar tot onderkoning ‘gekroond’ door het kabinet-Rutte. Daarvoor was hij minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Tot nu toe startte elke formatie met het raadplegen door de koningin van haar adviseurs, de vicepresident van de Raad van State voorop, en alle fractievoorzitters. Nu de Kamer besloten heeft het formatieheft in eigen hand te nemen, staat behalve koningin Beatrix dus ook onderkoning Piet Hein Donner aan de zijlijn. Heel opvallend was dan ook het bericht in het dagblad Trouw van donderdag 30 augustus. Daarin was te lezen dat Piet Hein Donner zijn diensten zou hebben aangeboden om een snelle start en een vlot verloop van de kabinetsformatie na de verkiezingen mogelijk te maken.

Spindoctors en factcheckers

Prompt na het bericht in Trouw over het ‘opvallende aanbod’ van de onderkoning liet de Raad van State echter al weten, dat ‘dit bericht niet berust op feiten’. In deze campagnedagen, waarin elke (politieke) waarheid weer veel kanten blijkt te hebben en waarin factcheckers en spindoctors elkaar proberen de loef af te steken, kan het nooit kwaad even de journalistieke feiten erbij te nemen.

Dit schreef Trouw:  “Piet Hein Donner schijnt het ook allemaal zeer ongewis te vinden. Sommige Tweede Kamerleden kregen de afgelopen weken een opvallende suggestie uit de hoek van de Raad van State te horen: de vicepresident van de Raad van State zou wellicht direct na de verkiezingen ‘een analyse’ kunnen schrijven over de ontstane politieke situatie.” Let u op het woordje ‘wellicht’ en de bronvermelding ‘sommige Tweede Kamerleden’.

De Raad van State ontkende het verhaal dus en voegde daaraan nog toe: “Het is primair aan de Kamer om eventuele steun te vragen aan de vicepresident en het ligt niet op de weg van de vicepresident om deze aan de Tweede Kamer aan te bieden.” Let u hier op de woorden ‘primair’ en ‘ligt niet op de weg’. Volstrekte duidelijkheid wordt er niet geschapen. Het illustreert maar weer eens dat het in de politiek, zoals Donners partijgenoot en ex-premier Van Agt het eens onnavolgbaar verwoordde, om optiek en akoestiek draait.

Al met al ligt een snelle formatie-inzet van onderkoning Piet Hein Donner niet voor de hand. De Tweede Kamer is het op straffe van gezichtsverlies aan zichzelf verplicht dit varkentje te wassen. Bovendien is de naam van Donner (nog) te zeer verbonden met het gedoogkabinet-Rutte. Bij de tumultueuze formatie van dat nu gevallen kabinet trad Donners voorganger als onderkoning – Herman Tjeenk Willink (PvdA) – overigens twee keer als ‘tusseninformateur’ op.

Surrogaat koningin

Twijfel over de manier en het tijdstip waarop de formatie van een nieuw kabinet na 12 september van start kan gaan, is inmiddels (nu koningin én onderkoning buitenspel staan) voor andere politici dan Piet Hein Donner aanleiding geworden om expliciet hun diensten aan te bieden. Aftredend Kamervoorzitter Gerdi Verbeet (PvdA) en Christen Unie-leider Arie Slob lieten doorschemeren er wel iets in te zien om eventueel – als een soort surrogaat koningin – de naderende kabinetsformatie vlot te trekken.

Het meest bepleit wordt, dat de leider van de partij die als grootste uit de stembus komt, het voortouw gaat nemen in de formatie van een nieuw kabinet. Dat zal voorlopig in achterkamertjesoverleg ‘moeten’ gebeuren, omdat de nieuwe Kamer en de nieuwe Kamervoorzitter pas ruim een week na de verkiezingen aantreden. Dat kan in een later plenair debat in de Tweede Kamer weer min of meer transparant gemaakt en glad gestreken worden, zo beklemtonen de voorstanders van een kabinetsformatie buiten de koningin om.

Oranjecoalitie

De zorg en onzekerheid over het komend staatsrechtelijk novum rond de kabinetsformatie worden gevoed door de opvatting dat we een lastige en langdurige formatie voor de boeg hebben. Wellicht echter valt dat mee. Wie de politieke commentaren van de laatste dagen beluistert, hoort steeds vaker dat er na de verkiezingen niet veel andere smaken zullen zijn dan wat een ‘oranjecoalitie’ wordt genoemd. Voor alle duidelijkheid: deze benaming heeft niets van doen met de Oranjes van de Koninklijke Familie.

Oranje is de kleur die te voorschijn komt na menging van de clubkleuren van de partijen die deel zouden moeten uitmaken van een oranjecoalitie: VVD, PvdA, D66, en CDA; met eventueel ook nog ChristenUnie en GroenLinks. “Als Nederland zich verenigt, kleurt het oranje”, is in dit verband de veel gehoorde leus.

Achterliggend idee zijn de politieke tegeltjeswijsheden (dat zijn wel degelijk ook wijsheden!) dat partijen in een compromisland als het onze zich dan wel op de flanken van het politieke krachtenveld kunnen profileren, maar in het midden moeten regeren. Politiek is immers de kunst van het haalbare. Het daarbij noodzakelijke ‘over je eigen schaduw heen springen’, hebben politici onlangs bij het Kunduz-akkoord nog geoefend.

Gelet op het landsbelang zou ook koningin Beatrix vrede moeten hebben met zo’n, weliswaar buiten haar om gevormde, oranjecoalitie. Voor de beoogde troonsopvolger Willem-Alexander zou dat al helemaal moeten opgaan. Een breed, stabiel kabinet, zo wordt aangenomen, biedt immers een prima basis voor een troonswisseling. Die kan voor de verdeelde natie weer een samenbindend ‘oranjemoment’ betekenen. Eerst is  het woord aan de kiezer.

Deel deze pagina

« Terug naar het overzicht


Geef een reactie