De wereld babbelt, Moeder Natuur spreekt
Ik had de hele week een liedje in m’n hoofd: ‘The goals of the Millennium’. Haïti is een arm land. Geen twijfel mogelijk. En Haïti zou dus zeker iets te winnen hebben bij die millennium doelen. Maar we weten allemaal dat die doelstellingen het alleen maar goed doen in de krant en op het nieuws. Die doelen, ik hoef u niet te vertellen welke dat zijn, dat weet u zelf wel. En u weet ook dat de rijke landen er alle belang bij hebben om armoede te laten bestaan. Als er geen armen zijn, dan is er niks om je mee te vergelijken.
Tijdens die lange zittingen en vergaderingen bij de VN de afgelopen week, had de Haïtiaanse regering, die er ook bij was, heel wat te bespreken met de donorlanden die ooit geld hebben beloofd. Ik hoop dat dat wat zal opleveren, want alleen maar praten over eenheid en solidariteit, daar worden we niet beter van. En het kost nog geld ook. De mensen die in de tentenkampen wonen en hun dagelijkse strijd voeren om te overleven en die moeten bedenken hoe ze het geld bij elkaar moeten krijgen om hun kinderen volgende week naar school te kunnen laten gaan, die zijn niet geïnteresseerd in ‘millenniumdoelen’.
En ze hebben gelijk. Want deze week herinnerde Moeder Natuur ons eraan hoe kwetsbaar de situatie in Haïti nog steeds is. Vrijdagmiddag, rond tien over vier, werden we overvallen door een plotseling opstekende storm. Was die trouwens echt niet te voorzien geweest? Ik weet het niet, maar ik had er nergens over gehoord of gelezen. Hoe dan ook: in minder dan een kwartier werd de lucht inktzwart, begon het te hozen en joegen enorme windvlagen door de stad. U kunt zich wel voorstellen wat dat betekende voor die duizenden mensen in de tentenkampen. Bovenop de ellende van alledag, kwam er nu dit: bomen die omvielen bovenop auto’s en huizen. Reclameborden en elektriciteitsmasten die naar beneden kwamen. Plastic zeilen, tenten en zelfs hele daken van huizen die als confetti door de lucht vlogen.
Er zijn naar schatting tien mensen omgekomen in en rond Port-au-Prince. Een kwartiertje was ervoor nodig om ons eraan te herinneren dat we nog steeds geen evacuatieplan hebben voor als er echt een keer een orkaan onze kant op komt. Dat we nog steeds geen overlevingsstrategie hebben om ons te verweren tegen een tropische storm. Terwijl we weten dat het elk moment kan gebeuren. Het lijkt wel of er mensen zijn die denken dat het beter is om te wachten tot het zover is. En dan in actie te komen. Het gaat om geld. Het gaat om geld en niets anders. Een ramp betekent: donaties en hulp. Donaties en hulp betekent: geld en nog meer geld. Laat ze maar vergaderen daar bij de VN. Voor mijn part het hele jaar. Ik weet dat mijn toekomst afhangt van wat ik er zelf van maak. Mijn overleven en dat van mijn land is een zaak van niemand anders dan het hele Haïtiaanse volk en van mij. De ‘wind van herinnering’ heeft ons dat vrijdag weer duidelijk gemaakt.
In dit verband is het goed om u te laten weten dat ik de baan bij Containers to Clinics heb aangenomen. Door bij C2C te gaan werken, krijg ik weer een beter inzicht in de gezondheidszorg hier en dat geeft mij dan weer de kans om te helpen Haïti uit deze beerput omhoog te trekken. En voor mijzelf en mijn gezin is het natuurlijk ook belangrijk dat ik weer een substantieel inkomen heb. Ik begin op 4 oktober. Ik zal u op de hoogte houden, maar u kunt ook vast een kijkje nemen op hun site: www.containers2clinics.org. Dat was het voor nu. Tot volgende week.
Salut!
