De weblogs van de NOS worden niet langer bijgewerkt.

Voor nieuws Over de NOS kunt u terecht op over.nos.nl.
Voor de overige berichtgeving kunt u terecht op NOS.nl.

Journalistiek werk in Port-au-Prince

Een met cholera besmet kind in een tent van Artsen Zonder Grenzen op Haïti  (Foto: EPA)

Nieuwsuur-verslaggever Rudy Bouma reist door Haïti om de gevolgen te bekijken van de cholera-epidemie. Haïti werd begin dit jaar getroffen door een zware aardbeving die meer dan 100.000 levens eiste. Nu wordt het straatarme land getroffen door een uitbraak van de zeer besmettelijke ziekte. En op 28 november zijn er – voor wat het waard is – verkiezingen. Een (eerste) weblog over journalistiek werken in een geruïneerd land.

16 november: Bureaucratie
We hebben afgesproken met hulpverleners van Cordaid. Ze staan te popelen om woningen te bouwen Port-au-Prince zelf, waar nog 1,3 miljoen mensen in tentenkampen leven. Maar de bureaucratie zit tegen. Het is onduidelijk wie de landeigenaren zijn van het gebied dat Cordaid is toegewezen. Huis-aan-huis wordt geïnformeerd en vragenlijsten ingevuld.

15 november: Succesvolle verbinding
Weer om 06:00 uur op pad. We volgen vanochtend een transport van houten huisjes, gemaakt in de fabriek van de Nederlandse familie De Gier. Ze maakten eerst keukens en grafkisten maar hebben de omslag gemaakt naar noodwoningen in opdracht van organisaties zoals Cordaid. Al zo’n 2000 zijn er geplaatst bij tentenkampen buiten Port-au-Prince. Alleen de tentbewoners komen er voor in aanmerking. De Haïtianen in het naastgelegen Kanaan, een nogal cynische bijnaam voor een verzameling na de aardbeving opgetrokken hutjes, vallen tussen wal en schip. Ze zitten niet in een programma van een van de NGO’s en krijgen niets.

We moeten terug naar de stad voor een kruisgesprek met Nieuwsuur’s Marielle Tweebeeke. Dit is de afgelopen dagen nog niet gelukt omdat er geen satellietverbinding was. Inmiddels is er een operator ingevlogen uit Jamaica die voor ons met een krakkemikkige vierdehands zogenoemde SNG-wagen een verbinding tot stand brengt bij een vaag leegstaand complex in Petoinville.

Ondanks wat technische problemen zijn de opnames succesvol. Ik kan zelfs nog het actuele nieuws brengen over een fel protest van Haïtianen bij een Nepalese VN-basis waar volgens hen de cholera-bacterie vandaan zou komen.  Een uur later heeft Nederland onze reportage en het kruisgesprek gezien. Een collega schrijft op mijn Facebook-pagina: “Vreselijk om daar te moeten werken maar goede reportage”. Ik antwoord hem dat het ondanks alle ellende goed voelt om hier verslag te doen omdat het echt ergens over gaat.

Maar Nederland is intussen in de greep van het zoveelste relletje binnen de PVV.

14 november: Tergend traag
Ik ben alweer om 05:00uur wakker, mijn kamer is ondergelopen door een kapotte leiding. Maar goed ook: er volgt een lange montage-dag. Na het monteren van een nieuwsreportage voor het NOS-journaal en een achtergrondreportage voor Nieuwsuur zijn we gedwongen om nog zo’n zes uur naast de computer in het businesscenter van het hotel te zitten terwijl tergend traag ons videomateriaal via internet wordt verstuurd. 

13 november: Uitgedroogde baby
De volgende ochtend 07:00uur. We staan in het kapelletje van Wereldouders, dat normaal weeshuizen en een kinderziekenhuis runt, maar nu ook cholera-slachtoffers opvangt. Joanne Schippers, een Nederlandse medewerkster die nog herstellende is van flinke bronchitis, bedekt de levenloze lichamen van twee kinderen een een volwassen man met doeken. Pater Rick zingt, bidt en zwaait met wierook. Het gehuil van de echtgenote van de aan cholera overleden Eliphete klinkt door de kapel en snijdt door merg en been.

Dan wordt nog een kinderlichaampje binnengebracht, afgegeven aan de poort. Leeftijd en naam onbekend. Zelfs de meest ervaren hulpverleners verbijten zich of pinken een traan weg.

Welkom in Port-au-Prince.

Joanne toont ons de vier tenten die Wereldouders heeft opgezet om de klinieken van Artsen zonder Grenzen te ontlasten. Een vader met een oranje KNVB-shirt vertelt ons over zijn zieke baby.

Over kapotte wegen rijden we naar het Artsen zonder Grenzen-kamp Tabarre waar 240 bedden zijn gecreëerd op een braakliggend terrein. Veel kinderen en baby’s. De sfeer is rustig, bijna sereen. De bedden hebben een gat in het midden zodat patiënten niet op hoeven te staan om hun diarree te lozen. Een man geeft over; zijn braaksel is als water.

De mensen hier hebben geluk, ze zijn er op tijd bij. Cholera kan binnen enkele uren tot de dood leiden. Hier krijgen ze een infuus met zout-en-suikeroplossing die hun in 72 uur weer op de been kan brengen. 

We vervolgen onze weg naar AzG-kamp Sartre. Hier liggen de meest ernstige slachtoffers. Een baby is zo uitgedroogd dat geen ader meer werd gevonden waar een infuus in kan. Ze krijgt een infuus direct in het bot. Pijnlijk maar effectief, het gaat alweer beter met haar.  De vader van een peuter berust zich in haar lot: “God geeft en God neemt”.

Urenlang staan we in de file naar een tentenkamp in Dalmas; hier wonen zo’n 50.000 gezinnen opeengepakt. Joanne Schippers lijdt ons rond en wijst ons op de slechte hygiëne. Toch valt het ons steeds op dat zelfs in deze mensonterende omstandigheden de mensen hun best doen schoon te blijven, waardigheid te behouden. Maar de kennis over cholera is gebrekkig. Joanne brengt er mensen de basics bij. Voor iedereen die ze die dag tegenkomt heeft ze een praatje en een glimlach. 

Na een werkdag van een uur of veertien komen we vermoeid, hongerig maar voldaan in het hotel en bekijk ik tot ‘s avonds laat het materiaal dat we opnamen. We hebben zoveel gezien, gefilmd en meegemaakt dat het lijkt alsof we hier al een week zijn.

12 november: Aankomst
Na een reis van een etmaal via Londen en New York komen we eindelijk aan op Haiti. Direct buiten het vliegveld nog steeds tentenkampen zover het oog kan zien. Het verkeer in Port-au-Prince staat overal muurvast. Eenmaal aangekomen in het centrum zijn we stomverbaasd hoe weinig ook hier is veranderd sinds de maanden na de aardbeving. De centrale pleinen nabij het ingestorte paleis staan allemaal volgepakt met hutjes en tentjes.

Hoe wrang om hier enkele tientallen meters vandaan in een hotel te zitten met airco, een warme douche, (langzaam) draadloos internet, Prestige-biertjes en zelfs een gevuld zwembadje.

Na wat telefoontjes aan in Nederland voorgesproken contactpersonen rijd ik met mijn cameraman Dennis Hilgers en onze chauffeur/tolk Yves naar het ziekenhuis in het centrum waar net een cholerakliniek is ingericht. We mogen er niet filmen. Wel ontmoeten we een jongen wiens vriend net aan de vernietigende ziekte is overleden.

Deel deze pagina

« Terug naar het overzicht


5 reacties op “Journalistiek werk in Port-au-Prince”

  1. Heb een artikel geplaatst op onze wijkwebsite. De wereld heeft het over financiële crisis en over veiligheid. Solidariteit. Dit is echt crisis.

  2. John van Dokkumburg zegt: 19-11-10 om 13:42

    Ik erger mij aan de staatsautoriteiten , hun claimes en disinformatie in deze noodtijden hebben ze totaal geen ervaring en lijkt het er steeds weer op dat we te steeds weer te maken hebben met een ongeorganiseerde bende profiteurs , al dan niet van de officiele staat .

    Een kiezer koos niet voor (en onervarenden) prutsers en losers en brandstichters , en een kiezer hoort te kiezen voor iedereen van goede wil welke meerder is dan die van de wetten van een mensenmassa controle , aldus die van belastingen en star zelfbehoud voorop . In een ramp is iedereen op zoek naar een alternative baan … maak mij niet wijs dat een regering gevrijwaard blijft alsof er niets is veranderd , en dus zijn bestuurlijke naar zich zelf getrokken autoriteit kan voortzetten .

    Bestuurlijke onzin en deze onervaren tijden.
    Wat heeft plundering met bestuur gemeen ? zagen zij dat aankomen … – Orde heeft niets met bestuurders, en aldus niets op met een wet of decreet en systeem tekst , welke staat voor de bezitterigheid van asociale dode instrumenten en van (mensenmassa) beheers contróle !! – ik zeg dit omdat zij zijn gebleken dat ze niet instaat zijn hun onzinnige situatie die ze hierin innamen – anders te gaan zien .

    Kijk als wij in NL een ongeluk krijgen dan krijg je hulp , of je het nu verdient hebt of niet , het is er gewoon . Ja dit kost geld , maar je word geen eigenaar van het ziekenhuis daarmee . Zo zal het met ongedifinieerde grond ook horen te gaan , je bezit het niet met je grote mond , maar slechts dan op moment dat er goede zekerheid bestaat of is bewezen dat het wel (of misschien wel niet) van jouw is . ( foto voorwerpen oid ) Tot die tijd is het van niemand .

    Wel moet gesteld dat we altijd met bewijs fraude te maken kunnen hebben , indien daar dus een menings verschil over ontstaat , zal de grond slechts aan betwisters duur verhuurd mogen worden waarna en hier dan geen gebouw op gebouwd mag worden . want zo laten de claimers hun eer gelden en kunnen ze het dus beter de grond aan de community – voor het weggeven aan iemand .. weggeven .

  3. Tim zegt: 19-11-10 om 14:41

    Als in Nederland een stukje grond in het algemeen belang voor iets anders nodig is dan komt er een bestemmingsplan en voor je het weet ben je je stukje land kwijt. Het lijkt mij, in het belang van Haiti en haar inwoners, dat dat nu ook zou moeten gebeuren met die stukken land waar men de eigenaar niet van kan vinden. Ze kunnen niet gaan zitten wachten tot mensen weer een keer opduiken, compenseer dan maar later? Er gaan tientallen zo niet honderden mensen dood omdat mensen spoorloos zijn dus? Mensenlevens zijn toch onbetaalbaar, een stukje grond niet.

    Het stukje zorg in Nederland John, ja dat klopt. Maar vergeet niet dat wij ook heel dichtbij een situatie komen waarbij alleen de meest basis zorg nog maar collectief is en de rest op het individu aankomt (en dus ook apart moet worden afgerekend). Als het aan de liberalen ligt, krijg je ook alleen het hoognodige en is het verder voorbij met de quasi-collectieve sector. Dan krijg je voor je belastinggeld dus veiligheid en bestuur en nog een minimaal klein beetje sociale zekerheid en kan je verder voor je leven gaan knokken. Ben je zwak? Dan krijg je niets en ga je snel dood. Niet mijn wereld, als het zover komt ga ik verhuizen naar ergens waar een mensenleven nog wat waard is.

  4. John van Dokkumburg zegt: 19-11-10 om 19:02

    Tim , we hebben niets aan speculatieve paniek toekomst senarios als dat ons lot op het einde van ons systeems zekerheden zal gaan betekenen . Wegvluchten voor de onwenselijke veranderingen is niet een oplossing maar uitstel van dat wat toch wel zal gaan gebeuren . Als we het gezonde ( leven en welzijn ) van geld zouden moeten krijgen dan blijft er voor iedereen geen liefde en dus hoop meer over , en dat is zeker , want door daarop (geld) en gemak te blijven hopen bevind je je als het ware in de stilstand , uitrekenen wat we hebben of hoe we de dag van morgen weer door moeten komen . Dat werkt niet en heeft nooit voor mensen echt gewerkt en vroeg of laat zul je dat wel moeten toegeven of niet ?

  5. Tim zegt: 23-11-10 om 11:28

    In grondslag ben ik het met je eens John, maar geld is ontstaan als ruilmiddel om diensten te vervangen denk ik? Als je geen diensten meer kunt verrichten voor een ander die hij op dat moment nodig heeft, heb je geld om die dienst te “kopen”. En zo werd dienst en wederdienst op een gegeven moment verdrongen door pecunia.

    Als er nu duizenden mensen dood gaan omdat degene die het op kan lossen niet vindbaar is. Laat je dat dan gebeuren, of grijp je in? Ik vind een mensenleven belangrijker dan geld. Geld kan me zowiezo gestolen worden, maar ik kan mijn gezin helaas niet onderhouden zonder.

    Als ik de situatie nu neem, dan is hij in mijn ogen idealer dan wanneer je helemaal overal voor moet vechten. Ik wil graag iets aan dat collectief toevoegen als dat betekent dat mensen die het slechter hebben dan ik en het gewoon niet redden daarmee geholpen zijn. Natuurlijk zou het idealer zijn als het zonder en uit pure naastenliefde zou gebeuren. Maar laten we reeel zijn, hoe groot is de kans dat in onze huidige samenleving iemand er vrijwillig voor kiest om zijn luxe moderne ding op te geven om anderen te helpen. Kansloos toch?

    We verdachten onze buren alvan uitkeringsfraude op dag 1 na ontslag. Als je arbeidsongeschikt wordt verklaard maar wel eens per week naar de winkels gaat voor je boodschappen dan ben je een aansteller en een fraudeur. Als je geen passend werk kunt vinden en er financieel flink op achteruit zou gaan als je gaat vakken vullen (waardoor je zou moeten verhuizen en het sociaal leven van je kinderen compleet overhoop zou gaan, iets dat je wilt voorkomen) en dus je uitkering nog een maandje langer houdt om verder te zoeken ben je een uitvreter.

    Natuurlijk wordt er fraude gepleegd, en natuurlijk moet daar wat aan gedaan worden. Maar in plaats daarvan bezuinigen we op overheid zodat er nog minder controle plaats kan vinden.

    En John, ik zie de ideale wereld voor me als een wereld waarin we ons kunnen richten op ontplooiing van onszelf en onze relatie met de mensen om ons heen. Geen voorwaarden nodig voor bescherming tegen anderen, geen voorwaarden bij het verlenen van diensten. Steeds vaker zou ik me zo graag terugtrekken in een mooi bos, ver van de wereld waarin we leven, met mijn gezin. Maar de waarheid is pijnlijk anders, je komt maar op een paar manieren uit die wurggreep. Een ervan is op je rug, een andere is door genoeg geld te hebben om niet meer te hoeven. Beide manieren zijn niet wenselijk. De eerste is me te rigoreus, de tweede is slechts schijn.

Geef een reactie