De weblogs van de NOS worden niet langer bijgewerkt.

Voor nieuws Over de NOS kunt u terecht op over.nos.nl.
Voor de overige berichtgeving kunt u terecht op NOS.nl.

Joris en de Haagse Geheimen van Nieuwspoort

woodward-and-bernstein-young1

‘Woodward en Bernstein zijn hoeren’, had ik als kop bedacht. Altijd goed om te provoceren. Vergeef me.
Kwam door het boekje van Joris Luyendijk, ‘Je hebt het niet van mij’,  dat vorige week verscheen. Over Haagse Handel en Wandel. Hij keek een maand rond op en bij Nieuwspoort, op uitnodiging van deze sociëteit.
Kwam vooral door de interviews waarmee dit verschijnen omlijst –en die omlijsting is vast nog niet voorbij.


Goed. Woodward en Bernstein dus (zie foto).
Woodward en Bernstein zijn jonge journalisten die toevalligerwijs de scoop van hun leven tegenkwamen, begin jaren zeventig.
Ze begonnen met een onderzoekje naar een inbraak in het Watergate-gebouw –het hoofdkwartier van de Democratische Partij in Washington.
Hun verhaal eindigde met het aftreden van ‘Tricky Dicky’; Richard M. Nixon, president van de Verenigde Staten.

Woodward en Bernstein liepen verschillende malen vast maar hadden hulp. Van een hoge regeringsfunctionaris, die niet bij naam genoemd kon worden. Vanzelfsprekend, hij zou zijn bestaan en wie weet zijn leven niet zeker zijn.
Deep throat’ heette hij, naar een toen populaire pornofilm. Via signalen met een bloempot op een balkon werden afspraken gemaakt. ‘Deep throat’ ontmoette Woodward in een parkeergarage waar hij hem stukjes informatie gaf warmee ze verder konden.
Pas een jaar of vijf geleden werd door een verhaal in Vanity Fair bekend wie ‘Deep Throat’ was: een topman binnen de FBI. Zijn familie meldde het toen hij aan het eind van zijn leven was gekomen.

Zie deze link: http://www.washingtonpost.com/wp-dyn/content/article/2005/05/31/AR2005053100655.html

W. Mark Felt heette hij. Zijn motief vind ik terug in een Washington Post-artikel:

The Nixon White House worried him. ‘They are underhanded and unknowable,’ he had said numerous times. He also distrusted the press. ‘I don’t like newspapers,’ he had said flatly.”
As Felt talked through the night — of his love for gossip and his competing his desire for exactitude, of the danger Nixon posed to the government and The Post specifically — he urged Woodward to follow the case to the top: to Nixon’s former attorney general, John N. Mitchell; to Nixon’s inner brace of aides, H.R. “Bob” Haldeman and John H. Ehrlichman; and even to Nixon himself.
“Only the president and Mitchell know” everything, he hinted.

Ik denk eraan terug omdat hier een aantal zaken samenvallen: het lekken van vertrouwelijke informatie door een insider. Een man die een motief heeft. Bronbescherming, tot aan het uiterste door, in dit geval, de Washington Post.
Een verhaal met gigantische impact, waardoor Amerika, al duurde het eventjes voor alles op stoom kwam, gefascineerd raakte.
De ultieme droom van iedere journalist.
Verhalen die insloegen als een bom. Achter de schermen gecheckt en gedoublecheckt. Soms werd de check zelfs in drievoud gedaan, maar altijd, voor de individuele lezer, oncontroleerbaar. In die zin dat de lezer zijn, haar vertrouwen schonk aan de Washington Post, de researchende journalisten zelf en een aantal van de leidinggevenden.

Natuurlijk werden de Post’s informatie en motieven in twijfel getrokken. Liberal media, toen al. Natuurlijk werd er grof geschut gebruikt (Mitchell, de minister van justitie, dreigde Katherine Graham, de eigenaresse van de Washington Post, dat hij haar tieten door de wringer zou draaien).
Maar de Post-journalisten deden hun werk, controleerden hun informatie. En beschermden hun bronnen.

Ik denk er aan terug nu deze week het boek van Joris Luyendijk over het Binnenhof, en meer specifiek Nieuwspoort, werd gepubliceerd.
Joris ontwart op de vierkante Haagse kilometer een incestueus (zo vat ik zijn observaties samen) complex van politici, journalisten, ambtenaren en lobbyisten.
Hij schrijft en observeert wel mooi.

Je zou natuurlijk kunnen zeggen: we weten allemaal wel dat het zo gaat daar. De onderlinge contacten, de informatie die wordt gelekt, de pikorde.
Maar dat geldt voor ons, de insiders. De outsiders –de lezers, ons publiek- hebben nog nooit in Nieuwspoort rondgelopen en zullen met verbazing lezen over alweer een samenzwering tegen het gezonde verstand, met de journalistiek als verdachte en de journalisten als luie handelaars in informatie en gunsten (publiciteit).

Ik ben ook onderdeel van dat complex geweest.
Toen ik nog in Den Haag werkte (’88-’92), kwamen we niet zo veel in Nieuwspoort. Zo veel viel er niet te halen, behalve een lunch of een diner.
En dat is nog steeds zo. Je eet er eens wat, je maakt een afspraak, je drinkt er een drankje en de ongezondere tiepes onder ons sluiten zich op in het rookhol, maar veel romantischer dan dat is het niet.

Mijn ‘Nieuwspoort-moment’ is ‘the finger’ die ik kreeg van huidige RVD-directeur Stephan Schrover, die daar nog altijd excuus voor zou aanbieden –hij was toen CDA-campagnevoerder en vond onze keuzes twijfelachtig.
Dat is mijn hoogtepunt.

Ik heb er naar mijn herinnering nooit veel informatie vandaan gehaald.
Ik denk dat de meeste Haagse collega’s eenzelfde ervaring hebben.
Ik weet ook dat de meeste Haagse collega’s net als ik de Nieuwspoortcode (alles wat daar gezegd wordt blijft vertrouwelijk) een lachertje vinden en zich er niet naar gedragen. En dat verwacht ik ook van ze.
Ik vind dat de code zou moeten worden afgeschaft, vanwege de indruk (‘smoezen onder een hoedje’) die hij wekt in de buitenwereld.
Maar ik weet ook dat Nieuwspoort niet het nieuwe zachtroze bordeel der informatie-uitwisseling is, waar de journalistiek zijn principes en zijn kleding al lang geleden bij de voordeur heeft achtergelaten –en nu naakt als de keizer zonder kleding en laveloos van de gedeclareerde drank in een stoel hangt.

Dat is het met Joris. Hij schrijft wel mooi. En hij komt wel eens iets tegen. Maar hij maakt van de uitzondering, het exces de werkelijkheid, de absolute wet. Dat deed-ie overigens ook in zijn “Het zijn net mensen’’.

In mijn ogen is het contraproductief: zijn observatie dat er meer aandacht zou moeten worden besteed aan de Brusselse wandelgangen, aan de rol van lobbyisten, aan het ambtelijke werken, is nuttig maar dreigt ondergesneeuwd te raken in de verabsolutering van opvattingen die vergroting niet waard zijn.
Zijn observatie dat we ons vooral (te veel) richten op het verkeer tussen kabinet en parlement, is een waardevolle, maar dreigt ook te verdwijnen achter de grote woorden.

Joris ziet de Nieuwspoort- en Kamerbewoners dicht bij elkaar, en vermoedt een permanent rondpompen van informatie in een lekkende voor-wat-hoort-watcultuur.
Hij vergeet daarbij dat er een verschil is in goede, professionele journalistiek, en slechte.
Fysieke nabijheid, al dan niet aan tafel of met een drankje, zegt helemaal niets over afhankelijkheid. Journalistieke professionaliteit zit ‘m in distantie. Distantie is mindset, en zit in handelen. Laat zich niet in centimeters afstand meten, maar in kwaliteit.
‘Publish and be damned’, zelfs en zeker als het over die politicus gaat met wie je gister nog een drankje dronk, en misschien over een week weer.
Dat is de norm, niet die van aanwezigheid op dezelfde vierkante meter.

Distantie dus, en een gezond wantrouwen. Tegenover politici, spindoctors, ambtenaren, die lekken. Ze zullen er een bedoeling mee hebben, en onderdeel van de journalistieke weging is de met wantrouwen geladen vraag naar de motieven.
De taak van de journalistiek is het vertellen van de verhalen die er toe doen, het inzicht bieden in besluitvorming, processen, machtsverhoudingen. In dienst van het publiek: ‘The people have the right to know’.
Op basis van dit principe is het zelfs je plicht als journalist –ik zeg het maar eens deftig- om informatie te brengen.
Mits nieuwswaardig, mits relevant.
Niet om te behagen, want dan mag het gelekte nieuws in de prullenbak.
Niet om de lekkende bron te belonen.
Maar om het publiek te informeren.

Soms is de intrige achter het lek nieuwswaardig, op dag 2 bijvoorbeeld, of meteen op dag 1, berichtend over de context van het zojuist ontdekte nieuws. Soms, niet altijd.
Maar essentieel is bronbescherming, de zekerheid dat je niet wordt opgehangen als je vertrouwelijke informatie naar buiten brengt, in welke hoedanigheid dan ook.
Natuurlijk moet de journalist, de journalistiek, de motieven van de lekker toetsen, inschatten. De klokkenluider heeft daarin een iets andere positie dan de spindoctor in een verkiezingscampagne. Bij de een past minder, bij de ander meer wantrouwen.
Maar de eigelijke toets zit hem in de waardebepaling van de informatie.

Joris wil dat bronnen per definitie worden onthuld. Zoals bij het lekken van de brief van Ab Klink, aan de NOS.
Een ding weet ik zeker: dan lekt de brief niet meer.
Dat lijkt dan misschien zuiver, maar dat is het niet, gegeven onze taak: alle verhalen brengen die er toe doen.

Als er niet meer gelekt kan worden omdat lekken gepaard gaat met onmiddellijke openbaarmaking van de bron, komt een essentiële hoeveelheid informatie niet langer naar buiten. Of misschien later, in memoires. Of in gecontroleerde, in kleine en inmiddels onschuldig gemaakte mootjes op en persconferentie (ik hoor Verhagen al zeggen: ‘Ab en ik hebben stevig gediscussieerd, zoals je van ons mag verwachten’). Dat versluiert eerder dan dat het verheldert. En dus horen onze kijkers, luisteraars en gebruikers niet wat ze hadden kunnen weten toen we nog aan bronbescherming deden, wat niet meer mag volgens Joris.

In mijn opinie zijn sommige van de observaties van Joris nuttig, zie ook eerder in dit verhaal. Zeker als ze als gevolg hebben dat de automatismen in dit vak ter discussie komen.
Maar zijn ideeën leiden niet tot bruikbaar gedrag, bruikbare journalistieke normen en waarden. Ze zijn contraproductief, tegen het belang van de kijker, luisteraar en lezer in.
Het is een pseudo-journalistieke theorie.
Hij gaat voorbij aan professioneel journalistiek handelen. Distantie, weging, inschatting, zorgvuldigheid en ongebondenheid.
Hij gaat voorbij aan het feit dat transparantie niet is te zeggen wie de bron is, maar wel hoe keuzes worden gemaakt.

Opnieuw schetst hij een prettig lezende verabsoluteerde simplificatie van het vak.
Maar dat geeft niet, want alles wat tot discussie en aanscherping leidt is prima.

Maar ik heb een fundamenteler bezwaar. Tegen debat is niets, tegen zijn beschrijving van collega’s wel. Niet in het boekje, maar in interviews daarbuiten, noemt hij Haagse journalisten die een primeur hebben op basis van gelekte informatie ‘hoeren’.
In Joris’ opvatting is bijna iedereen in Den Haag een hoer.

Ik heb ook wel eens een primeur gehad.
Soms werd hij me in de schoot geworpen, maar veel vaker was hij het gevolg van nadenken, inspanning, combineren van flardjes informatie, tegen elkaar uitspelen van bronnen. Daar was nabijheid voor vereist, maar geen fatale onderdompeling. Het tegendeel.
(Dat goed-ingevoerde journalisten bijna niets meer kunnen schrijven omdat ze te dicht bij hun onderwerpen staan, klopt dan ook niet. Dat geldt alleen voor journalisten die niet weten hoe het vak werkt. Ik zei altijd ‘excellentie’ tegen een minister, in plaats van Ruud of Wim. Dat schept al enige afstand.
Dat het aardig is als een buitenstaander soms eens even langs komt om dat proces te beschrijven, dat klopt dan weer wel).

Maar in de wereld van Joris ben ik dus een hoer. Wat me overigens niet veel kan schelen: -ik weet wel beter, en als ik al eens een fout maakte dan wist ik dat zelf maar al te goed.
In Joris’ denkkader zijn Woodward en Bernstein ook hoeren. Met Joris destijds in Washington had Richard Nixon rustig kunnen blijven zitten .

Dit vak is gediend met stevige discussies, ‘t mag met verhitte koppen tegenover elkaar. Ik ben een aanhanger van debat, tot aan he einde van de tijd.
Maar ’t liefst op basis van echte argumenten, een overtuigende analyse.

Ik denk dat Joris schrijft en beweert wat hij beweert omdat hij een soort van aandachts-junk is geworden (ik ben hier eventjes polemisch, net zoals hij graag is). Hoe steviger de observatie, des te beter.
Ik denk dat er vooral boekjes verkocht moeten worden, en praatprogramma’s gevuld.
Ik denk dat Joris zich het liefst begeeft in die tippelzone waar stevige opvattingen worden uitgeruild tegen omzetbevorderende aandacht.

Deel deze pagina

« Terug naar het overzicht


15 reacties op “Joris en de Haagse Geheimen van Nieuwspoort”

  1. Verabsolutering van de uitzondering: waar heb ik dat toch eerder gezien? Oh ja, heet postmoderne journolistiek.

  2. Aardig stuk, maar als baas van de NOS is het stuitend dat u zoveel taal- en stijlfouten maakt.

    Ik zette in het eerste jaar van mijn opleiding Journalistiek al vraagtekens bij het boek ‘Het zijn het mensen’. De hele pocket heb ik volgeschreven met kanttekeningen. Luyendijk beschreef heel vaak zij eigen, kromme manier van werken en wist dit op zo’n manier te brengen dat niet hij, maar zijn werkgevers fout leken. Onder andere Bram Vermeulen heeft het boek dan ook op vakkundige wijze met de grond gelijk gemaakt.

    Wat mij betreft dient een journalist zijn eigen manier van werken te ontwikkelen. Wanneer hij of zij constant bij zichzelf merkt dat zijn of haar journalistieke werk niet helemaal Kosher is, moet misschien maar eens bij zichzelf nagaan of hij of zij wel het juiste vak heeft gekozen. Journalistiek is op zo’n brede manier te definiëren dat je niet van feiten kan spreken als je zegt dat het werk van een ander goed of fout is. Dat bepaalt de journalist en het publiek zelf wel.

    Lotte Hoes

  3. bas zegt: 22-11-10 om 14:08

    In alle eerlijkheid kan ik mij in de hierboven weergegeven reflecties over hoe de journalistiek eruit zou moeten zien best aardig vinden.

    Dat ze worden gebruikt om een boek tegen te spiegelen vind ik prima, maar ik ken dat boek niet, en ga daar dus ook niet op in

    Wat ik wel kan doen, is kijken of deze beginselen op de Nederlandse TV toegepast worden

    en dan is mijn constatering dat te vaak vragen niet beantwoord worden, en dat de niet-beantwoorder daarmee weg kan komen

    Het wekelijkse gesprek met de MP schijnt op uitnodiging te zijn – het is dus een eer voor de journalist om met te MP te mogen praten.

    Als het op die manier moet? Dan zou ik liever niet met de MP praten.

    Als Rutte vandaag een vraag niet wilt beantwoorden, zeg over huurwoningen, en morgen wilt hij graag toelichten waarom hij een standpunt heeft over jacht, dan sta je hem dat toch alleen toe nadat hij die eerste vraag heeft beantwoord?

    De regering heeft de pers echt net zo hard nodig als de pers de regering. Maar volgens mij maakt de pers daar te weinig gebruik van

    Volgens mij is dat de taak van de gezamenlijke journalisten: antwoorden krijgen. Respectvol, maar volhardend

    Ik vind het veelzeggend, dat de nieuwe omroepen – die rechts zouden zijn – de regering – die ook rechts zou zijn – veel harder aanpakken als de oude

    Volgens mij is dit allen te verklaren door aan te nemen dat de oude omroepen mensen hebben die deel zijn geworden van het systeem.

  4. Ricardo zegt: 22-11-10 om 14:15

    Goede schets. Misschien iets doorslaand waar het de mogelijke motivatie van Luyendijk betreft. Hij zei tevoren al dat hij dit onderzoekje een maand als ‘antropoloog’ deed. Misschien een (te) grote ambitie voor een journalistieke ‘buitenstaander’ die er ook nog kort rondloopt. En misschien minder geloofwaardig omdat ook Luyendijk met beide benen in de ‘jachtige journalistieke modder’ staat. Daarmee naar collega’s gooien roept uiteraard reacties op. Maar past in de huidige polarisatie, het soms platte populisme en zelfs het het nieuwe ‘verzuilde activisme’ van media (hier vooral de omroepen) waar het de eigen positiebepaling temidden van hevige concurrentie betreft.

    Ik ben het eens met de kritiek op zijn overschatting van de rol van Nieuwspoort waar sinds jaar en dag slechts een deel van de kamerleden frequent komt. Vaak de minder betekenisvolle backbenchers die daar blijkbaar tijd voor hebben. En met de kritiek op de (on) mogelijkheid om de cultuur rond het Binnenhof te veranderen. Juist dat ‘lekken’ is een even charmante als omfloerste vorm van zaken doorvertellen. Doe je dat openlijk dan moet je voortdurend ambtenaren, journalisten en politici vervangen want dat kan dan slechts eenmaal. Belangrijk is dat lekken ook omdat zoals Luyendijk zegt kamerleden en journalisten het vooral moeten hebben van hun netwerk en beiden relatief weinig andere ondersteuning krijgen. Gemeenschappelijk belang blijft: de politiek in beeld, geluid en schrift onder bredere aandacht brengen.

    Maar zijn verhaal over de soms wonderlijke verstrengeling van politiek, journalisten en lobbyisten vind ik ook herkenbaar. Goed dat het weer eens verteld wordt. Juist dit circuit onttrekt zich immers steeds aan de waarneming van buitenstaanders, de burgers die ook kiezer zijn. En mag dus best regelmatig onderwerp van onderzoek zijn. Punt is ook dat het politieke bedrijf moeilijk anders kan in een zo gespecialiseerde democratie die ook ‘mediacratie’ is. Journalisten zijn hierin mi. niet meer ‘hoer’ dan politieke partijen, kamerleden, medewerkers of lobbyisten. Al verschilt de mate waarin per individu, onderwerp of gelegenheid. Ieder maakt immers graag gebruik van ‘die tippelzone vanwege omzetbevorderende aandacht’. Deze aandacht schijnt zonder stevige woorden en opvattingen zelfs nauwelijks nog ‘vanzelf’ te ontstaan. Hier zitten dus misschien alle betrokkenen op een hellend vlak waardoor de inhoud versimpeld wordt, de nuance of kleinere onderwerpen soms verdwijnen en ‘platte frames blijven hangen’. Ondanks alle nieuwe media en partijen eigenlijk niets nieuws onder de zon.

    Ik vond de interviews met Luyendijk interessant maar het zet me niet aan tot het snel kopen van dit boekje voordat het bij De Slegte ligt. Juist omdat het beeld ontstaat dat het weer weinig nieuwe inzichten lijkt te brengen en alles reeds uitgebreid besproken is in de media. Het ouderwetse gedrukte boek lijkt zo toch weer de grootste verliezer..

  5. Doortje Messing zegt: 22-11-10 om 14:46

    Ik begrijp dat journalisten zich willen verdedigen tegen de beeldvorming die Joris Luyendijks publiciteitsgolf oproept. En veel van die verdediging snijdt hout.
    Dit (lange en eerlijk gezegd tamelijk warrige) stuk gaat echter voorbij aan een ding:
    Bob Woodward schrijft tot op de dag van vandaag uitmuntende journalistieke boeken. Zo Luyendijk hém al polemisch een hoer zou noemen (quod non), is dat niet terecht. In Nederland lopen echter, net als in de VS of Brussel trouwens, ook (te) veel types rond die niet primair journalist zijn, maar eerder uit op een willekeurige carrière in of rond de macht. Bijvoorbeeld, nog actueel ook: Hans Hillen. Toch ook oud-NOS’er. Of Gerard van der Wulp, eerst NOS-hoofdredacteur, dan hoofd RVD. Zo’n carrière lijkt alleen logisch als je hart niet bij de journalistiek ligt, maar bij het hebben van invloed.

    Wanneer het gaat om het controleren van de macht zouden de NOS en Joris Luyendijk aan één kant moeten staan, en persoonlijk heb ik er veel vertrouwen in dat dat in de praktijk ook zo is. Met nieuwsgierigheid en beroepstrots. En u als hoofdredacteur doet wat u moet doen (bijvoorbeeld: een politieke functie aanvaarden betekent exit bij de NOS.)

    Die discussie over bronnen is eigenlijk niet de kern. Het gaat ook niet over journalistiek alleen. De kern is wel dat die kaasstolp eens doorgelicht wordt. Hallo mensen daarbinnen in Den Haag: beseft u nog wel voor wie u eigenlijk werkt? Wie precies u dient, anders dan uzelve? Wie schoon is van geweten heeft niets te vrezen, geen van u is weerloos, u heeft podia bij de vleet. (Op een weblog, bijvoorbeeld.)
    Daarom: aan hen die volksvertegenwoordiger zijn maar lobbyist blijken, zich journalist noemen maar zetman zijn, met excellentie worden aangesproken maar zich slechts buikspreekpop weten: ik heb geen medelijden.

    PS over Luyendijk en aandacht:
    U trekt nu zijn motieven in twijfel. Dat kan, maar het is de zwakste aller verdedigingen, tenzij je eerst overtuigend iemands belangrijkste argumenten weerlegd (wich I am afraid you did not). Bovendien pleegt u een soort jij-bak; “Maar ook gij, Joris, hebt een ander belang!” Wat verraadt dat u zich behoorlijk aangesproken voelt. Ik hoop dat de gewetensvolle journalisten bij de NOS morgen gewoon hun werk weer doen. (En over talkshows: iemand die pak ‘m beet en passent Hans Jansen weet te debunken (dat was wel eens nodig) verdient die aandacht, puur op kwaliteit.)

  6. De (prettige) ironie van het nieuwe boek van Joris Luyendijk is, dat het Hans Laroes zogezegd ‘strak’ heeft gezet om de principes van het journalistieke handwerk eens glas- en glashelder uiteen te zetten.
    Dat is eigenlijk de grootste winst van de discussie die Luyendijk heeft aangezwengeld en daarom alleen al: hulde.

    Maar ook hulde dat de auteur opnieuw een steen in de vijver van de journalistiek heeft gegooid. Dat is ‘lastig’, voor sommige spelers in dat veld waarschijnlijk zelfs niet te verteren maar Het Moet Dan Maar Eens Een Keer.

    Er geldt hierbij wel iets anders: het boek van Luyendijk ‘valt’ zogezegd in een brede maatschappelijke context van járen, waarin wantrouwen jegens instituties, wat of wie ook, normaliteit is of dat lijkt te zijn geworden.
    Een ontwikkeling die ik, op goede gronden, met ‘Ayan Randeffect’ aanduidt. Zéér kort door bocht: de kernopvatting van de Amerikaanse filosofische romanschrijfster wijlen Ayan Rand, dat de afbraak beoogt van de westerse beschavingsordening van waaruit een gecreëerde chaos het super-kapitalisme al triomferende grootheid tevoorschijn zal komen.

    Te groot geredeneerd in relatie tot Luyendijks nieuwste boek?
    Wellicht.
    Maar het lukt mij gewoon niet om níet een breder context te zien waarin ik ook dit boek, met zijn ‘aanklacht’ tegen de ‘Haagse journalistiek, op een of andere manier plaats.
    En dit is verlies.

  7. jos zegt: 22-11-10 om 14:47

    Stuitend slecht geschreven stuk voor een hoofd van een grote Publieke Omroep. Ik weet niet wat ik zie..??

  8. Doortje Messing zegt: 22-11-10 om 14:52

    Mijn excuses voor de twee gênante spelfouten hierboven in de laatste alinea. Weerlegd > weerlegt (of: weerlegd hebt). En passent > En passant.

  9. Jos zegt: 22-11-10 om 14:53

    In de voorlaatste alinea schrijft Laroes:
    “Dit vak is gediend met stevige discussies, ‘t mag met verhitte koppen tegenover elkaar. Ik ben een aanhanger van debat, tot aan het einde van de tijd. Maar ’t liefst op basis van echte argumenten, een overtuigende analyse.”
    Die echte argumenten en die overtuigende analyse geeft Laroes echter zelf niet, en zeker niet voor zijn onmiddellijk daaropvolgende alinea.

  10. Jos zegt: 22-11-10 om 14:54

    (ik ben overigens een andere Jos dan die van 14:47, maar ben het wel met mijn naamgenoot eens)

  11. Ik ben zelf geen journalist maar dit stuk is een stilistisch wrak.

    De verwijten aan Luyendijk zijn zwak. Het probleem is dat lekken vaak een zet is in het politieke schaakspel. De journalist wordt gebruikt als katalysator in het machtspel van de politiek. Dus is het belangrijk om te de relaties en netwerken in Den Haag bloot te leggen. Want wie zegt dat Hillen, van der Wulp, hun huidige functies niet dankt aan ‘goed getimed lek’ in het verleden. (Dit is geen verdachtmaking maar voorbeelden).
    Bronnen blootgeven hoeft niet maar meer inzicht in het spel tussen journalist en politici is helemaal niet verkeerd, zelfs wenselijk.

  12. Nabrandertje: ‘Hillen geeft fout nevenfunctie toe’ (Teletekst p.116).
    Mooie taak voor zowel Hans Laroes als Joris Luyendijk om eens uit te vogelen welke onderdelen van het regeeraccoord-Rutte door belangengroepen (zelfs individuen?) zijn ‘ingevlogen’.
    Patronen, lijnen en details: wie, wat, waarom, waar, wanneer en hoe?
    Kan nog meer spectaculaire resultaten gaan opleveren!

  13. Ted zegt: 23-11-10 om 10:38

    Je kan als Kamerlid gewoon in het wild rondmeppen tegenwoordig, de NOS durft het toch niet te melden

  14. Frank Siddiqui zegt: 23-11-10 om 14:51

    Goede bijdrage, Rob!
    Het boek van Luyendijk heb ik nog niet gelezen. Wat me opvalt is dat niet aan de orde komt dat veel besluitvorming helemal niet plaatsvindt op of rond het Binnenhof, maar voornamelijk op de ministeries zelf. Dat is de plek waar lobbyisten werken, en niet in Nieuwspoort. De besluitvorming in Den Haag of Brussel is slechts de laatste fase in jarenlange (of permanente) lobbyprocessen. Shell zit via VNO-NCW permanent aan tafel met Economische Zaken en heeft veel contacten met de ambtelijke top. De bouwers en de transportsector targeten hun ‘eigen’ambtenaren op congressen etc, o.a. in het buitenland. Doordat zo weinig journalisten buiten het parlementaire circuit komen, hebben we hier helemaal geen zicht op. Terwijl hier vaak groot nieuws valt te halen, als je weet welke lobbyprocessen er lopen en wie de spelers zijn. Ik heb daar veel gebruik van gemaakt tijdens mijn onderzoek naar de Betuweroute, de HSL en de bouwfraude. Ik zie echte nauwelijks collega’s die de ‘geeigende wegen’verlaten en hun eigen neus volgen. Helemaal los van de Haagse agenda. Het soort nieuws dat in Den Haag wordt gevonden is daardoor zelden meer dan iets dat toch wel bekend zou worden. Heb je het een dagje eerder, dan heet het al een primeur. Dat Laroes zo hapt op het woordgebruik van Luijendijk vind ik jammer. Er is dus wel iets meer te zeggen over de beperkingen van het Haagse Nieuwspoort-ons-kent-onscircuit, waar ik Laroes niet over hoor. Vind ik een gemiste kans voor een debat over politiek, lobbyisme en journalistiek.

  15. Joris Luyendijk schrijft en typeert in zijn boeken bewust gechargeerd, zoals iedereen die een doel voor ogen heeft en dingen in beweging wil krijgen. Maar dat neemt niet weg dat hij in zowel ‘Het zijn net mensen’ als ook nu weer in ‘Je hebt het niet van mij, maar…’ rake observaties doet. Hij maakt dingen uit de journalistieke werkelijkheid inzichtelijk, legt mechanismen uit die voor mensen buiten de journalistiek helemaal niet zo vanzelfsprekend zijn. Dat vinden collega’s als Hans Laroes natuurlijk vervelend. Maar Luyendijk bedrijft hiermee wel journalistiek over journalistiek, iets wat in mijn ogen heel belangrijk is.

    In mijn studie (journalistiek) erger ik me bovendien mateloos aan al dat naïeve geleuter over objectiviteit. Veel realistischer is het om als krant/medium te kijken naar hoe je ethisch verantwoord subjectief kunt zijn, bijvoorbeeld door open te zijn over je wereldbeeld. Ik denk dan aan mission statements op de website of iets dergelijks. Ook de NOS zou hier eens aan kunnen denken in plaats van wild om zich heen te slaan zoals in dit artikel gebeurt.

Geef een reactie

 

    • Weblog Hoofdredactie

      Dit is het weblog van de hoofdredactie van NOS Nieuws. Die bestaat uit hoofdredacteur Marcel Gelauff, plaatsvervangend hoofdredacteur Giselle van Cann en de adjunct-hoofdredacteuren Aletta Oosten en Bart Leferink.
    • Reageren?

      Reacties op dit weblog zijn uiteraard van harte welkom.
      Wel is er een aantal spelregels:

      1) Alle reacties worden gemodereerd. Wij doen dat zelf. Het kan soms even duren voordat een reactie geplaatst wordt.

      2) Let op: Eenmaal geplaatst blijft geplaatst. Bijdragen aan een discussie worden door ons niet achteraf verwijderd, ook niet op verzoek. Schrijf dus geen dingen waar u later spijt van kunt krijgen.

      3) De blogs zijn een platform voor reacties en discussie, geen uitlaatklep voor scheldkanonnades. Houd het aub beschaafd. Reacties die beledigingen of scheldwoorden bevatten worden niet geplaatst.

      4) Houd het ook zakelijk, dat wil zeggen: niet nodeloos op de man spelen.

      5) Alleen inhoudelijke reacties op het onderwerp van een blogpost worden geplaatst. Met andere woorden: blijf on-topic.

      6) Het is de bedoeling dat reacties de discussie bevorderen. Steeds weer hameren op hetzelfde punt heeft geen zin, tenzij met nieuwe argumenten.

      Reacties die niet aan de spelregels voldoen worden niet geplaatst.
    • RSS NOS Nieuws

      • Turkse rapper Ezhel onschuldig aan verheerlijken drugs 19/06/2018
        De Turkse rapper Ezhel, die was aangeklaagd voor het verheerlijken van drugsgebruik, is op de eerste dag van zijn proces vrijgelaten. De Turkse aanklagers mikten op een jarenlange celstraf, maar volgens de rechter is hij onschuldig. De rapper (28), die ook in Nederland populair is onder Turkse en Marokkaanse jongeren, werd vorige maand opgepakt in Istanbul. […]
      • EU wil vluchtelingen voortaan bij de rand opvangen 19/06/2018
        De Europese Unie wil dat vluchtelingen voortaan aan "de randen van de EU worden opgevangen". Dat moet gebeuren op speciale plekken waar 'echte' vluchtelingen gescheiden worden van economische vluchtelingen. De opvangplekken moeten worden opgezet in nauwe samenwerking met de vluchtelingenorganisatie UNHCR en de Internationale Organisatie v […]
      • Macron leest jongen de les: noem mij president, geen 'Manu' 19/06/2018
        "Vandaag noem je mij president van de republiek of gewoon meneer." Met die woorden zette de Franse president Macron gisteren een jongen op zijn plek bij een herdenking van de Tweede Wereldoorlog in Suresnes, in het noorden van Frankrijk. De jongen sprak Macron aan met 'Manu', maar daar was de president niet van gediend. "Je bent hier […]
      • Acht jaar cel voor doden echtgenoot na mishandeling 19/06/2018
        Een marktkoopvrouw uit Den Haag moet acht jaar de cel in voor het doodsteken van haar man. Ze deed dat na een lange periode van mishandelingen door haar man. Het 59-jarige slachtoffer was een bekende op de Haagse markt, waar het echtpaar een marktkraam had. Ze waren al dertig jaar samen en op de markt dacht iedereen dat ze gelukkig waren, schrijft Omroep Wes […]
      • Kamer laat Rutte zelf opdraven voor antwoord op vragen dividendbelasting 19/06/2018
        Premier Rutte is zelf naar de Tweede Kamer geroepen om vragen te beantwoorden over de dividendbelasting. SP-leider Marijnissen had voor het mondeling vragenuur vragen aan Rutte aangemeld over het bericht, zaterdag in Trouw, dat Shell met de Belastingdienst afspraken heeft gemaakt over het niet betalen van dividendbelasting voor een bepaald type aandelen. De […]
      • Rivalen Zuid-Sudan ontmoeten elkaar in Ethiopië 19/06/2018
        President Salva Kiir van Zuid-Sudan ontmoet morgen zijn aartsrivaal Riek Machar in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba om te bespreken hoe de burgeroorlog in het Afrikaanse land beëindigd kan worden. Dat heeft gastheer en bemiddelaar Ethiopië bekendgemaakt. Sinds het regeringsleger van Kiir in december 2013 slaags raakte met gewapende aanhangers van Machar […]