Bommen, ontwapening, Noord-Ierland

Graffiti van de Continuity IRA, een van de vele splintergroepen van de katholiek-republikeinse beweging die nog steeds het geweld prediken in Noord-Ierland (foto: Infomatique)

BELFAST – Het leek op het eerste gezicht een doodnormale verkeerscontrole. Een agent hield ons aan en vroeg om het rijbewijs en de verzekeringspapieren. Terwijl hij de papieren controleerde, leunde ik wat achterover. Ineens zag ik vanuit mijn ooghoek een soldaat met een automatisch geweer in de aanslag. Even verderop stond nog een soldaat. En nog een.

In totaal stonden zes Britse soldaten half verscholen in de bosjes. Het rare was: dit was een doodnormale verkeerscontrole. Nou ja, een verkeerscontrole Noord-Ierse stijl. De papieren waren in orde en we konden gewoon doorrijden.

Het jaar was 2003 en ik was met mijn toenmalige vriendin (inmiddels echtgenote) op weg van Belfast naar Sligo in het westen van Ierland. Het was mijn eerste bezoek aan Noord-Ierland. Mijn vriendin moest lachen toen ze mijn verbijsterde blik zag. Zij had een groot deel van haar leven in Noord-Ierland gewoond en liep als jong meisje elke dag door militaire checkpoints wanneer ze naar school liep. Dit was voor haar de gewoonste zaak in de wereld.

Noord-Ierse muurschildering over de Goede-Vrijdagakoorden (foto: Sasha Fatcat)Ik, vers aangekomen uit Nederland, had me een hele ander voorstelling gemaakt van de roerige provincie. Natuurlijk snapte ik ook wel dat het generaties zou duren voordat de verdeeldheid in Noord-Ierland zou verdwijnen. Maar in mijn hoofd was het vooral het Noord-Ierland van de Goede-Vrijdagakkoorden en het vredesproces. De IRA had de wapens neergelegd. Ik verwachte een land aan te treffen waar het geweld tot het verleden behoorde.

Na mijn eerste week in Belfast begreep ik al snel dat dat een illusie was. Elke dag hoorde ik de helikopters van de politie in de lucht hangen. Patrouilleauto’s zagen eruit als tanks. Politiebureaus leken op kleine forten. Overal stonden wachttorens. Kleine rellen en opstootjes waren aan de orde van de dag. Nieuwsberichten in de krant: een zware bom van 500 pond gevonden, mensen gewond na een sektarische aanval, katholieke jongeren gooien brandbommen naar protestants gemeenschapshuis. En ga zo maar door.

Geweld, of de dreiging van geweld, is een dagelijks onderdeel van het leven in Noord-Ierland. Ook vandaag nog. Maar in de Nederlandse media zien we zelden dat soort berichten. Zelfs vanuit mijn standplaats Londen sijpelt het Noord-Ierse nieuws maar met mondjesmaat door. Geen wonder dat je al snel de indruk krijgt dat het wel “okay” gaat met Noord-Ierland.

Begrijp me niet verkeerd. Noord-Ierland is onherkenbaar veranderd de afgelopen tien jaar. De Britse soldaten zijn verdwenen uit het straatbeeld. De meeste legerplaatsen zijn opgedoekt. Agenten voeren anno 2009 verkeerscontroles uit zonder de bescherming van soldaten. De laatste grote bomaanslag dateert al weer van 1998. Gezworen vijanden vormen nu een regering. Het vredesproces gaat gestaag door. Dan weer drie stappen vooruit, dan weer twee stappen terug. Maar vooruit gaat het.

Toch bekruipt de twijfel me voortdurend. Het vredesproces is work in progress, maar tegelijkertijd zie ik dat de sociale apartheid in Noord-Ierland zich consolideert. In Berlijn mag dan de muur dan verdwenen zijn, in Belfast staan ze nog steeds om protestantse en katholieke wijken uit elkaar te houden. Kriskras lopen ze door de stad, met hier en daar een stalen deur. Als de spanningen wat oplopen, gaan de deuren op slot. Peace walls heten ze met een mooi Noord-Iers woord. De provincie bestaat grotendeels uit twee samenlevingen die op zijn best langs elkaar leven en op zijn slechts elkaar tot op het bot haten.

Muurschildering van paramilitair in Noord-Ierland (foto: Sasha Fatcat)Ook vind ik het moeilijk om te bepalen wat voor invloed het geweld heeft. Sinds de moord op twee soldaten en een agent door twee IRA-splintergroepen staan de schijnwerpers weer op Noord-Ierland gericht. Elk incident, elk opstootje wordt -in tegenstelling tot de jaren ervoor- nu wel gemeld door de internationale persbureaus en buitenlandse media. Dit jaar heb ik dan ook verschillende telefoontjes van Hilversum gekregen met de vraag of het nu “uit de hand loopt”.

Mijn eerste reactie is: nee, het geweld is, zoals al eerder geconstateerd, een vast onderdeel van het Noord-Ierse leven. Het gaat veel te ver om te concluderen dat Noord-Ierland in een nieuwe geweldspiraal is beland. Maar hoe zeker kan ik daarvan zijn? De International Monitoring Commission, de onafhankelijke commissie die de ontwapening van Noord-Ierland in de gaten houdt, constateerde in haar laatste rapport dat de dreiging van katholieke splintergroepen naar het hoogste niveau in zes jaar tijd is gestegen. En zien we niet de protestante dreiging over het hoofd, zoals commentator Beatrix Campbell terecht opmerkt.

Noord-Ierland kun je alleen begrijpen door er te zijn, wat ik ook zoveel mogelijk probeer. Graag maak ik dan een afspraak met Michael Doherty, de directeur van de Peace and Reconciliation Group. De PCG probeert al sinds de jaren zeventig de dialoog tussen de verschillende bevolkingsgroepen op gang te brengen en wordt vaak als bemiddelaar ingezet door de politie. Doherty sluit niemand buiten en praat zelfs met radicale paramilitaire groepen als de Real IRA. Iemand die met zijn poten in de klei staat.

Aan hem legde ik dus de vraag voor die mij de laatste tijd zo vaak was voorgelegd: what’s going on? Meteen las hij voor uit een rapport dat hij net had geschreven. Zijn voorwoord begint zo: “Ik schreef dit rapport in de week dat een grote bom was gedemonteerd in Armagh; een katholieke familie in Derry werd bedreigd omdat de zoon en broer werkten voor de Noord-Ierse politie; de International Monitoring Commission kondigt aan dat de Ulster Volunteer Force zich ontwapend heeft en dat de Ulster Defensie Association is begonnen te praten over ontwapening [de UVF en UDA zijn twee protestante paramilitaire groepen – avdh]. De week eindigde met een telefoontje dat een paradegroep van de UVF over een brug in Coleraine wilde marcheren via een route die ze normaal nooit gebruiken. Tegelijkertijd maakten protestanten zich zorgen over een motie van Sinn Fein die de naam van Londonderry wilde laten veranderen in Derry. Welkom in de wereld van de Peace and Reconciliation Group.”

Doherty noemt de situatie in Noord-Ierland “bubbling”. Er gebeurt van alles, zonder te weten welke kant het opgaat. Hij heeft verschillende signalen gehad dat groepen als de Real IRA een “spectacular” aan het organiseren zijn. Dat is Noord-Iers jargon voor een zeer zware bomaanslag. Tegelijkertijd staan twee paramilitaire groepen aan protestantse zijde op het punt te ontwapenen. Goed en slecht naast elkaar. Het is het typische verhaal van Noord-Ierland.

Maar een ding is wel duidelijk. Dit alles geeft aan dat het echte vredesproces in Noord-Ierland nog moet beginnen. Ze zijn nu te druk bezig het politieke proces af te ronden (wat overigens bijna zo ver is) en nieuw geweld te voorkomen. Maar de gespletenheid van de samenleving is er nog steeds. Zolang die blijft bestaan, is er nooit sprake van ware vrede in Noord-Ierland.

« Terug naar het overzicht


1 reactie op “Bommen, ontwapening, Noord-Ierland”

  1. Tim zegt: 10-11-09 om 10:00

    En wij maken ons druk om de Islam met z´n allen terwijl ze een paar honderd kilometer verderop gewoon ruzie maken over diezelfde “bijbel” waar onze samenleving op berust zou zijn. Alsof die dus niet tot haat aan kan zetten.

    Ierland geweest in 1980 en 1982, lang geleden. heeft veel indruk op me gemaakt als “kleine” jongen. Heel veel misstanden gezien met als duidelijkste pesterijen republiek jeugd die in vliegtuigen nog niet eens een glaasje water kregen van het British Airways personeel. Maar alles was doordrenkt van pesten, de hele sfeer ademde pesten uit zodra er een Engelsman of protestant aan te pas kwam. Ook in Noord Ierland geweest, vond dat heel onprettig met al die soldaten en die pantserwagens. Sympathiseerde toch met de katholieken (al ben ik het zelf niet) maar niet met de IRA. Maar zelfs hen kon ik destijds wel een beetje begrijpen (al was hun manier van werken natuurlijk verwerpelijk).

    Ik hoop dat die tijden niet zo terugkomen. Ieren zijn een geweldig volk, hartelijk en vriendelijk. Het voelde als thuis zijn. Maar het zijn ook mensen met een bepaald eergevoel en ik denk dat de kwestie al lang geleden een principe kwestie is geworden. Waar de rest van Europa de strijd tussen de verschillende christelijke geloven al hebben gestaakt, gaat hij daar verder. Ze zeggen dat Ierland niet meer 50 jaar achter loopt op de rest van West Europa. Op dat punt dus wel.

Geef een reactie