Olympisch asfalt
Een van mijn favoriete plekken in Londen zijn de Hackney Marshes. Niet omdat het een bijzonder mooie plek is. Integendeel. De Marshes zijn omringd door grauwe torenflats en hoge elektriciteitsmasten steken boven de velden uit. Toch is dit Londen op zijn kleurrijkst.
De Hackney Marshes zijn een begrip in Groot-Brittannië. Met meer dan zestig voetbalvelden en drie rugbyvelden vormen ze de grootste verzameling sportvelden in Europa. Hier leerden voetballers David Beckham, John Terry en Terry Venables tegen een bal aantrappen.
Dit is bij uitstek het uithangbord voor de melting pot die Londen heet. Loop zondagavond de velden op en je ziet een bonte stoet voetballiefhebbers arriveren. Binnen in de krakkemikkige kleedruimte waan je je in een klein Babylon. Jamaicaanse slang vermengt zich met Cockney Engels, Pools, Farsi en Arabisch. Rangen en standen spelen hier geen rol. Alleen de liefde voor het voetbal telt.
Al enkele jaren volg ik de Hackney & Leyton Sunday League, een amateurcompetitie die alle wedstrijden op de velden van de Hackney Marshes speelt. Johnny Walker is de voorzitter van de competitie. Elke keer als ik hem ontmoet lijkt zijn haar wat grijzer en zijn rimpels wat dieper te zijn geworden. Zijn amateursteams hebben namelijk sinds enkele jaren een nieuwe buurman: het Olympische Park.
De Olympische Spelen zijn een directe bedreiging voor de Hackney Marshes. Vorig jaar verdween de oostkant van het sportcomplex onder een dikke laag asfalt om plaats te maken voor een Olympische parkeerplaats. En laat dat nou net de kant zijn waar de Hackney & Leyton League zijn wedstrijden speelt. De zondagscompetitie is nu verhuisd naar de andere helft van de Hackney Marshes en het valt maar te bezien of er plek is voor iedereen.
Het heeft wel wat wrangs. Londen haalde de Olympische Spelen van 2012 binnen met de belofte een impuls te geven aan ‘grassroots’ sporten, zoals het amateurvoetbal. Die impuls kunnen ze zeker gebruiken. De Premier League mag dan te boek staan als de rijkste voetbalcompetitie ter wereld, aan de onderkant van de ladder is armoe troef. Competities als die van Johnny Walker houden maar ternauwernood het hoofd boven water.
Voetbalvelden als de Hackney Marshes zijn steeds zeldzamer. Sinds 1992 is bijna de helft van alle Britse sportvelden verdwenen, veelal om plaats te maken voor dure appartementen. Londen heeft beloofd na 2012 Olympische parkeerplaats weer terug te
veranderen in sportvelden. Maar Johnny Walker gelooft er niets van. “Als dat asfalt er eenmaal ligt, zijn ze voorgoed verdwenen”, zei hij al eerder tegen me. ”Ik ben bang dat ze uiteindelijk zeggen: ‘Ach, jullie hebben zoveel velden niet nodig.’
Over de Olympische Spelen heeft hij dan ook weinig positiefs te melden. “De Olympische gedachte is allang verdwenen. Tegenwoordig draait alles om geld.”

Even advocaat van de duivel zijn hoor….
Sinds 1992 is de helft van het aantal Britse sportvelden verdwenen. Maar… Hoe zit het met het aantal gespeelde wedstrijden en het aantal uren sport en dat soort zaken?
Het kan zomaar zijn dat er al veel minder gesport wordt en die velden blijkbaar niet meer in een werkelijke behoefte voldoen?
Het kan ook zijn dat er ook met die geasfalteerde velden en velden waar mini-malls op gebouwd zijn niet minder gesport wordt!
Dus zomaar een getal noemen -de HELFT van het aantal velden is in twintig jaar verdwenen!- zonder dat in perspectief te plaatsen is een tikkie te tendentieus naar mijn smaak.
Feit is dat er meer sporten zijn als alleen voetbal. Ik noem volleybal, basketbal.
Twee leuke sporten die een verharde ondergrond nodig hebben en bijvoorbeeld perfect te combineren zijn met parkeren