Ali is dood (2)

Terwijl ze terug denkt aan de chemische aanvallen op Halabja, vullen haar ogen zich met tranen. Dan kijkt ze ineens recht in de camera, alsof ze wil zeggen: kijk mensen en zie het verdriet in mijn ogen, zegt de overlevende van Halabja. In haar blik en aan haar stem voel ik de pijn die ze nog voelt als ze aan 16 maart 1988 denkt.
“Ali Hassan al Majid heeft mijn leven tot een hel gemaakt. Was ik maar dood gegaan zoals mama, mijn lieve broer en zus. Nu ben ik alleen en elke dag sterf ik een beetje meer. Zij hebben hopelijk de rust gevonden, maar ik loop nog dagelijks in de straten van Halabja.” En toen rolden de tranen over haar wangen en keek ze weg van de camera. Haar verhaal zal ongetwijfeld duizenden kijkers verdrietig hebben achtergelaten. Ik zet de televisie zachter en leg de afstandsbediening naast me neer. De woonkamer waar mijn oma, oom, zijn vrouw, mijn vader en mijn neefje en nichtje zich hebben verzameld om de verhalen van de overlevende te horen, vult zich na de verhalen met een doodse stilte.
Mijn neefje Ali van elf is de eerste die een opmerking maakt; “Hé Nian, dit is toch precies hetzelfde verhaal waar jij me over verteld hebt en waar ik mijn opstel over moest schrijven?” Ik knik. Hij kon zijn ogen niet van het scherm afhouden. Er werden oude beelden getoond waarop te zien is hoe Halabja wordt aangetroffen na de chemische aanvallen en hoe de lijken van de burgers overal verspreid liggen. We proberen mijn neefje te waarschuwen voor de beelden, maar hij wilt ze persé zien. “We hadden best nog wat negatiever kunnen schrijven over Ali Chemicali”, merkte hij op. “Sorry Ali”, roep ik naar hem. “Ik heb echt me best gedaan.”
Horrorbeelden
Ik strompel naar mijn kamer, nog steeds met een naar gevoel. Het komt door de beelden die ik zag en misschien zit het me dwars dat ook Ali de beelden heeft gezien. Hij is blootgesteld aan de horrorbeelden van het Baath-regime, en ook hij zal er vaak aan moeten terugdenken.
Ik heb zelf de beelden van Halabja gezien toen ik zeven jaar oud was. Vooral de dode kinderen hadden een sterke indruk op mij achtergelaten. Misschien kwam dit omdat ik zelf nog een kind was. Afgelopen jaar heb ik de kans gehad om naar Halabja te gaan. Het was goed om er een keer naartoe te gaan en met eigen ogen het museum en de massagraven te zien. Maar het was ook moeilijk om door de straten te lopen waar zoveel mensen het leven hebben verloren.
Mijn ogen worden groter als ik ineens op een Arabische nieuwspagina zie dat er aanslagen zijn gepleegd in Bagdad. Ik ren naar beneden waar ondertussen mijn neefje onderuit is gezakt op de bank en verveeld langs de kanalen zapt. “Op al-Bagdadia zetten”, roep ik naar Ali, “VLUG!” Hij handelt niet snel genoeg en ik gris de afstandsbediening uit zijn hand. Gehaast probeer ik opzoek te gaan naar de nieuwszender.
Ineens zie ik het. Kapotte huizen, ambulances op straat en ik lees in de nieuwsbalk wat zich precies heeft afgespeeld in Bagdad. Aanslagen op drie hotels in het centrum van Bagdad. Er zijn zeker 36 mensen omgekomen. Er zijn bijna 80 gewonden gevallen. De bewuste hotels staan vlakbij de Groene Zone.
“Zelfs als hij wordt opgehangen moeten er onschuldige mensen meesterven”, roept mijn oma. Op televisie zie ik hoe een vrouw door twee reddingswerkers uit haar huis wordt gehaald. Verdwaasd kijkt ze om zich heen, niet beseffend wat haar zojuist is overkomen. “Wat een ellende”, roep ik naar mijn vader die de kamer in komt. Hij ziet wat er is gebeurt en hij legt de link met Al-Majid. “Er zijn nog steeds gekken in Irak die tot zulke afschuwelijke dingen in staat zijn”, zegt oma verafschuwd, terwijl ze boos opstaat en de kamer verlaat.
Oom in Bagdad
Opeens denk ik aan de vrouw van mijn oom die in Bagdad woont. Ik pak snel mijn telefoon en draai haar nummer. Geen gehoor. Ik bel haar zoon. De telefoon gaat over. Mijn hart bonkt sneller. Mijn tante moet voor haar werk vaak vlakbij de Groene Zone zijn en ik ben bang dat ze aan het werk was tijdens de aanslagen of misschien liep ze wel ergens vlakbij één van de hotels. Ineens is er geruis te horen aan de andere kant van de lijn:
Neef: Aloo? (Hallo?)
Nian: Heee, gaat alles goed met jullie?
Neef: Ja ja, maak je geen zorgen. Gsshhhh (even valt zijn stem weg)
Nian: Zijn jullie veilig? Is je moeder bij je?
Neef: Ja, ja, we zijn veilig. We waren binnen toen de explosies afgingen.
Neef: Aloo, ben je daar nog?
Nian: Ja ik ben er. Ik ben blij dat alles goed is.
Neef: Maak je geen zorgen. Dag
Nian: Dag
“Ze maken het goed”, zeg ik tegen mijn vader. Om me heen is het weer stil en ik trek me weer terug in mijn kamer. Gelukkig is mijn familie in orde.
“Nian, Nian, wara zooo!” Mijn tante roept hard mijn naam en vraagt of ik snel naar beneden wil komen. Haar stem klinkt dringend en ik ren naar de woonkamer. Ik ben bang dat er weer een bom is ontploft. Op televisie zijn dansende Koerden te zien voor het regeringsgebouw. Ze zijn de terechtstelling van Ali Hassan al-Majid aan het vieren. “Daar moet ik bij zijn!”, roep ik naar iedereen, terwijl ik naar boven ren om me om te kleden.
In de stad wordt het vonnis van Ali Hassan al-Majid is gevierd. De Koerden dansen en zijn blij. Ze vieren met elkaar de dood door de traditionele Koerdische dans uit te voeren. Een Koerdische vriend merkte op dat het eigenlijk wel raar is om te dansen om iemands dood. Maar we begrijpen allebei heel goed de gevoelens van deze mensen. Voor velen betekent de voltrekking van de doodstraf van Ali Hassan al-Majid eindelijk gerechtigheid.

Vanuit de Libanese hoofdstad Beiroet schrijft Sander van Hoorn over de problematiek in het Midden-Oosten en alle opmerkelijke gebeurtenissen die hij tegenkomt.
Reizend verslaggever voor de Arabische wereld Lex Runderkamp verblijft in februari 2012 enige weken in de Iraakse hoofdstad Bagdad en zal vanuit daar regelmatig verslag doen.
Een zeer onwenselijk staaltje overwinnaarsjustitie.
Wie is nu schuldiger, de Ba’ath-clique die tienduizenden mensen hebben vermoord, maar het land tot een eenheid smeedden, of de ‘democratische’ opvolgers van dit (uiteraard) tuig, die het land met slappe hand tot chaos maakten?
IMO moet je gewoon concluderen dat Irak geen natiestaat is, en dat terreur de enige manier is om de koppen er dezelfde kant uit te krijgen; omdat er teveel twisten tussen de 3 grote bevolkingsgroepen zijn. Minderheden zoals christenen en ongelovigen worden daartussen verdrukt.
Deze minderheden werden echter beschermd onder Saddam, net zoals homo’s, mensen die alcohol nuttigen, etc. Er was in ieder geval een sterk centraal gezag en relatief weinig sektarisch geweld, want de shi’a milities die nu onder leiding van Muqtadr Al-Sadr dood en verderf zaaien, werden toen met intimidatie kort gehouden.
Ik betreur het dat wij Westerlingen overal onze ‘democratie’ (imo gewoon creatief vormgegeven totalitarianisme) komen brengen. Vervolgens concluderen dat men er geen zin in heeft, en we gaan weer weg en leren vervolgens NIKS, en doen het vrolijk ergens anders opnieuw.
Ik voel het verdriet van de Koerden en alle slachtoffers van Saddam en zijn regime, maar van mij had Ali levenslang mogen krijgen. De doodstraf en hem zo lang mogelijk laten lijden vind ik beter dan de doodstraf.
@ Nian Bakal
Je stukken zijn altijd prettig om te lezen en je weet je lezers te pakken.
Ga zo door
Zelden zo’n cynische reactie gelezen. De moraal van dit verhaal: stel overal een nietsontziende dictator aan en de wereldvrede ligt binnen handbereik.
Het gemiddelde van Saddam ligt op 200 doden per dag. Maar verder heb je helemaal gelijk Peter.
@Peter
Ik hoop dat je jonger bent dan 25 want dan kan je tenminste als excuus aanwenden dat je de beelden nooit gezien hebt.
Het was een dusdanig verschrikkelijke aanblik dat de Iraanse soldaten die deze dorpen ontdekten met z’n allen stonden te janken en die hadden al heel wat jaartjes oorlog achter de kiezen.
Je denkt hier even je morele gelijk te kunnen halen maar je hebt nog nooit zo ontzettend de plank mis geslagen!
Mijn advies is: Als je ergens geen verstand van hebt lees je dan eerst eens in voordat je onzin gaat uit kramen!
In een regio waar geweld eigenlijk een dagelijks ding is, steekt dit qua gruwelijkheid met kop en schouders boven de rest uit. Een militair met een geweer neerschieten is “werk”, een dorp of stad met burgers met gifgas uitroeien is pure volkerenmoord en gewoon te ziek voor woorden.
Peter, je conclusies kunnen kloppen maar je tact is ver te zoeken. Dat kleine beetje compassie dat ons tot een goed mens maakt ontbreekt volledig uit je stukje. En ik denk dat Nian veel meer verdient dan dat. Schrijven over zoiets als dit is heel erg moedig als je het (indirect via familie) mee hebt gemaakt.
@allen,
De beelden van Halabja gingen de wereld over maar pas nadat Irak en Saddam tot doelwit waren gemaakt van de oliehonger van de VS.
Beelden van de honderdduizenden gifgasslachtoffers van de door de VS geleverde gassen Sarin en mosterdgas die tegen Iran werden gebruikt zijn altijd verborgen gehouden.
De opstand van de Koerden werd en wordt vooral gesteund door VS+Israel om het Koerdische deel van Irak los te weken zodat daar het Olierijke Kirkuk door VS maatschappijen ontgonnen kon worden, en voor Israel om Irak te destabiliseren.
Turkije werkte daarom niet mee aan de aanvalsoorlog op Irak, want dat had een te sterke Koerdische staat opgeleverd in het Zuid-Oosten.
Na de invasie was de door VS/Israel gesteunde Koerdische opstand niet meer nodig want de VS hadden dus een nieuwe “regering van Nationale eenheid” gevormd die natuurlijk de olieconcessies aan VS bedrijven wilde verkopen.
De Koerden werden dus bedrogen.
De beelden van Halabja hebben alleen een doel als propaganda om de misdadige en moorddadige oorlog te verkopen aan te misleiden Westerlingen die liever niet willen weten dat zij en hun regering hebben ingestemd met een invasie en de dood van >>650.000 Iraakse mensen met >>1.000.000 verminkten en getraumatiseerden en >>2.000.000 vluchtelingen heeft opgeleverd.
Halabja, het Holocaust excuus voor Bush, Blair en Balkenende.