Weer thuis
Amsterdam Schiphol, dinsdagochtend. We hebben het gehaald. Een paar uur geleden ben ik door Gemma van Royal Jordanian uit mijn bed gebeld. We kunnen mee, om 9 uur. Ik verwachtte hordes mensen en uren vertraging. Maar niets is minder waar. De vertrekhal is zo goed als uitgestorven. Op de borden staat achter de meeste vluchten “cancelled”. Maar die naar Jordanië is ‘on time’. Binnen een paar minuten ingecheckt, geen rij bij de paspoortcontrole, de krantenkiosk en de koffieshop. Geen spoor van de 1300 gestrande reizigers die hier dagenlang bivakkeerden.
Een handjevol gelukkigen meldt zich bij de gate. Achter de balie zit Gemma. Ze ziet er moe uit. De afgelopen dagen heb ik haar minstens tien keer gesproken. En ik ben de enige niet. “Ik houd het nog even vol maar straks stort ik vast in”, meldt ze.
Twee minuten te laat
Ik spreek een aantal passagiers die afgelopen donderdag zouden vliegen. Om 15.30 zouden ze opstijgen. Maar nadat een bagagewagentje tegen het toestel was aangevlogen, moesten enige herstelwerkzaamheden worden verricht. De passagiers zaten al in het toestel. Om 2 over 6 was het euvel verholpen. 2 minuten te laat om nog op te stijgen. Het luchtruim was gesloten wegens de vulkanische as. Het vliegtuig bleef 5 dagen aan de grond en de passagiers moesten even lang wachten. Een groot aantal moet zijn afgehaakt, want het toestel is half vol. Velen hebben blijkbaar afgezien van een trip naar Jordanië of vonden het wat te riskant om het eerste het beste toestel te nemen.
Vulkanisch nieuws
Ook in Jordanië zijn ze er niet blij mee. Elke dag opent de krant op het laatste vulkanische nieuws. In het land zonder veel bronnen van inkomsten, is de komst van toeristen van levensbelang. De Jordaanse luchtvaartmaatschappij Royal Jordanian meldt dat er een verlies van 5 miljoen is geleden. De laatste dagen zijn nog niet meegerekend. Parijs, Londen, Frankfurt, Geneve/Zurich, Brussel en Amsterdam konden niet meer worden bereikt. Zo’n 20000 passagiers zijn niet vervoerd. In de krant wordt melding gemaakt van het feit dat het mar liefst 5 dagen duurde voordat de transportministers telefonisch met elkaar vergaderden. De twijfel rond de noodzaak van de vliegban wordt breed uitgemeten.
Overuren
De informatielijn is overbezet, de website meldt de laatste ontwikkelingen. Mijn buurvrouw Reema heeft het er druk mee. Ze maakt overuren. Als hoofd IT van Royal Jordanian, of RJ zoals iedereen de nationale luchtvaartmaatschappij hier noemt, is zij ook buiten kantooruren bezig alle wijzigingen op het net te zetten. Om de paar uur wordt ze uit haar bed gebeld.
Gevaarlijk
Op het vliegveld in Amman is het rustig. Zoals het meestal is. De gestrande toeristen wachten gewoon in hun hotel. “Komen er nog meer” vraagt de taxichauffeur hoopvol. Deze week heeft hij aanzienlijk minder omgezet nu de reiziger van en naar Europa niets op het vliegveld hebben te zoeken. “En was het gevaarlijk”. Hij kijkt me aan alsof een heroïsche daad op onze naam hebben staan. ‘Moeder en dochter trotseren vulkanische asregen’.
De juffen op de kleuterschool van mijn dochter hebben hetzelfde beeld. “Was je niet bang en heb je het as gezien”. “Geen spoor”, moet ik bekennen. De landing die was pas eng. Een rode stoflaag maakte het land onzichtbaar. Woestijnzand. Na enig gewiebel klom het vliegtuig weer omhoog. Niet echt bevorderlijk voor de gemoedsrust van de passagier met vliegangst. Maar even later staan we aan de grond. “We zijn weer thuis in Jordanië”, roept mijn dochter blij.

Vanuit de Libanese hoofdstad Beiroet schrijft Sander van Hoorn over de problematiek in het Midden-Oosten en alle opmerkelijke gebeurtenissen die hij tegenkomt.
Vanuit Jeruzalem schrijft Monique van Hoogstraten over het conflict tussen Israël en de Palestijnen en het leven in het multireligieuze land.
Reizend verslaggever voor de Arabische wereld Lex Runderkamp verblijft in februari 2012 enige weken in de Iraakse hoofdstad Bagdad en zal vanuit daar regelmatig verslag doen.