Commentaar: Transparante misverstanden
Dus Jannetje Koelewijn deelt het bed met een neurochirurg, die zich – zegt-ie zelf – bijna een huisvriend van de Oranjes kan noemen. Heel transparant. Spijtig dat de Oranjes dat zelf niet weten, maar het leverde wel de scoop op dat prins Johan Friso geen schedelbasisfractuur heeft. Of zou hebben.
Bij de VU laten artsen en verpleegkundigen zich op de vingers kijken door de camera’s van Eyeworks. Heel transparant. Jammer dat de patiënten dat niet altijd in de gaten hebben. Maar we kunnen nu wel op via RTL-4 zien hoe het er aan toegaat op de afdeling Eerste Hulp van het ziekenhuis.
Eis
Transparantie is de mode, Transparantie moet. Het is een eis van de moderne tijd. Zonder transparantie geen democratie. Alleen volledige transparantie stelt de burger in staat te controleren of de arts, de journalist, de politicus naar behoren zijn werk doet.
Maar klopt het? En waar ligt de grens van al die transparantie.
Tegengestelde belangen
Er is een opvallende overeenkomst tussen de NRC-primeur rond prins Friso en de reality soap waar de VU het nieuws mee haalt. In beide gevallen zoeken de verantwoordelijken rechtvaardiging in de ‘zorgvuldige afweging’ die ze hebben gemaakt tussen twee tegengestelde belangen. En daar zijn ze heel transparant in.
Privacy
Om te beginnen NRC Handelsblad. Hoofdredacteur Vandermeersch kwam tot de conclusie dat het nieuws over Friso zwaarder woog dan de privacy van de prins, ook omdat het relatief goed nieuws betrof dat de prins geen schade deed. Daar is iets voor te zeggen. Het ski-ongeval genereerde grote mediabelangstelling en schaarste aan concrete informatie voedde de geruchtenmachine. Dat op zichzelf is een grotere aantasting van de privésfeer dan het ontzenuwen van die geruchten. Daar komt natuurlijk bij dat publieke personen per definitie in de belangstelling staan en iets van hun privacy moeten inleveren.
Toch klopt het van geen kant. Niet de NRC was in eerste instantie verantwoordelijk voor het nieuws, maar de behandelend arts. Het is vooral zijn taak die afweging tussen persoonlijk en publiek belang te maken, in overleg met de koninklijke familie en eventueel, in het verlengde daarvan, de Rijks Voorlichtingsdienst.
Vandermeersch had dan ook kunnen volstaan met een verwijzing naar de Oostenrijkse arts, zonder zich verder het hoofd te breken over de prinselijke privacy. Maar hij was kennelijk niet zeker van zijn zaak. Begrijpelijk, want het bericht is door geen enkele bron bevestigd – behalve dan door de echtgenoot van Koelewijn, Kees Tulleken – geen directe bron. De RVD hulde zich – tot vandaag – in stilzwijgen en de arts ontkent via het ziekenhuis zelfs ooit met de NRC-journaliste te hebben gesproken.
Risico
De krant had er beter aan gedaan te zorgen voor een ondubbelzinnige bevestiging van het nieuws, alvorens het te plaatsen. Met het risico, inderdaad, dat het op straat was komen te liggen en NRC Handelsblad naast de primeur had gegrepen. In plaats daarvan besloot de hoofdredactie tot volledige transparantie: het nieuws werd verpakt in een persoonlijk verhaal van Koelewijn, die nauwgezet verantwoordt hoe ze, als journaliste en met open vizier, de informatie boven water kreeg.
Verantwoordelijkheid
Daarnaast kwam Vandermeersch met een verklaring over de hoofdredactionele afweging die tot plaatsing van het stuk hadden geleid. Zonder bevestiging van het nieuws, moest de krant zijn verantwoordelijkheid nemen. Vandaar de opmerkelijke bekentenis dat bij slecht nieuws de afweging wellicht anders was uitgevallen.
Verwarring
In plaats van helderheid heeft die ‘transparantie’ vooral verwarring opgeleverd. Wekt het stuk zelf al de indruk dat het zwaar leunt op de deskundigheid en de interpretatie van Tulleken, de uitleg van Van dermeersch en de mediaoptredens die daar op volgden, bevestigen dat ondubbelzinnig. Als de Oostenrijkse arts al met Koelewijn heeft gesproken, dan toch vooral via haar echtgenoot, die bij Pauw en Witteman de volgende woorden uitsprak: “Ik zei: Jannetje, zet dat maar in de krant”. Het resultaat is dat Koelewijn vooral haar eigen privacy en reputatie op het spel heeft gezet.
Sleutelwoord
Transparantie is ook het sleutelwoord in de discussie rond het reality programma “Tussen leven en dood’ dat deze week vervroegd in premiere ging bij RTL4. Producent Eyeworks kreeg dagenlang toegang tot de eerstehulp afdeling van het VU Medisch Centrum, dat daartoe met een groot aantal camera’s werd uitgerust. Volgens het ziekenhuis is de privacy van de patiënt ‘voldoende gewaarborgd’ door het medisch beroepsgeheim uit te breiden tot de medewerkers van Eyeworks en een protocol op te stellen dat voorziet in toestemming vooraf van de patiënt. Inmiddels is gebleken – het kan ook niet anders – dat een aantal patiënten pas achteraf is gevraagd of ze bereid waren mee te werken en of ze bezwaar hadden tegen uitzending.
Goodwill
Door mee te werken aan een televisieprogramma wil de VU, aldus bestuursvoorzitter Elmer Mulder, ‘op een verantwoorde manier inzicht geven in hoe een ziekenhuis werkt’. Van belang daarbij het vinden van ‘de balans tussen privacy en transparantie’.
Maar wat levert al die transparantie eigenlijk op? Je kunt wel alles filmen in een ziekenhuis, maar dat levert het publiek geen andere informatie op dan hoe het er aan toegaat op de Eerste Hulp. De kijker kan er niets uit afleiden over het financiële beleid. Hij weet niet of de arts een overbodige ingreep doet of verdient aan het geneesmiddel dat hij voorschrijft. Hij weet niet of het ziekenhuis investeert in zinnig onderzoek of in dure apparatuur. Met andere woorden: de VU legt geen verantwoording af via Eyeworks en RTL, maar probeert goodwill te kweken bij het grote publiek. Dat is geen transparantie, maar een vorm van Public Relations. Maar ja, de term PR biedt geen rechtvaardiging voor aantasting van de privacy. Dus noemen we het gewoon transparantie.
Wie een auto koopt, of een rookworst, hoeft geen kennis te nemen van het productieproces. Als maar zeker is dat je er geen risico’s mee loopt. Het gaat daarbij niet om transparantie, maar om begrippen als normen, regels, wetten, beroepscodes. Die moeten waarborgen dat een autofabrikant geen gevaar op de weg aflevert, dat een worstenmaker niet rommelt met vlees, dat een arts alleen het belang van zijn patiënt voor ogen heeft, en dat een journalist zeker is van zijn bronnen.
Zuiverheid
Transparantie kan daarbij zeker geen kwaad – voor zover het gaat om het blootleggen van belangen die een zuivere beroepsuitoefening in de weg kunnen staan. Maar dat is iets anders dan het publiek overladen met irrelevante informatie. Dat gaat alleen maar ten koste van die zuiverheid.
Wim Fortuyn, redacteur Nieuwsuur

Geachte redactie, Elmer Mulder had het allereerst over ‘hoe professioneel en zorgvuldig het toeging in het VUmc’, niet in een willekeurig ziekenhuis. Dat is een PR argument. En personeel dat gefilmd wordt, is zich bewust en ook geinstrueerd zich voorbeeldig te gedragen. In het zelfde ziekenhuis ben ik ooit verdoofd door n arts die het telkens over ‘hij’ had tegenover zijn collega’s als hij het over mij had. Toen een verpleegster twijfelde of de verdoving om mijn duimnagel eraf te trekken wel voldoende was en de nagel er toch werd afgehaald zei de arts:” Zie je wel, anders had ‘hij’ het wel uitgeschreeuwd”. Ik geloof niet dat dit door de censuur was gekomen. En stel: als er toch een serieuze medische fout was gemaakt, zou Eyeworks dat dan mogen uitzenden? Zou het VU dan nog steeds ‘transparant’ willen zijn?
Managers als Mulder zien patienten als vee waarvan je er t best veel van kan hebben. Ze schermen met woorden als ‘algemeen belang, transparantie en privacy’ en maken ondertussen een promotiefilm over de rug van ‘zijn’ patienten. De man is inmiddels totaal ongeloofwaardig als professioneel en zorgvuldig leider van een ziekenhuis.