Onlangs ontving ik van de heer Barend een klacht over de onevenredige behandeling door de redactie van NOS Teletekst van Israël en Pakistan. ‘Geachte Ombudsvrouw, Helaas heb ik een klacht over berichtgeving van twee berichten op teletekst. Het eerste bericht betrof Israël, zaterdag 26dec. Pagina 131 waarin op de hele pagina werd ingegaan op ingrijpen van Israëlische soldaten in Gaza waarbij volgens Uw bericht 6 doden zouden zijn gevallen, naar achteraf bleek gelukkig slechts 3 doden, ook te betreuren natuurlijk, maar geen rectificatie en niet de aanleiding voor dit terechte ingrijpen. Tweede bericht pagina 137, 4 zinnen slechts. Eerst het noodweer in Marokko en dan zeer summier de bombardementen die Pakistan uitvoert op zijn eigen burgers, waarbij vele vrouwen en kinderen worden en werden gedood. Iets wat mij vele malen ernstiger lijkt.’Geachte Heer Barend,
Ik heb de 2 teletekst berichten waar u aan refereert in het archief van NOS-Teletekst terug gevonden. Wat betreft het aantal doden. U schrijft dat er geen 6 doden te betreuren waren, maar 3 en ‘dat heeft de NOS niet gerectificeerd’. Het bericht dat ik op die datum in het NOS-Teletekst archief heb teruggevonden gaat heel duidelijk over 6 dode Palestijnen bij 2 incidenten: een in Gaza en een op de westelijke oever van de Jordaan. Een nieuwsbericht met precies dezelfde strekking is terug te vinden op de site van de BBC.
Maar ik begrijp dat daar niet het zwaartepunt van uw vraag ligt. U wilt van mij weten of ik het terecht vind dat er op zaterdag 26 december 2009 een hele pagina Teletekst is besteed aan het nieuws uit Israël en slechts een halve pagina aan de bombardementen die Pakistan heeft uitgevoerd, waarbij volgens de NOS ‘zeker 10 mensen om het leven zijn gekomen’. Hoe komen die keuzes tot stand?
Laat ik voorp stellen dat dit een volkomen terechte vraag is die u stelt. Redacties doen hun werk, maar zijn niet onfeilbaar en het is legitiem dat het publiek hen vraagt wat hun afwegingen zijn geweest. Daarbij vind ik het wel belangrijk om uit te gaan van goede trouw. De NOS redactie is niet ideologisch gebonden en probeert onpartijdig en objectief haar werk te doen. Ik heb geen enkele reden om aan te nemen dat het hier anders is gelopen. De prioriteiten die de redactie heeft gesteld, zijn nieuwsprioriteiten en geen voorkeuren.
Toch betekent objectiviteit niet dat het aantal doden bij een gebeurtenis bepaalt hoe groot het nieuws wordt gebracht. Getalsmatige vergelijkingen gaan altijd mank. De impact van een gewelddadig treffen is groter naarmate we ons meer betrokken voelen bij een bepaald land of een bepaalde zaak en naarmate we beter geïnformeerd zijn over de situatie ter plekke.
Maar hoe zit dat dan, hoor ik u vragen. Waar kunnen de kijkers zich aan vasthouden bij het beoordelen van de keuzes die journalisten maken? Zekerheden zijn er niet, maar het selecteren en brengen van nieuws gebeurt wel aan de hand van een paar leidende principes.
1. Het hemd is nader dan de rok. Een ongeval in de eigen straat is oneindig veel belangrijker dan hetzelfde ongeluk op grote geografische afstand.
2. Hoe groot is de emotionele betrokkenheid? De schok van 9/11 was zo groot, omdat de meeste Nederlanders nog steeds een hechte band voelen met de Amerikanen die ons in 1945 hebben bevrijd. Een geweldsescalatie in Oost-Congo met veel meer dodelijke slachtoffers raakt het Nederlandse publiek ook, maar niet in dezelfde mate.
3. Hoeveel informatie is aanwezig? Journalisten willen zorgvuldig hun werk doen. Over de situatie in Nepal om maar eens een land te noemen is weinig bekend en kunnen geruchten over groepen die elkaar naar het leven staan moeilijk gecheckt worden. In dat geval wordt het bericht noodgedwongen kort gehouden.
4. Het schokeffect. Onverwachte gebeurtenissen zijn nieuwswaardiger, dan gebeurtenissen die in de lijn der verwachtingen lagen. Hetzelfde geldt voor afwijkingen van een vast patroon. Journalistiek moet boeien en is daarom een permanent spel met het verwachtingspatroon van het publiek. Bij de overgrote bulk van het internationale nieuws zal de NOS redactie zich afvragen: is hier wel belangstelling voor bij ons publiek?
5. Past de gebeurtenis in een lopend verhaal? Als de kijkers en luisteraars geen aanknopingspunten hebben om de gebeurtenissen te kunnen begrijpen of te duiden (bijvoorbeeld in Afrika), dan is er geen nieuws van te maken. Tenzij het heel groot nieuws is, want dan is er genoeg ruimte om die extra informatie toe te voegen.
Naast deze algemene factoren is het nieuwsaanbod van een bepaald moment of op een bepaalde dag van invloed op de keuzes die worden gemaakt. In ieder programma wil men een mix van binnenlands, buitenlands, economisch of maatschappelijk nieuws brengen. Ook daardoor zal het nooit mogelijk zijn af te dwingen dat vergelijkbare nieuwsfeiten op verschillende dagen, waarbij eenzelfde aantal slachtoffers te betreuren is, evenredig veel aandacht krijgen.
Om terug te komen op uw voorbeeld. Dit speelde zich af op een dag. De redactie van NOS-Teletekst besteedde meer aandacht aan twee geweldsincidenten in Israël, namelijk een hele pagina, dan aan een bombardement door het Pakistaanse leger waarbij meer doden waren gevallen. Hierover maakt men slechts een halve pagina.
De redactie van Teletekst kon het moment niet meer terughalen, maar dat geeft niet, want ik vind de gemaakte keuze zeer verdedigbaar. De betrokkenheid van het publiek bij het conflict tussen Israël en de Palestijnen is groter dan de betrokkenheid bij de pogingen van Pakistan meester te worden van de grensgebieden met Afghanistan. De kennis over het laatste conflict is bij het publiek ondanks de Nederlandse aanwezigheid in Uruzgan veel kleiner dan de kennis over het conflict over Gaza en westelijke Jordaanoever. Over al het nieuws uit Israël is veel makkelijker via openbare bronnen en zegslieden informatie te achterhalen, dan over acties van het Pakistaanse leger in een ontoegankelijk gebied.
Bij deze wil ik u hartelijk danken voor uw klacht, maar ik kan u helaas geen gelijk geven,
Met vriendelijke groet,
Guikje Roethof
NOS Ombudsman