Bericht uit Bakoe – 6
Waar ’s avonds duizenden Azeri’s flaneren in de avondzon, heerst overdag stikhete stilte. De boulevard voor ons hotel is deze morgen dus bij uitstek geschikt voor een ongestoord gesprek met Azar Ahmadov, de hoofdredacteur van Azadliq (‘Vrijheid’), een oppositiekrant in Azerbeidzjan, die het bewind al jaren kritisch volgt. De journalisten van de krant komen daardoor regelmatig in conflict met de machthebbers.
We willen niet dat Azar in de problemen komt door onze ontmoeting en dus hebben we niemand op de hoogte gesteld: bij ITV denken ze dat wij beelden van Bakoe aan het filmen zijn.
Als ik met Azar en de filmploeg een bankje opzoek met uitzicht op de Kaspische zee, worden we gelijk gevolgd door bewakingsbeambten van de boulevard: ze willen niet dat we er filmen. Azar bijt van zich af: de promenade is openbaar terrein en als wij willen filmen, dan mag dat. De bewakers reageren boos en zoeken per walkietalkie contact met hun baas, maar langzaam druipen ze af. Dat is het voordeel van voortdurend in de clinch liggen met de overheid: je weet wel wanneer je écht in je recht staat.
Als we zitten, vertelt Azar hoe zijn medewerkers al jarenlang bedreigd worden: soms per telefoon, soms worden ze in elkaar geslagen. Een enkeling wordt opgepakt en valselijk beschuldigd van bijvoorbeeld drugsbezit. Ook al is het bewijsmateriaal flinterdun, de rechter staat altijd aan de kant van de politie. Azar zelf werd samen met een collega ook door de politie opgepakt. “We werden naar een hotelkamer gebracht waar al twee naakte prostituees zaten. Wij moesten ons ook uitkleden en we werden door agenten gefotografeerd.” De foto’s van het kwartet haalden alle staatskranten en de tv: ‘hier staat Azadliq voor’, was de boodschap.
Of Azar de waarheid spreekt, kan ik niet controleren. Maar als ik de betreffende foto’s op internet zie, word ik onpasselijk. De vernedering is op de gezichten van de journalisten en prostituees af te lezen. Als Azar gelijk heeft, dan zijn dit smerige praktijken.
Volgens Azar heeft de publicatie zijn reputatie beschadigd, maar hij wil door met zijn werk. “We hebben geen keus, we moeten onze stem laten horen. Anders is er geen hoop meer dat Azerbeidzjan ooit democratisch wordt.”
Intussen is Ilham in de zinderende hitte op reportage bij een busstation. Hij maakt een verhaal over onhygiënisch voedsel dat op straat wordt verkocht. De aanleiding voor het verhaal is onduidelijk, maar het is een onderwerp dat Ilham zelf heel belangrijk vindt – hebben wij na 5 dagen gemerkt: te pas en te onpas praat hij over eten en vooral over ‘gezond’ eten.
Tussen ronkende autobussen, schreeuwende marktkooplieden en toeterende auto’s belaagt hij met zijn microfoon een verkoopster van gefrituurd deeg; zij verbergt zich achter een doek zodra ze de camera ziet, maar Ilham blijft haar filmen: hij is een man met een missie. “I am like the police,” zegt hij lachend. Een wat ongelukkige vergelijking, als je bedenkt waar de arm der wet in Azerbeidzjan toe in staat is.
Daarna moet Ilham door naar de persconferentie van de OVSE-afgevaardigde Heikki Talvitie. In een keurig zaaltje in een hotel hangen tientallen journalisten aan zijn lippen. Ze vragen naar Nagorno Karabach en de naderende presidentsverkiezingen. Talvities antwoorden zijn diplomatiek, voorspelbaar en weinig nieuwswaardig: “De OVSE zal de komende verkiezingen in de gaten houden of ditmaal niet gefraudeerd wordt.” Ik vraag me af waarom geen enkele journalist informeert of de OVSE ook de persvrijheid onder de loep neemt. Terwijl Talvities assistent de persconferentie wil afsluiten, stel ik die vraag alsnog. Ik krijg bijval van een Azerbeidzjaanse journalist, die luidruchtig vraagt of de OVSE iets tegen de gevangen journalisten kan doen: “Ik ga met verschillende media praten, ik beloof u dat ik de problemen hier niet onderschat,” zegt Talvitie. Ilham met zijn bandje rent de deur uit, hij moet de deadline halen van het ITV-nieuws.
Opnieuw loop ik de verslaggeefster van Radio Free Europe tegen het lijf. “Ben jij eigenlijk bang voor de regering?” vraag ik.
Ze knikt: “Het is zelfs zo dat ik mezelf censureer. Als de politie een onschuldige vrouw molesteert, dan probeer ik de gruwelijke details zoveel mogelijk weg te laten. Ik vertel het verhaal in afgezwakte vorm, zodat ik niet opgepakt wordt. Ik wil mijn werk blijven doen; als ik in een cel beland, kan ik helemaal niets schrijven.”
Elke journalist in Azerbeidzjan probeert op zijn eigen manier te overleven…






Merkwaardig dat de penis van de man wel gecensureerd is en de borsten van de vrouw niet! Waren de blokjes al vergeven?
En om niet alleen kritiek te geven op de vorm: de inhoud is zeer interessant.
@ Jan : deze foto is afkomstig van de Azerbeidzjaanse politie, inclusief ‘gecensureerde’ lichaamsdelen. Op deze manier zijn de foto’s in de media gekomen.
Als je dit weer leest en wat nu zichbaar is bij de Olympische spelen waar overal gecontroleerd wordt, dan ben ik blij dat ik in een beschaafd land woon.Vrijheid van meningsuitingen is zeer “schoon goed”.
Wat een afschuwelijke praktijken als je dat zo leest…hoe heb je dat wat je allemaal te horen kreeg ‘verwerkt’; wij zitten hier zo onderhand al met klapperende oren, laat staan als je het uit ‘eerste hand’ hoort. Vind ook het stuk over de verslaggeefster van Radio Free Europe interessant…ben zelf bezig met een stuk over vrijheid van meningsuiting en dit was nu juist 1 van de dingen waar ik naar zocht.
Er zijn nog ergere dingen vergeleken met dit verhaal. Kijk nou wat er allemaal in Europa gebeurt. Sommige verhalen bereiken de media niet eens. Bv. in Italie waar verkrachtingen, armoede, criminaliteit, bv in Napoli heerst, wordt er vrijwel niets aan gedaan. Houdt de media zijn mond. Maar als we dit lezen, dan begint iedereen automatisch de mensen of het land zwart te maken. Laat staan wat er in Nederland gebeurt.
“lets not jump to conclusions”