Tour 2012 Een peloton van ganzen en boogschutters
In Visé liep ik de oude bar van de Arbalétiers binnen en stond meteen oog en oog met een gans, gehuld in zwart colbert. Zoiets kan alleen gebeuren in dit boven de Maas verscholen stadje. Visé was voor mij tot niet lang geleden eigenlijk niet meer dan een plaatsnaam op een bord en een paar oude huizen met karakteristiek bollende torens boven de rotswanden. Het was vooral een stadje om langs te scheuren, Nederland net voorbij, als Europa echt begint, op weg naar zuidelijke bestemmingen. Het ware Visé bleef om het op het op zijn Frans te zeggen invisible, onzichtbaar. De Tour maakt het duidelijk in Franse reisgidsentaal: Visé merite une visite. En dan staat die gans daar, als stil kunstwerk in een kroeg, niet ver van het standbeeld van een boogschutter te paard, midden in de rotonde bij de oude Collegiale kerk.
Een paar dagen voor de start heb ik eindelijk eens de afslag genomen waar nu de rode borden zijn gehangen voor de Départ en de parkeerplaatsen voor de pers en de speciale gasten. Vanavond zullen die borden weer verdwenen zijn, maar dan als deel van een hoogtepunt in de municipale geschiedenis. Wat ook ik al bezoeker van het kleine centrum zag was de restauratie van de oude gebouwen die in het begin van de eerste wereldoorlog in woeste Duitse razernij in brand zijn gestoken. Visé zal toch bekend blijven als de plaats van de boogschutters, die Arbalétiers en de hoedster van de ganzen, les oies, met o i e s. Ze zijn historisch met elkaar verbonden als verdedigers van de oude handelsplaats aan de Maas. In Visé werden burgers al in de tiende eeuw uitgerust met bogen. Later verzamelden ze zich in boogschuttersgilden. In 1376 moest Visé zich verweren tegen bisschoppelijke troepen uit Luik. In deze revolte slaagde een dappere ganzenhoedster in om het vijandelijke vaandel te grijpen.
Tourbaas Christian Prudhomme heeft vlak voor de start van de Ronde nog een paar ganzen gestreeld in Visé. Het verhaal van die moedige meid is hem bekend. Hij vindt eigenlijk dat die ganzen niet echt worden geëerd door ze te eten, maar ach, ze zorgen ook voor een delicieuze start in Visé.
Die historische symboliek blijft me bezig houden. Die boogschutters zouden renners kunnen zijn die hun truien verdedigen en de ganzen de media die hun strijd in koor na lopen te kwakken. Maar het kan ook zijn dat de media hun bogen richten op de ganzen die scheef rond waggelen, terwijl hun hoedster hun veren als een rondemiss geel en groen kleurt.






Ah Jeroen,
Geweldig stukje over Visé. Toen ik nog in Limburg woonde heb ik de plaats menigmaal, vaak op de fiets, bezocht, net als Luik.
De historie druipt ervan af.
Roerend.