JAN SMIT OVERLEEFT BOMBARDEMENT
Vlak voor de kerst komen in Rotterdam opnieuw de bommen neer, dik 72 jaar na de aanval van de Duitsers. Het gebeurt tijdens een huwelijksplechtigheid, bij de aarzeling voor een ja-woord. Het is de dramatische climax van ‘Het Bombardement’, de film die Ate de Jong maakte op basis van het historische gegeven van 14 mei 1940. In de voorpubliciteit ging het vooral over de verrassende hoofdrol van de Volendamse volkszanger Jan Smit. Hij blijkt geen oorlogsheld. Dat heeft de regisseur ook niet gewild.
In het najaar van 1998 zag ik in Tuschinski de Nederlandse première van Saving Private Ryan, Steven Spielbergs verhaal over de Invasie van 1944 en het vervolg, voorbij het strand van Normandië – de epische zoektocht naar de enige van de broers Ryan die nog in leven moest zijn in het midden van de oorlogshandelingen van 40-45. In Amsterdam was er een veteraan bij van de Irene Brigade, het Nederlandse onderdeel van de bevrijdingstroepen. Hij had de verschrikkingen van Omaha Beach niet meegemaakt, maar genoeg van wat er plaatsvond in de bevrijdingsoorlog die volgde. Hij zei over de film: ’Het was goed in beeld gebracht. Maar de werkelijkheid was erger.’
Zo is het ook met Het Bombardement. Ate de Jong heeft zich naar waarheid aan de lengte gehouden. De aanval van de Duitse Heinkel HE111-bommenwerpers onder Oberst Wilhelm Lackner duurde zo’n tien minuten, rond half twee, op een mooie, zonnige mei-maandag. Ze wierpen 157 bommen van 250 kilo uit en 1150 van 50 kilo. Ze maakten 800 burgerslachtoffers. 80.000 mensen verloren hun woningen. Het hart van Rotterdam brandde nog lang. Daarna was het een en al leegte, in het centrum dat nu gevuld is met wolkenkrabbers, veel hoger dan die eerste, het monumentale, ongeschonden Witte Huis.
Voor de filmpremière hebben een aantal overlevende Rotterdammers de film al gezien. Mannen en vrouwen die destijds jongens en meisjes waren van amper tien jaar. Ik heb ze voor camera’s zien staan, voor mijn eigen microfoon gehad. Frappant was het, hoe de film hen terug bracht naar die vreselijke middag, tot tranen toe. Ze maakten het deels weer mee, zonder dat ze zich konden herkennen in het filmverhaal.
Zelf kwam ik de zaal in zonder enige bombardementservaring, maar geladen met historische kennis over die nerveuze, angstige meidagen in Nederland. Ik nam ook een hele lading filmische oorlogsbeleving mee, van The Longest Day tot Apocalyps Now, van Soldaat van Oranje tot Zwartboek, stuk voor stuk met hun eigen filmgeschiedenis. Het Bombardement is daar niet mee te vergelijken en dat heeft Ate de Jong ook niet beoogd. Hij heeft een film willen maken voor een jong publiek, met een aansprekend liefdesdrama over een simpele jongen en een dure juffrouw. Daarin blijft Jan Smit goed overeind met zijn eigen Volendamse naturel, maar hij kan het als boksende bakkersknecht onmogelijk halen tegen karakters als Robert Mitchum, Martin Sheen en Rutger Hauer.
Smit is de Nederlandse vedette die nieuw publiek naar de bios moet trekken met een film over hartstocht en bommen. Er zal onvermijdelijk veel discussie ontstaan over de geloofwaardigheid van het verhaal. En ook over het invoelbare credo van Ate de Jong: ‘Het is beter om te vergeven, dan om in haat verder te leven.’
Ook daarom wordt het tijdens en na de kerstdagen interessant om te zien wat het effect is op het jonge volk dat Het Bombardement gaat zien, naast alles van de liturgie over vrede op aarde. Het is de vraag of de geschiedenis van de terreur bij hen net zo treffend aankomt.






Dat gelul van Jan Smit dat iedereen hem zal afmaken, geen enkele criticus zal meer durven omdat dat verwende jong steeds roept dat hij verwacht, afgeslacht te worden, ach ook een manier om een goede recensie af te dwingen. Gewoon beoordelen zoals iedere andere acteur beoordeeld zou worden, toch Jan!