De weblogs van de NOS worden niet langer bijgewerkt.

Voor nieuws Over de NOS kunt u terecht op over.nos.nl.
Voor de overige berichtgeving kunt u terecht op NOS.nl.

In het spoor van zondebok Armstrong

Na zijn bekentenissen aan Oprah is Lance Armstrong een station verder in zijn positionering als zondebok. Afgelopen week zei hij in een interview: ‘Mijn generatie was niet anders dan anderen. De middelen zijn door de jaren heen geëvolueerd, maar feit blijft dat het een harde sport is. Hele harde motherfuckers hebben altijd naar voordelen gezocht. Een eeuw geleden pakten ze de trein, nu is het epo. Geen generatie is uitgezonderd, of schoon.’ In Cyclingnews betoogde hij verder: ‘Ja, ik voel me een zondebok, maar ik begrijp het ook wel. We bouwen allemaal de bedden waarin we slapen.’ De Amerikaan zei dit nog vóór de openbaringen van Michael Rasmussen. In het spoor terug heb ik eigen werk uit de kast gepakt over Michael Boogerd en Erik Dekker.


In het voorjaar van 2002 had ik uitvoerige ontmoetingen met Boogerd en Dekker voor Pijn en glorie van de polder, een bundel vol Hollandse wielerlegenden, beginnend met Theofiel Middelkamp. Vlak voor de start van de Giro d’Italia in Groningen overhandigde ik Michael en Erik elk een eerste exemplaar. Het was vier jaar na de Tour Dopage. Epo was een vaststaand gegeven. Er werd wel gespeculeerd over gebruik door de Rabo’s, maar er waren geen bewijzen, laat staan bekentenissen.
Boogerd had bij onze ontmoeting al een mooie erelijst, met zijn Touretappewinst in Aix-les-Bains (1996) de eindzege van de Catalaanse week (1998), Parijs-Nice (1999), de Amstel Gold Race en andermaal de Catalaanse week in 2001. Zijn grote Tourdag op La Plagne kwam ná de publicatie van het boek, vér voor de gewraakte trips naar Wenen. De Hagenaar was inmiddels een gewezen favoriet voor de Tourzege. Daar was hij klaar mee, met die gekte had hij afgerekend. De fans en de pers hadden hem groter gemaakt dan hij was. Thuis op de bank in zijn toenmalige woonplaats Essen vertelde hij me hoe moeilijk hij het had gehad. In zijn debuutjaar 1994 werd hij ingedeeld bij de slecht presterende lichting die ‘patatgeneratie’ werd genoemd. In 1995 overwoog hij te stoppen, tot er een nieuwe arts bij de ploeg kwam: de vriendelijke Vlaming Geert Leinders.

Boogerd: ‘Ik had het idee dat hij heel erg in mij geloofde. In plaats van “jullie kunnen allemaal niks” en die klote patatgeneratie. Deze man had een realistische kijk op het wielrennen. Ik ben zijn schema’s gaan volgen en kwam in een opwaartse spiraal.’
De eerste vorm van doping bij Leinders was dus vooral psychologisch.
Met Rabobank overleefde Boogerd de Tour Dopage van 1998. Hij eindigde de Ronde als vijfde. Hij pareerde de sfeer van schandalen met zijn eigen Haagse humor. Voor mijn Avondetappe-microfoon zei hij: ‘Ik durf al geen zout meer op mijn omelet te doen, bang om daarop gepakt te worden.’ Hij ontkwam in de gure nasleep van die Tour toch niet aan journalistieke vragen over EPO-gebruik. Dat maakte hem narrig en veel minder humoristisch. Op de bank in Essen pareerde hij ook mijn scepsis: ‘Het is logisch dat je eerst naar je dokter gaat. Dan lees je wat er gevonden is, maar dat kan niet, want daar ben je positief op. Dat staat ook nog eens los van het feit dat het schadelijk is voor je gezondheid, maar daar hoef je het niet eens over te hebben, want je kunt niet iets nemen wat op de dopinglijst staat. Ik kan toch geen nandrolon nemen, want dan ben ik positief. Of je moet heel stom zijn, maar daar hebben we het niet over, dat soort dingen.’
In 1999 wilde Rabobank geen enkel risico nemen in de Tour. Boogerd: ‘Als we dan naar de Tour gingen, zorgden we ervoor dat er ook helemaal niks te vinden was, nog geen eens aspirine.’ Geert Leinders was er officieel ook niet bij als ploegarts, maar dook in Frankrijk wel regelmatig op als privépersoon. Het werd een rampzalige ronde voor Rabobank, ook al omdat Boogerd al in de tweede rit onderuit ging op de Passage du Gois. Ze reden doelloos rond, verloren alle moraal. Boogerd weigerde af te stappen, hoe vaak hem dat ook werd gesuggereerd. In plaats daarvan liet hij in de Pyreneeën een paar goede flessen wijn aanrukken. Die waren voor een avond niet verboden.

2000 werd een persoonlijk rampjaar, ingeleid door een valpartij in de Catalaanse week. Boogerd presteerde daarna ver onder zijn kunnen in de Tour en kreeg weer veel kritiek. Gevoelens van falen, tekortschieten en schuld balden zich samen in zijn hoofd. Hij werd depressief. In de late herfst van 2000 zocht hij de hulp van de Belgische sportpsycholoog Paul Standaert. Begin 2002 kreeg hij pas het gevoel dat hij weer opkrabbelde. Terugblikkend zei hij: ‘Je bent eigenlijk altijd een beetje zoekende. Dat is met de jaren erger geworden. Na 1998 is dat begonnen, ook omdat er zoveel kritiek kwam. Toen heb ik voor mezelf de lat heel hoog gelegd. Op zeker moment ben je op een bepaald punt en dan moet je het consolideren. Dat heb ik overtrokken. Daar ben ik waarschijnlijk van in de ellende gekomen. Alles moest steeds beter. Toen stokte het. Het was einde verhaal. Dan is het niet meer leuk.’
Ik begreep hem en in die geest schreef ik het hoofdstuk. Over EPO hadden we het niet meer, hoewel hij reden genoeg had om er bij Leinders om te vragen.

Erik Dekker kreeg ook alles te maken met de Vlaamse dokter. Leinders legde tijdens de Tour ook bij hem infusen aan met vitaminen en mineralen. Dekker: ‘Het is gewoon bedoeld om het systeem weer in orde te krijgen.’
En EPO dan?
Dekker: ‘Dat is gewoon gevaarlijk. Ik was niet bang. Ik was wel eens bang voor anderen. Op het moment dat het én doping én gevaarlijk is, was het voor mij duidelijk dat het niet de manier was. Dat is het voor mijn niet waard. Er gingen zoveel verhalen over hartdoden. Dat was voor mij een hele goede reden om het buiten de deur te houden. Ik heb wel eens informatie ingewonnen over het effect van EPO en het er met de dokter over gehad, maar voor de rest…’
Kreeg hij toch te maken met een te hoge hematocriet, gemeten bij een gezondheidscontrole voor het WK van 1999 in Verona. De commissie die het onderzocht kwam met de verklaring dat bij de controle een knelband te lang om Dekkers arm had gezeten. In de weken daarna was hij het spoor bijster, kon geen fiets meer zien. Hij trof zijn oude coach Piet Kuys op een vakantie in Mexico. Ze hadden goede gesprekken. Kuus vroeg hem of hij iets had gehad. Hij geloofde Dekkers antwoord. Daarna vroeg hij het niet opnieuw. De Drent kon natuurlijk wel fietsen en kreeg ook meer lef. Dat culmineerde in de drie ritzeges in de Tour van 2000. In 2001 won hij de Amstel Gold Race, andermaal een Touretappe en de Wereldbeker. Hij werd er Sportman van het Jaar mee. De Jaap-Eden-trofee werd hem uitgereikt door Louis van Gaal die hem een voorbeeld voor de jeugd noemde. Zijn vroegere verlegenheid was hij al lang voorbij. Erik Dekker scoorde ook hoog als humorist. Dat leidde tot de serie Hallo met Erik in de Avondetappe.  Geen mens die nog aan EPO dacht onder het lachen.

Inmiddels is die andere Dekker met zijn bekentenissen gekomen. De sfeer is aanzienlijk minder lacherig geworden. De jonge generatie zegt schoon door te willen. Ondertussen moet blijken welk hoofdstukken nog moeten worden geschreven over de oude.

Deel deze pagina

« Terug naar het overzicht


5 reacties op “In het spoor van zondebok Armstrong”

  1. Bert van 't Sticht zegt: 02-02-13 om 16:59

    Goeie column, Jeroen. Ben wel benieuwd wat je er zelf van vindt? Je suggereert in je column dat de oude Rabo’ers zich zeer waarschijnlijk zelf ook aan doping schuldig hebben gemaakt. Wat betekent dit voor het wielrennen: ben je het eens met Armstrong dat doping van alle generaties is? Hoe kijk je nu terug op de gesprekken met Boogerd en Dekker was die periode een toneelstuk?

  2. Ricardo zegt: 02-02-13 om 17:58

    Jeroen, ik zie uit naar meer van dit soort verhalen.

    Even offtopic: zojuist heeft Marianne Vos alweer goud op het WK veldrijden gewonnen. Voor de tweede keer won Matthieu van der Poel, zoon van Adri, goud bij de junioren. Tom-Jelte Slagter won goud in de Tour Down Under. Vos is al jaren ‘onze’ trots bij de vrouwen. Van der Poel is een veelbelovende junior. Slagter een grote verrassing. De NOS zond die wedstrijden niet uit, als je geluk had zag je wat fragmenten. Hoog tijd dat de NOS meer sport serieus neemt en alert an dergelijke prestaties meer zendtijd spendeert.

  3. Jeroen Wielaert zegt: 03-02-13 om 13:11

    @Ricardo, dank! Ik zal m’n best doen…
    @Bert, mijn verhaal gaat over de Kennis van Toen, met de toenmalige opvattingen over het gebruik van EPO. Het was zo’n beetje het maximale wat de jongens konden, of willen vertellen. Parallel loopt de Nederlandse beduchtheid voor EPO-gebruik. Het was wel duidelijk hoe desperaat Michael kon zijn. Het was het type wanhoop wat Thomas Dekker later naar het spul deed grijpen, wat hij ook al openlijk toegaf in zijn eigen boek.
    Het staat vast dat Lance al lang met het spul bezig was, zonder angst. Zijn observaties over de generaties komen wel heel laat uit zijn mond, maar ze zijn al meer dan een eeuw waar. Het is waar: het blijft een onmenselijk zware opdracht. Dat maakt het er allemaal niet minder boeiend om!

  4. Hub Bertrand zegt: 03-02-13 om 16:53

    @Ricardo
    @Jeroen

    Ik kan het niet meer dan eens zijn met jou, Ricardo. Ik heb gisteren gefascineerd gekeken naar Sporza Live (voortreffelijk commentaar van o.a. de trainer en een ploegmaat van Sven Nys) en genoten van het WK Veldrijden langs de boorden van de Ohio.
    Mooie prestaties van – naar ik aanneem – schone Nederlandse wielersporters die het verdienen om aandacht te krijgen. Als het om Van der Poel gaat (25 uit 25!), Vos (3 keer wereldkampioen in één jaar) en Theunissen (upcoming veldrijder) viel te verwachten dat zij om het goud zouden fietsen. Gemiste kans NOS Sport.

  5. Koos Lock zegt: 04-02-13 om 18:08

    Ja, dat is schandalig: afgelopen zondag 4 (vier!!) Nederlandse topatleten gezien op de Vlaamse TV. Werelddklasse…en de NOS, en andere Nederlandse media waren er niet bij..! Wat doet de NOS..praten over voetbal die ze zelf niet mogen uitzenden. Nogmaals schandalig!!

Geef een reactie