Sorry (x 150.000)
Het is nieuws dat je kippenvel geeft, hoe vaak je het ook hoort. Vrouwen, meisjes vaak nog, die hun kind direct na de bevalling verplicht moesten opgeven. Gedwongen adoptie kwam tot voor kort op grote schaal voor in Australië. Eén voor een komen de staten met excuses voor de duizenden levens die ze hebben gebroken.
,,De sociaal werkster vertelde me dat een getrouwd paar het kindje beter kon opvoeden dan ik. Dat ik niet zo egoïstisch moest zijn. Dat ik naar huis moest gaan, mijn leven moest oppakken en het kind vergeten.” Dat was in 1970. De dan 19-jarige Merrilee Moss mag bij wijze van uitzondering haar kindje nog even zien, niet langer dan 1 minuut.
Tussen 1955 en 1982 werden meer dan 150.000 kinderen gescheiden van hun moeder. De slachtoffers waren vaak jonge alleenstaande vrouwen. In het ziekenhuis werden ze gedwongen om hun kind af te staan, omdat het beter zou zijn wanneer die zou worden opgevoed door een ‘normaal’ gezin.
Het is een zwarte bladzijde uit de Australische geschiedenis. Jonge moeders werden aan het bed geboeid, of met heroïne verdoofd om problemen te voorkomen. Hun hoofd werd tijdens de bevalling met een kussen gesmoord of onder een deken gelegd, om er voor te zorgen dat ze hun kind niet zouden zien. Aanraken was helemaal uit den boze, de babies werden direct na de bevalling van de moeder gescheiden en naar een andere ruimte gebracht. Alles om te voorkomen dat moeder en kind zich zouden binden.
Die praktijken duurden voort tot 1982, maar het leed wordt tot de dag van vandaag gevoeld. Dat erkent ook de overheid, nadat de Senaat in februari conludeerde dat de gedwongen adopties niet in de haak waren. New South Wales maakte in september haar excuses voor het aangerichte leed, deze week volgden Tasmanië en Victoria.
Veel moeders hebben hard moeten vechten om erkenning te krijgen voor hun probleem. Ze zijn vaak niet uit op een schadevergoeding, maar op hereniging met hun kind. ,,Je kunt je er nooit overheen zetten. Er bestaat niets om dat gat in je leven mee te vullen”, zegt Lyn Kinghorn.
Lang niet alle slachtoffers hebben iets aan de excuses, hoe noodzakelijk die ook zijn en hoe oprecht ze ook worden uitgesproken. Hoewel de overheid tegenwoordig helpt om de kinderen terug te vinden, is niet iedereen is in staat om na al die jaren de kloof te overbruggen. Judith’s zoon wil bijvoorbeeld niet dat ze contact opneemt. ,,Ik heb mijn hart al 41 jaar openstaan, voor het geval hij ooit nog van gedachten verandert.”
Jo Fraser, van de belangenvereniging voor getroffen moeders, vindt dat er behalve het excuus ook psychische hulp moet worden geboden voor de moeders, de vaders en hun volwassen kinderen. ,,Ze hebben tenslotte een heel ander leven gehad dan ze hadden kunnen en moeten hebben.”

Ik weet hoe het voelt om een kind kwijt te raken. Staten zijn hier te veel mee bezig, via semi-overheidsorganen enz, maar toch. Hulpvraag moet van mensen zelf komen en niet (categorisch) opgedrongen worden door een (semi) staatsorgaan.
“Judith’s zoon wil bijvoorbeeld niet dat ze contact opneemt. ,,Ik heb mijn hart al 41 jaar openstaan, voor het geval hij ooit nog van gedachten verandert.”
Judith…hou je hart open !