Fietsen was er niet bij in de Zee der Stilte, een uur of tien nadat Eddy Merckx in een orkaan van lawaai was binnen gereden in het Bois de Vincennes. Voor Neil Armstrong bleef het bij langzaam uit de Eagle klimmen en dan die ene zweverige stap zetten die zo’n enorme sprong voorwaarts was voor de mensheid. Houston Control had Armstrong niet afgeleid met de mededeling dat er voor het eerst sinds dertig jaar weer een Belg de Tour had gewonnen. De Amerikaanse maanvaarder had meer kennis van dat Mare Tranquilitatis waarin hij was geland dan de afzink van de Tourmalet waarop Merckx zich aan de wereld had getoond als een buitenaardse coureur.
20 juli 1969, vandaag 40 jaar geleden. Een goeie maandag om die dag van de maan terug te halen, gekoppeld aan wat er gebeurde op aarde, in Parijs. In het Centrum Ronde van Vlaanderen in Oudenaarde heeft museumdirecteur Rik van Walleghem er een plezante tentoonstelling over gemaakt: Merckx op de Maan.
Het gaat vooral over parallellen: de diepe passie om een voor onmogelijk gehouden missie te verwezenlijken. Van Walleghem merkt in de begeleidende tekst fijntjes op dat de Belgen destijds meer geloofden in een Amerikaan op de maan dan een landgenoot in het geel. Totdat Merckx zichzelf lanceerde, de latere mentor van die andere Armstrong.
In 1999, toen die maanlanding bijna dertig jaar oud was, maakte Lance Armstrong ook al zoiets onwaarschijnlijks waar: als voormalig kankerpatiënt de Tour winnen. Het leverde een meteorietenregen aan Franse krantenkoppen op vol varianten op het begrip VENU DE LA LUNE, afkomstig van de maan.
Daar sprak nog veel bewondering uit, maar bij het vorderen van het aantal Tourzeges tot het ook al onmogelijke aantal van zeven rees vooral in Frankrijk de hevige behoefte om Lance heel ver het heelal in te schieten.
Bij zijn niet minder onverwachte terugkeer uit dat galactica is het elke Tourdag alsof de man uit Austin met de Eagle is afgezet bij de bus van Astana, stad in de maanvlakte van Kazachstan. Verdwenen is de afkeer, terug de aanbidding.
En nóg zitten Franse journalisten klaar voor een definitieve ontmaskering in de trant van dat verhaal dat Neil Armstrongs maanlanding in scène is gezet tussen een stel Amerikaanse rotsen waar net John Wayne nog bezig geweest. Dat doet ernstig te kort aan een uniek mens. Met epo heeft Lance het verschil niet gemaakt. Zijn controleurs zullen het ook deze Tour niet bij hem vinden, hoe vaak ze hem ook laten pissen.
De Alpen hebben veel duidelijk gemaakt. Terwijl Alberto Contador op de Place Perrin in Verbiers dichter naar de maan vleugelde kwam Lance Armstrong bergop verder terug op aarde. Hij is nog één keer in Frankrijk komen fietsen om af te dalen naar de mensen. De Champs Elysées zullen voor hem geen Zee der Stilte zijn, ook al keert hij er terug zonder gele trui.
“Mooie Berg”
De zon, het asfalt, de hitte en de kalme natuur
De stilte en de droogte en de windvlaag bij de top
De hemel en de aarde, de weidsheid van dit gebied.
En de ambitie van 1 renner, stelt hem op de proef
Er is veel waarop hij wacht
Morgen is het afzien zonder weerga
Hij overdenkt zijn vorm en de wereld
En elke keer dat hij wakker wordt
Hij besluit
Wat een mooie berg
Wat een mooie berg
De straat, de berm, de weg naar boven die siddert
Het gebied hier, ruikt naar historie, de diepte hier is onvervalst
De onzin en de ambitie: ze naderen de grens
De tocht van 1 klim, is hem genoeg
Er is niets wat hem nog belet
Morgen blijft zijn dag
Hij overdenkt zijn vorm en de wereld
En alle keren, dat hij wakker wordt
Hij besluit:
Wat een mooie berg
Wat een mooie berg
Er is veel wat hij verwacht
Morgen is het op volle kracht
Hij overdenkt zijn zorgen en de wereld
En alle keren, dat hij wakker wordt
Hij besluit
Wat een mooie berg
Wat een mooie berg
Het afzien heeft hem in zijn macht
Hij pleegt overspel met zijn kracht
Hij overdenkt zijn ambitie en het nut
Maar alle keren, dat hij trapt
Hij besluit
Wat een mooie dag
Wat een mooie dag
Wat een mooie dag
Wat een mooie dag
Voor de fiets……!!!
Dag Jeroen,
Misschien heb je een mogelijkheid om dit gecicht voor te dragen aan de voora vond van de etappe naar de Mont Ventoux. Misschien kan het gebruikt worden voor De Avondetappe van Mart Smeets.
prachtig stukje schrijfwerk,
Mis wel de zon in dit verhaal, misschien iets om in de afdaling van te genieten,
ben zelf ook weer eens op de de fiets gesprongen en werd na 20 km
gestoken door een wesp die precies in het kraaggat dook, met 33 jarenoud en een jaar niet meer trainen meteen een bosuitje en een klapkuit, of hoe noemde Maarten dat ook alweer…