Tour de France

ALTIJD DE TOUR 18: Stromen

22-7-2009 09:01 Jeroen Wielaert

Het stroomt zoals het stroomt, het water van de bergbeken, overal, ook van de toppen van de Cormet de Roselend en de Col de la Colombière, pieken van vandaag en zo zal het zich blijven uitstorten, eindeloos, lang nadat Kenny van Hummel voorbij is gekomen, van permanente hoogtepunten vandaan tot in de diepten van de schoot van het altijd ontvangende dal, tussen de rotsen door die zich her en der omhoog richten als fallische monumenten.

Zo ontvouwt zich het landschap van de Tour steeds weer als velden van erotiek, tot de climax van de Champs Elysées. Overal zijn het verten vol extase, van verlangen en van vervulling, met dat dagelijkse ritueel van het podium als het opperste vertoon van zedelijkheid. Viriele mannen die een kleurrijk gewaad aan gemeten krijgen met een paar kuise kusjes toe. Zo moet het aan de wereld getoond worden, de rest is voor achter de zwoele schermen, als de truien weer uitgaan. Altijd is het zo geweest. Denk daarbij niet aan broeierig verkeer met de hostessen van het geel.

Het zit in de natuur dat een bergtraject als de etappe van gisteren met die twee cols in het routeboek een zeker Playboyprofiel aannemen, ouderwetse formaten. Het gaat hier niet om sexisme, maar om pure, opwindende schoonheid.

Alles van ontlading is altijd deel van de Tour geweest. Uit de oertijd van de ronde stammen de verhalen van lieverds van losse zeden die hun renners in de nacht zagen wegrijden na twee, of drie dagen rust tussen kolossale etappes. Geschiedenissen van burgemeestervrouwen die bezweken voor de dijen en de glimlach van een zadelridder. De kostelijke oude anekdote van Limburger Jefke Janssen die vlak na de oorlog in een soort vreemdelingenploeg terecht kwam, een kamer deelde met de rare Fransoos Joly en op een morgen een naakte Française aantrof tussen hem en zijn ploegmaat.

Reporter Thijs Zonneveld vertelde op de jongste rustdag over de vrije dames van de Katusha-ploeg, stuk voor stuk gekleed volgens Sharon Stone in Paul Verhoevens Basic Instinct. Een korte rok met korte openheid.

Dat verhaal is er ook van de Vlaming Paul DeMartelaere, een renner uit de tijd van die film, de ploeg van Walter Godefroot, met Peter Winnen. Ze noemden hem Polleke de Poeper vanwege zijn ontembare driften. In 1983 moest hij de Tour verlaten wegens een dom dopingakkefietje. Hij werd toen getroost door een kamermeisje in een hotel in Valmorel. Nóg kon hij goed accelereren, in schone naaktheid. Ze zijn al jaren gelukkig, maar er dreigt lawinegevaar.

Zwetend werd ik vanmorgen wakker bij het laatste verhaal. Ik had het gedroomd. De rest is allemaal waar, want het stroomt zoals het stroomt.

« Terug naar het overzicht


2 reacties op “ALTIJD DE TOUR 18: Stromen”

  1. cisca zegt: 22-07-09 om 15:47

    hoi Jeroen

    mooie droom , het lijkt me toe dat je iemand mist ? maar je verhalen zijn zoals we van je gewend zijn, ondernemend en onderhoudend, leuk
    en kleurrijk, ga zo door en hou nog even vol.

    groetjes, Cisca

  2. EVERHARD zegt: 24-07-09 om 07:45

    Hallo Jeroen.

    Hoe mooi kan een achternaam zijn in de Ronde van Frankrijk. Paul DeMarteleare. Eigenlijk is elke renner een martelaar natuurlijk. Renners die zich elke dag weer kwellen op de franse wegen en bergen. Morgen komt er voor velen de laatste kwelling: De Mont Ventoux. Ik hoop niet dat er een dom dopingakkefietje de kop op zal steken…

geef een reactie