Jeroen Wielaert
Langzaam is het weer wat rustiger geworden op de Place Caramy in het centrum van Brignoles. Gistermiddag beleefde het goede plein voor het eerst de drukte van de aankomst van een Touretappe, een paar straten verder. En zo is er in het algemeen iets veranderd in de geschiedenis van het brave stadje: er is een Brignoles van voor en een Brignoles van na de Tour.
Jeroen Wielaert
RADIO TOUR DE FRANCE, 1939. Als Nederlandse pionier was hij verslaggever en ploegleider tegelijk en hij wist bar weinig van de Tour de France. Joris van den Bergh. Op de late juliavond van een rustdag in 1939 sprak hij in Toulouse het verloop in van de voorgaande Pyreneeënrit waarin de Nederlandse ploeg redelijk sterk overeind was gebleven. Een bijzonder verhaal. Oók omdat het het enige vooroorlogse radioverslag is dat bewaard is gebleven in het archief. Van den Bergh’s relaas duurde destijds ruim twintig minuten en het werd uitgezonden door de VARA. De komende drie weken is het als historisch feuilleton te horen in ‘De Tour Ontwaakt’, in de ochtenduitzendingen van het Radio-1-Journaal (tussen 8.30 tot 9.00).

Jeroen Wielaert
Een sluwe monnik In de kalme gangen van het Hotel Ambassador aan de Avenue Prince Pierre in Monaco hangen fraaie tekeningen van de groten van de weg. Nuvoleri, Caracciola, Fagioli, Dreyfus, Chiron, Williams. Zij waren de helden van de eerste Formule-1-autoraces door de straten van Monaco. 1929 was de eerste. De tijd van onvergetelijke Tourfenomenen als Maurice Dewaele, Nicolas Frantz, André Leducq en Antonin Magne. Er was geen Nederlandse naam bij toen, niet in de auto, laat staan op de fiets. Dat kwam later pas.
Gio Lippens
Alweer Parijs gehaald. Geeft iedere keer een voldaan gevoel, zelfs al is het alweer voor de tiende maal.
Jeroen Wielaert
Het is een stadspark zoals het moet zijn, heel fraai, de Place des Promenades Populle in Roanne. Ik ben er gistermiddag naar de oude muziektent gelopen, zo’n klassiek geval met gietijzeren, witte staanders en een puntdak met krulversiering. Vandaar was het sereen rond kijken over dit wandelpark. Het is heel ruim in het vierkant en mooi groen van platanen, naaldbomen en strak geschoren ligusters en gazons. Er zaten twee geliefden los van de wereld aan elkaar vast gestrengeld. Zo’n park.
Sebastiaan Timmerman
Het was ergens in mei 1995. Ik had net mijn eindexamen HAVO achter de rug en kon mij een zomer lang richten op de sport die ik beoefende en zo verschrikkelijk mooi vond. Het wielrennen.
Redactie Nieuws
De keus voor een restaurant was simpel en begrijpelijk, gisteravond: het moest Manneken Pis worden in Saint Galmier, stadje boven Saint Etienne. Het is de bron van Badoit, water dat er goed in gaat naast de wijn. Ik was er terecht gekomen omdat ik als volger een volger volgde: Ivan Heylen.
Jeroen Wielaert
Er kwam een enorme worst langs boven op het dak van een reclamewagen en meteen moest ik aan de koningin denken. Nee, daarbij verscheen niet het beeld van de vorstin van alle Nederlanders, maar van die mooie meid uit Belfort. Laurianne. Ze reed mee in het commerciële carnaval dat aan de ronde vooraf gaat, in een van de auto’s van het Franse vleeswarenmerk Cochonou, altijd prominent op kop, in rood-wit geblokt tafelkleedjesdesign, voor het gevoel van ouderwets smikkelwerk.
Jeroen Wielaert
Het is klam, koud, stil en halfduister in een kazemat op de top van een berg die op de top veel weg heeft van een maanlandschap. Het was de schuilplaats van Italiaanse partizanen, van eind april tot augustus 1944. De 2e Banda Italia Libera en een detachement van de Brigade Carlo Rosselli.
Gio Lippens
Geachte directie van de NOS, Zomaar even een kattenbelletje van uw trouwe radioverslaggever in de Tour. Ik wil u graag laten weten dat het me goed gaat. Hetzelfde geldt voor mijn collega’s, die net als ik af en toe wel klagen over lange verplaatsingen en soms groezelige hotels, maar die net als ik best blij zijn dat ze in de maand juli niet met vrouw en kinderen op een bloedhete camping aan de Spaanse kust hoeven te verblijven.