New York Times kiest beste Friese restaurant

Afgelopen weekend. Bij de vuistdikke New York Times vol met nieuws, opinies en trends zit eens in het kwartaal het uitgebreide reismagazine. Al bladerend bij een simpele kop koffie droom je weg bij de meest exotische lokaties. Armchair traveling in tijden van recessie. Met een beetje goede fantasie kun je binnen een uurtje exclusief winkelen in Tokio; slapen op het strand van Tobago; een cafecito drinken in Buenos Aires; rondkijken in het schaatsmuseum in Hindeloopen. Het schaatsmuseum in Hindeloopen?
“White Party” heet het artikel, over de “lilliputter-provincie” Friesland (about the size of Rhode Island). Uiteraard gaat het over de elfstedentocht en dat de harten van de Friezen sneller gaan kloppen als de temperatuur daalt. En over het aardewerk van de Koninklijke Tichelaar in Makkum, dat wellicht nog beroemder is in de wereld dan de provincie zelf. (Dat moet een interessante eerste ontmoeting geweest zijn. “Hi, I’m from the New York Times.” – ”Wat sizze jo?”)
Maar naast de bekende atracties heeft verslaggeefster Maria Shollenbarger ook oog voor het subtiele. Ze geeft aan waarom Friesland afwijkt van de rest van Nederland. De provincie heeft niet alleen windmolens, kanalen en “torenlange” mensen. Ook terpen. Die vind je nergens anders in Nederland en vormen het hart van veel Friese steden en dorpen.
En er is veel meer ruimte boven de horizon.
Shollenbarger verbaast zich er over hoe klein alles is. Minidorpjes als Ee, Nes en Moddergat “brengen je gevoel voor schaalverhoudingen in de war.” Door de vlakte van het land lijkt alles in de verte groot. Maar het is klein, schrijft ze. Friesland is “Nederland in Miniatuur”.
Voor de gemiddelde lezer van de New York Times moet Friesland net zo exotisch zijn als Tokio, Tobago of Buenos Aires. Maar als ik de eigenaar van Herberg de Waard in Ternaard of Restaurant Eindeloos in Leeuwarden was dan wist ik het wel. Gelijk bij de advertenties in de krant laten zetten: door de New York Times uitgeroepen tot beste hotel en restaurant van de regio .
Het is niet de eerste keer dit jaar dat New York en Friesland elkaar vinden. Afgelopen september organiseerde de provincie Friesland een speciale Friesland Dag in New York tijdens het New Island Festival. Ook werd toen het Fryslan House geopend in de wereldstad, bedoeld om de provincie op de kaart te zetten. Nu een warm artikel in de New York Times.
Minister Ter Horst: zijn al die ambtenaren toch niet helemaal voor niets overgevlogen.

Ha Sander: drink daar maar een glaasje Beerenburg op!
Fryslan Boppe, Sander, maar dat Fryslan House was nogal een flop(pe).
Wat weten die vette dikkoppige Amerikanen nu van lekker eten. Met hun lege inhoudsloze hebzuchtige, kortzichtige “levens”visie. Zeker een McDonald´s lijstje…
Ik zie de bui alweer hangen “cafecito in Buenos Aires”. NEE, aub ik woon daar en ik hoor de hele tijd al dat gewauwel van die simpele yanks. Wegblijven!! Daarbij moet men ze hier niet!! Opsoutuh
Ik mis cafe Koos te Langweer in het verhaal