Vergeten piloot heeft weer een naam
Het kon niet uitblijven. De onbekende piloot aan het einde van mijn filmpje blijkt toch een naam te hebben. Kort na de uitzending kwam die binnen, in een email van zijn bet-achterkleindochter. Toen wij hem filmden zeiden wij het al: wedden dat er iemand is die wèl weet wie deze onbekende vlieger is?
Helemaal onbekend was hij meteen al niet. Ik stond op 26 februari met Jan Maarten Doorman op het smetteloze ereveld Kembang Kuning en wij keken naar de kaarsrechte witte kruisen en het monument voor zijn grootvader, Karel Doorman. Dat ereveld zelf is eigenlijk één groot monument ‘opgedragen aan allen die niet uit de strijd terugkeerden’, zoals een van de plaquettes zegt. Het is een mooi, maar treurig oord. De plek zelf is de enige troost voor al die overledenen: hier liggen zij ten minste bij elkaar: lotgenoten. Zij zijn nooit helemaal alleen. Want iedere bezoeker die daar komt, bezoekt niet alleen een familielid, maar tegelijk ook alle anderen. Dat is ten minste iets, ook al ben je dood.
Maar buiten de poort van het ereveld begint meteen een andere wereld: de rommelige werkelijkheid van een Indonesische begraafplaats. Alleen de doden die familie hebben die voor ze betaalt, die krijgen hier een schoon en goed onderhouden graf. De oude graven, van allang vergeten doden, worden overgeleverd aan het verval, en aan de geiten.
Daar, in die jungle van grafstenen moet een curieus graf liggen, waarop een Nederlandse vlieger zit, vertelt de jonge Doorman. Maar dat is alles wat hij weet.
Moeilijk te vinden blijkt het niet. De mannen die, tegen betaling, de graven onderhouden kennen het, en een van die mannen brengt ons ernaar toe.
De vlieger zit, in gepeins verzonken, op een bankje op de rand van zijn eigen graf. Alsof hij zelf niet kan geloven dat hij daar nu ligt. Het graf heeft geen naam, alleen een nummer, E340.
‘Hier is het!’ zegt de grafbewaarder trots, en nog trotser zegt hij: ‘Ik heb hem een lik verf gegeven. Van mijn eigen geld!’
De vlieger ziet eruit als een drag queen na een zware nacht. Hij heeft twee zware zwarte strepen op de plaats waar zijn wenkbrauwen hadden moeten zitten, en een toefje roze op de mond. De witte schmink op zijn gezicht is gebarsten en afgebladderd.
Hij ziet er kortom behoorlijk eenzaam en vergeten uit. Ideaal voor het filmpje: dit beeld zegt hoe treurig het is als je wordt vergeten.
Verder ligt het graf er nog opvallend redelijk bij.
Wie ervoor betaalt? ‘Wij allemaal’, zegt de grafbewaarder. Het is duidelijk dat de Indonesiërs op de begraafplaats een zeker ontzag hebben voor dit beeld, en dat zij de geest die erin huist niet kwaad willen maken.
‘Vroeger kwam ‘om Steven’ (oom Steven) hier altijd’, zegt de man, ‘die betaalde ons. Maar hij was al heel oud, en is nu al jaren dood. In 2009 is er nog een keer iemand geweest. Daarna kwam er niemand meer’, zegt de man.
Ik geef hem wat geld en wij vertrekken.
Ik zei het al: helemaal onbekend was hij niet. De jonge Doorman had van het graf gehoord, en historicus Anselm van der Peet heeft ooit ook nog iets gelezen over een ongeluk met een vliegboot. In 1933 of zo.
En na de uitzending komt dan die email, van Selke van der Aa.
De vlieger was Valentin Jan Leder, overgrootvader van Selke’s moeder. Meer vertelt zij ook niet, maar met zo’n naam kun je zoeken.
Leder kwam op 14 april 1932 om bij een ongeluk met een Dornier vliegboot. Volgens sommige berichten tijdens een nachtvlucht, volgens andere gewoon overdag. Het toestel zou met de neus het water in gedoken zijn en in brand gevlogen. Vier mannen kwamen daarbij om.
Veel meer is er niet. Hij was geboren op 10 februari 1900, in Den Helder, en getrouwd met Grietje de Klerk. Zij hadden een dochter die ook Grietje heette. En die trouwde met Dick Swint.
Over zijn activiteiten bij de Marine Luchtvaart Dienst is zo gauw niets te vinden.
Maar hij heeft nu weer een naam. En dat is toch ook wat.




http://kranten.kb.nl/
Zoek op de naam Valentin Jan Leder
Het verhaal wordt steeds completer. Een nieuwe email, ditmaal van Dick Swint, de schoonzoon van de vlieger. Hij schrijft dat niet alleen Valentin Jan Leder hier begraven ligt, maar ook Cornelis Wilhelmus Christiani, Lambertus Jetten en Malo Pandandaheng _ de complete bemanning van de Dornier ‘D26’ vliegboot die op een oefenvlucht op de rede van Surabaya in zee stortte en in brand vloog.
Het monument is geschonken door het marinepersoneel, en ontworpen door officier-vlieger J.W.F.Backer. Voor het beeld heeft een foto van de vlieger model gestaan.
Schoonzoon Swint is in 2006 nog bij het graf geweest. Toen was het beeld al een paar keer overgeschilderd, ‘beklad’ zegt Swint. Desondanks ‘schrokken wij toch weer van de aanblik zoals die werd getoond op de televisie’.
De marmeren plaat met de namen van de slachtoffers is al lang geleden gestolen.
Een prachtig goed document , en respectvolle gedachte naar deze oud marine vliegers.
Complimenten !
Ik heb vanaf mijn 9e tot 15e jaar in Surabaya gewoond (Jl.Tjisedanè nr.3)en mijn school was vlak bij Kembang Kuning aan de Reyeniers Boulevaard(Wim Ploegman/Zaalbergschool). Regelmatig bezocht ik het kerkhof en ik weet 100% zeker dat het beeld van de piloot niet de originele is en ook een stuk kleiner. De originele was volgens mij van brons en veel gedetailleerder, met name o.a. de vliegerskap op het hoofd, de gespbanden die links en rechts hingen tot zijn kin ontbreken, de vliegersbril was groot en zo nog vele andere details.Het huidige beeld heb ik twee jaar geleden voor het eerst weer gezien en gefotografeerd met mijn vrouw die daar bloemen strooide, hoewel zij klein van postuur is, is ze qua grootte iets groter dan het beeld.(zie foto op Onze Plek “Ngobrollen” (Pelitasite)
Deze link bevat een mooi artikel over het monument met een tekening en beschrijving daarvan: http://kranten.kb.nl/view/article/id/ddd%3A010283991%3Ampeg21%3Ap002%3Aa0099